Skip to ContentSkip to Navigation
Society/businessScholierenacademieStudentsProfielwerkstukExploring and setting up

Aardrijkskunde

Wil je een profielwerkstuk schrijven voor Aardrijkskunde, dan onderscheiden we grofweg twee vakgebieden: de geografie en de planologie.

Geografie

Geografisch onderzoek doen

Het uitvoeren van een geografisch onderzoek wordt vaak als ingewikkeld ervaren. Dit heeft als grootste reden dat geografie veel raakvlakken heeft met andere onderzoeksvelden, zoals sociologie, economie, demografie en (culturele) antropologie. Het raakvlak is echter altijd gerelateerd aan de locatie. Waarom is, bijvoorbeeld, dat economische fenomeen nou juist daar te vinden? Heeft dat te maken met een cultureel of politiek fenomeen dat ook op die locatie te vinden is?

Het bovenstaande is breed omschreven, daarom volgt een concreter voorbeeld. Het CBS zegt dat er een winkelleegstand van 29,3% is in de gemeente Pekela in de provincie Groningen in 2017. Aan de ene kant is dit economisch, maar aan de andere kant is er raakvlak met geografie, want waarom is het nou juist in de gemeente Pekela zo hoog? In je PWS zou je kunnen duiken in de politieke, culturele en demografische achtergrond van de gemeente, om daaruit je conclusie te trekken.

Relatieve verklaarbaarheid en schaal

Jammer genoeg brengt het bovenstaande voorbeeld ook weer een probleem met zich mee. Namelijk, dat je je alleen toespitst op één gemeente, terwijl oorzaken van winkelleegstand ook op nationaal en internationaal niveau kunnen liggen. Het probleem is dus dat je verklaring voor een verschijnsel altijd relatief, onder andere aan schaal. Dit kan vervelend zijn, maar er is een oplossing voor dit probleem. Deze is het beknopt opstellen van je probleem-, doel- en vraagstelling. Als je duidelijk stelt dat je alleen op gemeentelijke schaal gaat zoeken naar oorzaken voor winkelleegstand in Pekela, dan hoef je geen aandacht te geven aan nationale en internationale oorzaken. In geografisch onderzoek is het dus erg belangrijk dat je de kaders van je onderzoek duidelijk vaststelt. Het maakt het nog makkelijker als je deze kaders onderbouwt met enkele argumenten.

Hoe doe je dan geografisch onderzoek?

Er zijn verschillende onderzoeksmethoden mogelijk bij geografisch onderzoek. Aan het kwantitatieve uiterste van het methodespectrum kan je bijvoorbeeld bestaande CBS-data gebruiken om daarmee statistische toetsen te doen. Bedenk en kijk eerst goed of de benodigde data beschikbaar is en dat je daarmee de statistische toets kan doen die je wil doen. Aan het andere uiterste van het spectrum heb je bijvoorbeeld diepte-interviews. Je kan literatuur gebruiken om een brede hypothese op te stellen die geldig is voor een groter gebied. Je kan daarna met interviews toetsen of de hypothese ook geldig is voor een bepaalde wijk, stad of gemeente. Tussen deze extremen bestaan meer methoden, waarvan er ook enkele beschreven staan op onze site.

Kortom, geografisch onderzoek doen kan op veel verschillende manieren. Dat is dan ook precies waarom je je onderzoek erg goed af moet bakenen en je een duidelijk doel moet stellen!

Planologie

Wat houdt planologisch onderzoek doen in?

Op wat voor manier staat het in de geschiedenis geschreven dat bepaalde aardse of humane eigenschappen op een bepaalde locatie te vinden zijn? Wat is bijvoorbeeld het demografische profiel van een wijk? Wat voor conclusies kan je trekken als je weet waarom iets precies daar is? Hoe willen we dat een plek er uit gaat zien en welke functies willen we dat die plek krijgt? Zeker in Nederland zijn deze vragen belangrijk, want zoveel ruimte hebben we hier niet. Kortom, planologie gaat over bedenken, maken, ontwerpen, en problemen oplossen.

