Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsFaculteit WijsbegeerteOnderwijsSamenvattingen van scripties

Klappe, A.N.M.

Vakgroep Geschiedenis van de Filosofie

Reiken naar de ander

Over verantwoordelijkheid en naastenliefde in het werk van Emmanuel Levinas en Paul Ricoeur.

In deze afstudeerscriptie onderzoek ik de vraag of de verantwoordelijkheid van het ik voor de ander in het werk van Levinas en Ricoeur ingegeven wordt door naastenliefde. Ook kijk ik bij beide filosofen wat er op het moment van naastenliefde gebeurt met liefde voor het zelf, met eigenliefde.

De ethiek van Levinas en Ricoeur richt zich op de relatie ‘ik en de ander’. Het ik is verantwoordelijk voor de ander en reikt daarbij naar de ander. Het is bijna niet voorstelbaar dat liefde of beter, naastenliefde, hierin geen rol zou spelen. En toch is op zoek gaan naar de rol van liefde als leidend in de relatie tussen het ik en de ander niet eenvoudig. Veel meer dan op liefde leggen beiden de nadruk op verantwoordelijkheid voor de ander. Bij Ricoeur bewegen we ons in onze verantwoordelijkheid naar de ander omdat de mens het goede in zich heeft en weet dat de ander net als hij sterfelijk en kwetsbaar is. Het is nu de ander die nood lijdt, maar het ik had het zelf kunnen zijn. De ander aan zijn lot overlaten zou zijn alsof het ik zichzelf liet verkommeren. Het ik en de ander zijn gelijken en gelijkwaardig bij Ricoeur. Levinas wijst gelijkwaardigheid en wederkerigheid ten stelligste af. Ik en de ander zijn niet gelijkwaardig. De ander gaat het ik te boven en blijft buiten diens wereld. Of de ander ooit iets terug zal doen is voor Levinas irrelevant. Ik ben, zonder meer, verantwoordelijk voor de ander. Er is voor Levinas geen andere grondslag voor mijn bewegen naar de ander dan het feit dat ik voor hem verantwoordelijk ben.

Naastenliefde of agapè kent twee interpretaties. Een volstrekt onbaatzuchtige en een waarbij ruimte is voor wederkerigheid. In mijn onderzoek heb ik eerder gedaan onderzoek naar de mogelijkheid van naastenliefde in het werk van Levinas door de filosofen Davenport en Katz meegenomen. Zij maken gebruik van de verschillende interpretaties van agapè. Maar uiteindelijk zien we dat zelfs de strenge vorm van agapè in het werk van Levinas geen ruimte heeft. Bij Ricoeur lijkt meer ruimte voor naastenliefde. De ander is gelijk mijzelf wat we ook terugzien in het naastenliefdegebod. Maar het gebiedende is voor Ricoeur problematisch. Reiken naar de ander is gebaseerd op het weten dat de ander mijn gelijke is en net als ik kwetsbaar en sterfelijk en dat maakt dat ik spontaan welwillend naar de ander reik. Niet omdat ik daartoe geboden wordt.

Voor eigenliefde is in het werk van Levinas geen ruimte, in de asymmetrische relatie tussen het ik en de ander gaat de ander het ik altijd te boven. Bij Ricoeur ontwikkelt het zelf zich mede door voor anderen zorg te dragen. Het zelf speelt bij Ricoeur ten opzichte van de ander geen ondergeschikte maar een gelijkwaardige rol.

Laatst gewijzigd:30 augustus 2016 14:50