Skip to ContentSkip to Navigation
founded in 1614  -  top 100 university
Over ons Faculteit der Letteren
Header image Uit de collegebank geklapt

Van naamvallen tot afko’s

Datum:02 juni 2026
Bachelorstudent NTC Maud van der Haar
Bachelorstudent NTC Maud van der Haar

Toen ik voor de eerste keer tegen mijn ouders zei dat ik college had op de harmo, kreeg ik verbaasde blikken terug. Ze hadden deze afko van Harmoniegebouw namelijk nog nooit gehoord en zouden hem zelf ook nooit gebruiken. Taal verandert. Wat je daar ook van vindt: het is niet tegen te houden. Zelf vind ik taalverandering één van de leukste onderwerpen om over te leren en te praten. Het is namelijk echt van alle tijden en iedereen heeft er mee te maken. Gelukkig gaat het vak Nederlands toen en nu specifiek over taalverandering, maar het komt ook tijdens andere vakken van de studie Nederlands aan bod. 

Allerlei meningen

Er zijn genoeg mensen die een enorme hekel hebben aan taalverandering. Afko’s, Engelse termen en straattaal halen bij deze mensen het bloed onder de nagels vandaan. Ergens snap ik dat heel goed. Het klinkt heel eng wanneer iemand op sociale media roept dat de Nederlandse taal over 50, 100 of 200 jaar niet meer zal bestaan omdat het Engels alles zal overnemen. Dit heb ik echt meerdere keren gehoord en als dat echt zo zou zijn, zou ik het ook ontzettend jammer vinden. Taalverandering kan echter ook iets heel moois zijn. Ik ben persoonlijk erg blij met het feit dat naamvallen in het Nederlands over het algemeen de tand des tijds niet hebben doorstaan. Ze bestaan dus nog wel in sommige ouderwetse uitdrukkingen, maar het schrijven van een blog is echt een stuk makkelijker wanneer je daar nauwelijks over na hoeft te denken.

Het is alleen niet zo dat ik fan ben van elke verandering. Voordat ik Nederlands ging studeren, heb ik een jaar volledig in het Engels gestudeerd. Ik begon steeds meer Engelse woorden te gebruiken en mijn spelling van Nederlandse woorden werd daardoor steeds slechter. Ik moest steeds langer nadenken over samentrekkingen, meervoudsvormen en zinsopbouw en dat zijn precies de anglicismen waar ik me aan kan storen. Het idee dat steeds meer mensen daar moeite mee hebben, vond ik zo zonde dat ik deels daarom Nederlands ging studeren. Ik snap echter wel dat de Nederlandse taal altijd al verandering heeft ondergaan en dat ook altijd zal blijven doen. Het is daardoor echt onmogelijk tegen te houden. Tijdens het vak Nederlands toen en nu hebben we bijvoorbeeld een brief gelezen van een man die ongeveer 300 jaar geleden in Nederland leefde. In die brief had hij kritiek op zijn landgenoten omdat ze de Nederlandse taal volgens hem aan het verbasteren waren. Nederlanders gebruikten volgens hem te veel leenwoorden uit het Duits en het Frans en hij wilde daar een stokje voor steken. Tegenwoordig gebruiken we zo veel Duitse en Franse leenwoorden dat ze niet meer weg te denken zijn uit de Dikke van Dale. Ik begrijp het probleem überhaupt niet want ik zit sowieso dagelijks aan mijn bureau, vrij cliché voor een student. Zijn verzet was dus duidelijk tevergeefs.

De jeugd van tegenwoordig

Taalverandering zegt veel over ons als mensen. Daarom vind ik het ook zo leuk om die veranderingen te bestuderen. Tot de 19e eeuw was er bijvoorbeeld geen standaardspelling van het Nederlands waardoor het tot die tijd heel makkelijk te achterhalen was waar de schrijver van een tekst vandaan kwam en in welke periode die tekst geschreven was op basis van de spelling en grammatica. Het is niet verrassend dat er juist in de 19e eeuw een standaardspelling ontstond. In deze eeuw gebeurde namelijk van alles: Nederland kreeg haar eerste koning en maakte zich daarna vrij van het Franse bewind. Dit zorgde voor een behoefte aan nationalisme en natievorming en wat creëert nou meer saamhorigheidsgevoel dan met zijn allen precies dezelfde taal te spreken en te schrijven? 

In de afgelopen 150 jaar is de standaardspelling van het Nederlands vaak veranderd. Zo spreken we bijvoorbeeld tegenwoordig niet meer de Nederlandsche, maar de Nederlandse taal. Inmiddels is deze Nederlandse taal al een hele tijd vrij stabiel. Ook al veranderen de woorden die we gebruiken nog steeds en zal dat ook altijd zo blijven. Ik gebruik bijvoorbeeld best vaak andere woorden dan mijn ouders. Toen een paar geleden scrunchies heel populair waren, liet ik dat aan mijn moeder zien en zei ze: “Frutsels! Die droeg ik ook vaak toen ik jouw leeftijd had.” Omdat de trend een paar geleden uit Amerika was overgewaaid, kende ik alleen het Engelse woord. Ook het woord van het jaar is een goed voorbeeld van de manier waarop de taal verandert. De woorden die we vaak gebruiken, staan in direct verband met de dingen die we meemaken. Zo was anderhalvemetersamenleving het woord van het jaar in 2020. In 2025 was dit hallucineren, maar dan met een nieuwe betekenis: het door chatbots verstrekken van onjuiste informatie gebaseerd op onbetrouwbare bronnen. 

Alles aan taal is intrinsiek verbonden met waar wij als mensen zich mee bezig houden. Dat is wat het zo bijzonder maakt. De woorden die we gebruiken zijn een weerspiegeling van de dingen die wij belangrijk vinden. Zolang wij blijven veranderen, verandert de taal gewoon met ons mee. 

Tags: Taalkunde

Reacties

Reacties laden...
Deel dit Facebook LinkedIn