Making places better together

Making places better together’ is de slogan van de afdeling Planologie van de RUG. Het gaat eerst om maken, zoals boven al genoemd, en daarna om ‘places’. Deze term is belangrijk, want in de wetenschap is place niet zomaar iets. Het is een stuk ruimte waaraan bepaalde waardes worden gehecht door individuen of groepen. Op deze manier worden places gebruikt om je mee te identificeren. Hoe kun je zoiets veranderen en tegelijk verbeteren, terwijl de waarde die gegeven is aan die plek per individu verschilt? Kun je dat unaniem doen, dat iedereen er tevreden mee is? Dat is moeilijk, daarom doe je dat samen, ‘together’.

Deze uitweiding over een slogan staat hierboven omdat er antwoord wordt gegeven op de vragen wie, wat, hoe en waarom en dat is precies wat jij ook wil doen in een planologisch PWS. Er is alleen geen antwoord op de vraag wanneer en dat is wel belangrijk. Met planologisch onderzoek kan je qua tijd twee kanten op: naar het verleden of naar de toekomst. Wat spreekt jou het meeste aan? Onderzoek naar hoe iets is gedaan of onderzoek naar wat de mogelijkheden zijn? Wij adviseren je om één van de twee te kiezen voor een planologisch onderzoek en om dit vervolgens strak af te bakenen. Zo blijf je doelgericht in je onderzoek.

Planologisch onderzoek naar wat gedaan is

Een onderzoek naar iets in het verleden gaat meestal als volgt. Er is een ruimtelijke ingreep geweest, omdat er een probleem was. Met de ingreep is geprobeerd dat probleem op te lossen. Wat je dan gaat doen is een uitgevoerd plan evalueren en kijken of het probleem daadwerkelijk opgelost is. Ten eerste moet het dus meetbaar zijn dat het probleem opgelost is of niet. Dit kan lastig zijn omdat doelstellingen vaak vaag geformuleerd worden door planners. Dit kan een politieke reden hebben, namelijk dat niemand echt als schuldige aangewezen kan worden als het plan niet goed uitpakt. Ten tweede zijn sommige problemen erg complex of ongestructureerd. Met dat laatste wordt in de planologische wetenschap bedoeld dat een oplossing een ander probleem met zich meebrengt en dat er dus geen totaaloplossing bestaat. De Engelse term hiervoor is ‘a wicked problem’. Denk bijvoorbeeld maar aan windmolens. Die zijn een duurzame energiebron, maar ze vervuilen voor sommigen ook de horizon en kunnen voor geluidsoverlast zorgen: de oplossing voor het ene probleem brengt een andere problemen met zich mee. Veel mensen hebben een verschillende mening welke probleem het belangrijkst is en die verschillende mensen hebben vaak ook een verschillende machtspositie.

Planologisch onderzoek naar wat er verbeterd kan worden

Planologie gaat, zoals eerder omschreven, om het beter maken van bepaalde plekken. Vaak is het het beste om een probleem uit je eigen omgeving te vinden. Dit heeft meerdere redenen, maar één is het belangrijkste. Het is namelijk niet zo dat een overheid zomaar kan bepalen wat er gaat gebeuren, zoals vroeger meer het geval was. In de hedendaagse planologie staat participatie van de bevolking en het creëren van draagvlak hoog op de prioriteitenlijst. Onderzoeken wie er kan participeren of hoe je draagvlak kunt creëren is nou eenmaal makkelijker als je bekend bent met de omgeving. Verder kan het ook zijn dat iets in je eigen omgeving ook meer je interesse trekt, omdat jijzelf, je familie en buren er gebruik van zullen maken en het hun leven fijner of gemakkelijker maakt. Welk stukje openbare ruimte bij jou in de buurt kan volgens jou verbeterd worden? Wat zou je daar willen zien? Wat zouden andere mensen die daar wonen daar willen zien?

Als je nog vragen hebt over planologie of geografie en over het maken van een PWS met een geografisch of planologisch onderwerp, dan zijn we te bereiken via gammasteunpunt rug.nl.

Laatst gewijzigd:22 oktober 2019 11:38