Skip to ContentSkip to Navigation
OnderwijsStudievoorlichtingMeer keuzeactiviteitenScholierenacademieStudieondersteuningProfielwerkstukAlfasteunpuntCKV/Kunst

Reizen in de 19e eeuw

Reisdagboeken als bron

Nederlanders hebben een reputatie als reizigers. Dat heb je op vakantie vast wel eens ervaren: op de camping in Frankrijk of Italië hoor je altijd wel ergens mensen Nederlands praten, of je het nou leuk vindt of niet! En waarschijnlijk houd je zelf ook wel van reizen! Ja, Nederlanders zijn een reislustig volkje. In de negentiende eeuw was dat niet anders, alleen de manier waarop men reisde verschilde natuurlijk. In plaats van met het vliegtuig of de caravan reisde men per rijtuig. Vind je het interessant om dit verder uit te zoeken? Doe dan een onderzoekje naar reizen in de negentiende eeuw!

Reizen in de 19e eeuw
Reizen in de 19e eeuw

Schrijf je eigen negentiende-eeuwse reisgids!

Reizigers gingen ook in de negentiende eeuw niet onvoorbereid op reis. Ze lazen bijvoorbeeld verslagen van andere reizigers die hen voorgegaan waren. Maar er bestonden ook al echte reisgidsen, zoals wij die nu ook kennen. In deze reisgidsen stonden allerlei praktische tips over vervoer, herbergen, geldsoorten en eetgelegenheden, maar zij bevatten ook beschrijvingen van de belangrijkste bezienswaardigheden. Dit kon van alles zijn: mooie kerken of andere bijzondere gebouwen, kunstgalerieën, collecties van natuurlijke historie (bijvoorbeeld verzamelingen van opgezette dieren of gesteenten en mineralen) en de beste uitzichtpunten om van het landschap te kunnen genieten. De Franstalige reishandboeken van H.A.O. Reichard (Guide des voyageurs en Europe) waren in deze periode ook in Nederland immens populair: Reichard beschreef bijna alle landen in Europa. Maar er bestonden ook plaatselijke gidsen die een enkele streek of stad beschreven.

Ben jij op zoek naar een origineel en creatief onderwerp voor je profielwerkstuk? Maak dan zelf een historische reisgids voor de negentiende-eeuwse reizigers van jouw stad of dorp! Hier voor moet je natuurlijk eerst uitzoeken hoe jouw streek er in de negentiende eeuw bijlag. Kan je negentiende-eeuwse reizigers achterhalen die jouw stad of dorp bezocht hebben? Hun beschrijvingen kunnen helpen bij het schrijven van jouw gids. Welke bezienswaardigheden waren er allemaal? Voor een echte reisgids moet je natuurlijk niet alleen de toeristische trekpleisters achterhalen. Je moet er ook achter zien te komen wat voor herbergen en eetgelegenheden er allemaal waren. Duik dus in de geschiedenis van jouw stad of dorp, misschien kan je wel oude plattegrondjes of afbeeldingen vinden die een beeld geven van het leven in de negentiende eeuw.

De mooiste bron voor een eigen reisgids zijn natuurlijk reisverslagen van negentiende-eeuwse reizigers! Helaas zijn maar weinig van deze reisjournalen gedrukt. Reizigers schreven vaak alleen voor zichzelf of een kleine groep van familie en vrienden en deze verslagen bevinden zich vaak weggestopt in archieven. Gelukkig zijn er de laatste jaren een aantal reisverslagen heruitgegeven die jij gewoon in de bibliotheek kunt raadplegen. Klik hier voor meer informatie over reisdagboeken als bron!

Berglandschap met ruïne (Louwrens Hanedoes)
Berglandschap met ruïne (Louwrens Hanedoes)

Beleving van natuur en landschap

Wil jij iets doen met schilderijen en reizen? Doe dan een onderzoekje naar de beleving van de natuur in reisverslagen en in de beeldende kunsten!

Rond 1800 zag de wereld er nog heel anders uit: er was veel meer woeste natuur, want er waren veel meer plekken die nog niet aangeraakt waren door de menselijke beschaving. Oerbossen, uitgestrekte vlaktes en onbebouwde berglandschappen waren nog heel gewoon. Het klinkt ons nu gek in de oren (wij zijn tegenwoordig immers erg onder de indruk van de weinige vrije natuur die we nog hebben), maar deze ongerepte natuur werd twee eeuwen geleden niet altijd gewaardeerd. Bossen werden bijvoorbeeld ervaren als eng, angstaanjagend en bovendien onveilig. Het waren plaatsen waar struikrovers en ander gespuis zich ophielden. Maar ook de woeste, lege heidegronden van bijvoorbeeld Drenthe konden niet altijd op waardering rekenen. Waar was die dorre en droge grond nou goed voor? Voor landbouw kon zij niet gebruikt worden, de heide was dus nutteloos en de grond kon maar beter zo snel mogelijk in cultuur gebracht worden!

