Skip to ContentSkip to Navigation
Expertisecentrum HRM&OBOnderdeel van Rijksuniversiteit Groningen

Expertisecentrum HRM&OB

Faculteit Economie en Bedrijfskunde
Expertisecentrum Human Resource Management & Organisational BehaviourBlog
Header image Expertisecentrum

Impostor-gevoelens: bang om door de mand te vallen

Datum:04 december 2018
Auteur:Sanne Feenstra
Impostor-gevoelens: bang om door de mand te vallen
Impostor-gevoelens: bang om door de mand te vallen

De rol van de organisatiecultuur

Impostor-gevoelens verwijzen naar gevoelens van onzekerheid waarbij mensen denken dat zij minder capabel zijn dan dat ze lijken. Ondanks objectief bewijs voor hun competenties, in bijvoorbeeld de vorm van afgeronde opleidingen, cursussen of goede prestaties, voelen deze mensen zich vaak bedriegers. Ze zijn bang om door de mand te vallen. Bang dat anderen zullen ontdekken dat ze eigenlijk niet zo capabel zijn. Zowel wetenschappelijke literatuur als populaire media duiden dit fenomeen vaak aan met de term impostor syndroom (bedriegerssyndroom). Deze aanduiding leidt er echter toe dat men de oorzaak van deze gevoelens vaak zoekt in het individu en dus de rol van de omgeving negeert. ‘Impostor syndroom’ is echter geen ziekte of psychisch stoornis. Maar waar komen deze gevoelens dan wel vandaan?

Doorgaans ziet men impostor-gevoelens dus als iets wat het individu meeneemt naar de werkvloer. De wetenschappelijke literatuur naar dit fenomeen heeft bijvoorbeeld veel onderzoek gedaan naar de rol van persoonlijkheid en opvoeding voor het verklaren van dergelijke gevoelens. Ook in populaire boeken, tijdschriften en blogs spreekt men vooral het individu (vaak de vrouw) aan en moedigt haar aan om dit ‘syndroom’ te overwinnen. De vrouw wordt verteld dat ze haar angsten moet overwinnen, haar criticus te lijf moet gaan en/of een coach of psychoog moet zoeken.

Het is belangrijk om hier een ander perspectief tegen over te zetten (zie hierover ook mijn vorige blog: https://www.rug.nl/hrm-ob/bloggen/blog-08-02-2018-ben-je-ook-zo-bang-om-door-de-mand-te-vallen-het-impostor-syndroom). In plaats van de aandacht primair te richten op het individu moet er meer aandacht komen voor de rol van de omgeving in het aanjagen van dergelijke gevoelens en onzekerheden. Niet het individu als voorspeller van impostor-gevoelens maar de werkomgeving.

In samenwerking met onderzoekers van IMD-business school en University of Exeter heb ik een onderzoek (vragenlijst) gedaan bij vrouwen werkend in uiteenlopende organisaties en sectoren. Meer dan 200 vrouwen van over de hele wereld deden mee aan dit onderzoek. Zij beantwoordden vragen over hun positie in hun organisatie, hun ervaringen gedurende hun loopbaan en de mate waarin zij zich weleens een impostor voelen op het werk Respondenten gaven bijvoorbeeld aan in hoeverre zij weleens bang waren dat mensen op hun werk erachter zouden komen hoeveel kennis en vaardigheden zij eigenlijk missen. De resultaten van dit onderzoek tonen allereerst de negatieve kant van impostor-gevoelens. Impostor-gevoelens hangen namelijk samen met een lagere werktevredenheid en verhoogde werkstress.

Belangrijker nog zijn de organisatiefactoren die wel en niet samengehangen met impostor-gevoelens. Zo vinden we er geen bewijs voor dat vrouwen hoger of lager in de organisatie verschillen in hoeveel impostor-gevoelens zij ervaren. Ook een lager percentage vrouwen in topposities van de organisatie blijkt maar gering samen te hangen met meer impostor-gevoelens. Wel blijkt van groot belang de ervaringen van vrouwen en hoe zij behandeld zijn of worden door hun collega’s en leidinggevenden op het werk. Vrouwen die aangeven dat zij gedurende hun carrière negatief zijn behandeld, ervaren meer impostor-gevoelens. Zij geven, bijvoorbeeld, aan dat zij gedurende hun carrière in grotere mate niet serieus genomen zijn wanneer zij ideeën naar voren brachten, dat hun bijdrage aan discussies veelal is genegeerd en dat zij vaker niet zijn uitgenodigd voor formele of informele bijeenkomsten. Daarnaast blijkt het ook van groot belang of vrouwen het gevoel hebben zij passen in de cultuur van de organisaties waarin zij werken. Hoe meer vrouwen het gevoel hebben dat zij een outsider zijn, hoe meer impostor-gevoelens zij ervaren. 

Al met al laten de resultaten van ons onderzoek zien dat impostor-gevoelens niet zomaar weggezet kunnen worden als een irrationele angst van vrouwen. Het lijkt daarentegen een reactie op de werkomgeving waarin vrouwen zich bevinden. Het tegengaan van dergelijke gevoelens en onzekerheden is dus niet alleen een taak voor degene die ze ervaart. In tegendeel: organisaties kunnen een belangrijke rol spelen bij het bestrijden van impostor-gevoelens. Door te luisteren naar werknemers, hun ideeën serieus te nemen en werknemers het gevoel te geven dat zij goed passen bij de organisatie, kunnen organisaties een omgeving creëren waar werknemers zichzelf durven te zijn.

Sanne Feenstra (s.feenstra@rug.nl) is PhD kandidaat bij de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de Rijksuniversiteit Groningen. Haar onderzoek richt zich op de onderwerpen macht en leiderschap.