Skip to ContentSkip to Navigation
Expertisecentrum HRM&OBOnderdeel van Rijksuniversiteit Groningen

Expertisecentrum HRM&OB

Faculteit Economie en Bedrijfskunde
Expertisecentrum Human Resource Management & Organisational Behaviour
Header image Expertisecentrum

Toezicht faalt, tenzij vertrouwen en onafhankelijkheid hand in hand gaan

Datum:22 november 2016
Auteur:Floor Rink
Toezicht faalt, tenzij vertrouwen en onafhankelijkheid hand in hand gaan
Toezicht faalt, tenzij vertrouwen en onafhankelijkheid hand in hand gaan

Nu tot grote verrassing van vrijwel iedereen Donald Trump de presidentiele verkiezingen in Amerika heeft gewonnen is het afwachten in hoeverre hij zijn plannen ook daadwerkelijk gaat doorvoeren.

Eén van deze plannen is het terugdraaien van de Dodd-Frank Act, een wet, ingesteld door Obama, om strenger toezicht op de financiële sector te kunnen houden. Trump stelt dat streng toezicht slecht is voor de economie omdat het de banken te veel aan banden legt, het moeilijker maakt voor mensen om leningen te krijgen of huizen te kopen, en het creëren van nieuwe banen tegen houdt. De democraten zijn hier fel tegenstander van – zij zijn bang dat de financiële crisis van 2008 zich zal herhalen als het toezicht weer wordt teruggedraaid, een crisis die vooral de middenklasse hard trof.

Deze discussie roept de vraag op hoe belangrijk toezicht op de bedrijfsstrategieën van organisaties nu eigenlijk is. Los van de mogelijke economische gevolgen, laat psychologisch onderzoek helaas zien dat te veel regelgeving averechtse effecten kan hebben op de beslissingen die mensen nemen; ze worden calculatief, raken gefrustreerd door alle administratieve handelingen die ze moeten verrichten, op begrijpen niet meer precies waarom bepaalde gedragingen eigenlijk niet mogen. 

Toch heeft toezicht wel degelijk een cruciale functie. Het ontwikkelen van bedrijfsplannen blijft mensenwerk, en binnen de meeste organisaties is slechts een kleine groep verantwoordelijk voor deze plannen: het hoger management.  Deze kleine, machtige groep mensen moet dus zeer complexe beslissingen maken waarvan de uitkomsten vaak onzeker zijn. Hierdoor liggen besluitvormingsfouten onoverkomelijk op de loer.

De effectiviteit van toezicht wordt niet alleen bepaald door de inhoud en hoeveelheid van regels –effectiviteit wordt ook bepaald door de relationele verhoudingen tussen de toezichthoudende partijen en de bestuurders die zij moeten controleren. De afdeling HRM & Organisational Behaviour binnen de faculteit Economie en Bedrijfskunde van de RUG is een grootschalig vergelijkend onderzoek gestart naar de effectiviteit van verschillende toezichthoudende partijen en hoe dit kan worden verbeterd.

De verwachting is dat bestuurders meer vatbaar zijn voor toezicht door partijen die zij kunnen vertrouwen (b.v. toezichthouders die dichter bij hun organisatie staan, zoals raden van commissarissen) dan voor toezicht door externe partijen die verder van hen af staan (b.v. centraal gereguleerde overheidsinstanties zoals de Nederlandse Bank). De eerste resultaten van dit onderzoek, uitgevoerd onder managers uit financiële instellingen en toezichthouders, lijken te bevestigen dat topbestuurders meer bereid zijn om de regels van Raden van Commissarissen te volgen dan die van externe toezichthouders - tenzij er een intern conflict heerst. 

Deze voorlopige resultaten hebben belangrijke implicaties voor de toezichthoudende praktijk. Ze laten zien dat mensen alleen bereid zijn hun gedrag aan te passen voor anderen, wanneer zij die ander mogen en vertrouwen. Dit betekent dat het dus ook voor externe toezichthouders, die vooral hun onafhankelijkheid willen behouden, van groot belang is om een vertrouwensrelatie op te bouwen met de organisaties die ze controleren.

Kortom, nieuw onderzoek vanuit de HRM & OB groep geeft aan dat toezicht wel degelijk effectief kan zijn – het controleren van bedrijfsplannen voorkomt inderdaad bepaalde economische ontwikkelingen, maar dat is ook juist haar doel. Er moet alleen naar relatievormen met toezichthouders gezocht worden waarbij vertrouwen en onafhankelijkheid hand in hand gaan. In vervolgonderzoek zal bestudeerd worden welke factoren hiertoe bijdragen, zoals het anders formuleren van regels, andere selectie criteria bij het aanstellen van bestuurders, een andere invulling van de commissaris rol en meer gebruik van interne en externe subcommissies binnen toezichthoudende partijen.

Voor meer informatie of deelname aan dit project, neem contact op met Floor Rink: f.a.rink@rug.nl

Reacties

Reacties laden...