In de negentiende eeuw begonnen deze opvattingen te veranderen. Men ging de onvoorspelbaarheid van de woeste natuur juist waarderen. Dit gebeurde onder invloed van de Romantiek. De kunststroming van de Romantiek legde namelijk de nadruk op het gevoel en de expressie van de kunstenaar. De grillige en ongetemde natuur was een mooie manier om de onrustige gevoelens van de romanticus uit te beelden. De verheerlijking van de natuur nam bijna religieuze trekken aan: de romantische kunstenaar voelde zich aangetrokken tot het mysterieuze, tot datgene wat de menselijke ratio niet kon bevatten. De pure en ongetemde natuur werd afgezet tegen de rationele wetenschap en techniek. Woeste berglandschappen, donkere bossen en overgroeide ruïnes werden terugkerende motieven in de schilderkunst. Bekijk de schilderijen bij dit item maar eens!

Het icoon van de romantische natuurbeleving: Caspar David Friedrich
Het icoon van de romantische natuurbeleving: Caspar David Friedrich

Vergelijk deze schilderijen eens met de natuurbeschrijvingen uit de reisverslagen. Zie je deze nieuwe waardering van de ongerepte natuur ook hier terug? Hoe beschrijven Van Lennep en Van Hogendorp de heidevelden van Drenthe? En hoe schrijft Bake over het woeste gebergte in Zwitserland?

Je zou in jouw profielwerkstuk de natuurbeschrijvingen uit de reisverslagen kunnen vergelijken met de schilderkunst uit deze periode. Maar je kan je ook alleen op de landschapschilderkunst richten. Hoe vertaalden de romantische kunstenaars hun ideeën over de natuur op het doek? Je zou een analyse kunnen maken van kleurgebruik en thematiek bij een aantal (Nederlandse) schilders. Je zou ook een vergelijking kunnen maken met het icoon van de Duitse romantische schilderkunst: Caspar David Friedrich. Zijn er verschillen tussen de manier waarop Duitsers en Nederlanders de natuur verbeelden? Zou dat te maken kunnen hebben met het eigen nationale landschap? Het Nederlandse, vlakke landschap is immers veel minder spannend en woest dan het Duitse berglandschap!

Trekschuit in de 19e eeuw. Hoe veranderde de komst van de trein en telegraaf de belevingswereld van mensen?
Trekschuit in de 19e eeuw. Hoe veranderde de komst van de trein en telegraaf de belevingswereld van mensen?

Van trekschuit naar trein

Lijkt het je juist interessant om uit te zoeken hoe mensen reisden in de negentiende eeuw? Lees dan het boek Een nieuwe wereld. Het ontstaan van het moderne Nederland van de Groningse architectuurhistoricus Auke van der Woud. In 2007 won hij hiermee de prijs voor het beste geschiedenisboek. Met dit boek als bron kan je onderzoeken welke veranderingen de komst van de trein en de telegraaf te weeg brachten. Want hierdoor veranderde de manier van reizen behoorlijk!

Rond 1800 reisde men nog per postwagen (rijtuig), trekschuit en veelal te voet. Dat betekende dat reizen veel tijd kostte. Men deed er bijvoorbeeld twee hele dagen over om de afstand van Groningen naar Zwolle af te leggen! In de loop van de negentiende eeuw veranderde dit. De razendsnelle technologische ontwikkelingen maakten nieuwe en snellere vormen van transport mogelijk. De eerste treinsporen werden aangelegd, er werden kanalen gegraven, de stoomkracht won het van de spierkracht en reizigers konden zich opeens veel sneller en comfortabeler verplaatsen van A naar B. Deze veranderingen in infrastructuur, mobiliteit en communicatie betekende voor tijdgenoten ook een enorme mentale verandering. De wereld werd opeens heel anders ervaren: zij werd in zekere zin kleiner. Leefde men eerst binnen de gesloten kring van dorp of stad, vanaf 1850 lag door de komst van de telegraaf, de oceanliner en de trein opeens het hele land, zelfs de hele wereld, aan hun voeten. Dit moet een enorme omslag in denken met zich meegebracht hebben. Vind je dit interessant? Neem de transportrevolutie als onderwerp voor jouw profielwerkstuk!

Je kan dan bijvoorbeeld uitzoeken hoe de manier waarop mensen dachten over tijd en ruimte veranderde. Vergelijk hiervoor het verslag van Bake of Van Lennep met een reisverslag van na 1850. Gebruikt men na 1850 andere vervoersmiddelen? Wat schrijft men daarover? Werden al deze ontwikkelingen gezien als een vooruitgang of was er ook kritiek?

Of onderzoek wat de komst van de spoorwegen jouw eigen stad of dorp gebracht heeft! Is er een treinstation bij jou in de buurt? Wanneer is dat aangelegd? Wat voor veranderingen bracht dat met zich mee, bijvoorbeeld op economisch gebied?

Je zou ook een vergelijking kunnen maken met de huidige situatie. Is deze negentiende-eeuwse transportrevolutie vergelijkbaar met de huidige ontwikkelingen op het gebied van internet en de digitale technologie? De komst van het internet verandert immers ook onze leefwereld en onze opvattingen over tijd en (virtuele) ruimte…

Vragen of interesse?

Heb je nog vragen over hoe je dit onderwerp nu precies voor je profielwerkstuk kunt gebruiken, of heb je een andere vraag? Mail dan naar: alfasteunpunt@rug.nl

Vind je dit een leuk onderwerp, dan is de studie Kunst, Cultuur en Media, Kunstgeschiedenis of Geschiedenis misschien wel wat voor jou!

Laatst gewijzigd:05 september 2017 14:12