Skip to ContentSkip to Navigation
About us Faculty of Law Law for society
Header image Recht en samenleving

Landjepik, de gelegaliseerde diefstal van grond en de zoektocht naar mogelijke oplossingen

Datum:20 juni 2017
Auteur:Mr. Björn Hoops, LLM, en prof. mr. dr. Leon Verstappen
Leon Verstappen (l) en Björn Hoops
Leon Verstappen (l) en Björn Hoops

Landjepik, diefstal van land, gebeurt vaak in Nederland. Een huiseigenaar trekt bewust maar onopgemerkt een strook gemeentegrond bij zijn tuin of verplaatst het hek op het land van zijn buurman. Een boer vergroot bewust zijn akker door een deel van de grond van zijn buurman bij zijn land te ploegen.

Maar weinig mensen realiseren zich dat het ‘slachtoffer’ van landjepik 20 jaar later zijn eigendom verliest als hij zijn grond in de tussentijd niet opeist. De dief wordt beloond met de eigendom van de gepikte grond. Dat staat sinds 1992 in ons Burgerlijk Wetboek en wordt door juristen verjaringsverkrijging genoemd.

Landjepik heeft recentelijk ook ons hoogste Nederlandse rechtscollege, de Hoge Raad der Nederlanden, bezig gehouden. In een uitspraak van 24 februari 2017 heeft de Hoge Raad slachtoffers van landjepik een flinke steun in de rug gegeven. Het ‘onteigende’ slachtoffer van landjepik krijgt na die 20 jaar nog een tweede kans. Zodra hij weet dat zijn grond is gepikt, heeft hij nog eens 5 jaar de tijd om de teruggave te vorderen. In ieder geval heeft hij maximaal 20 jaar na het verlies van zijn eigendom de tijd om te reageren. Dat betekent dat hij minimaal 25 en maximaal 40 jaar nadat de dief het land in bezit heeft genomen de tijd heeft om op te treden.

Vooral bij gemeenten die vaak slachtoffers van landjepik zijn, is dit arrest goed gevallen. Is alles in orde nu de Hoge Raad de gemeenten en andere eigenaars helpt in de strijd tegen de onrechtvaardige verrijking van landjepikkers? Geenszins. Landjepik en verjaringsverkrijging in het algemeen leiden nog steeds tot allerlei problemen. Verjaringsverkrijging wordt doorgaans niet geregistreerd bij het Kadaster waardoor de grondboekhouding de voormalige eigenaar nog als rechthebbende laat zien. Als je daarop afgaat en vervolgens van de voormalige eigenaar koopt, word je toch geen eigenaar hoewel je te goeder trouw bent. De beslissing van de Hoge Raad versterkt deze rechtsonzekerheid ook nog eens omdat de ‘tweede kans’ voor de eigenaar de landjepikker bepaald niet stimuleert om zijn verkrijging te registreren.

Landjepik dat wordt beloond, leidt tot rechtsonzekerheid, burenruzie en wantrouwen in de bescherming van eigendom. Moeten we daarom verjaringsverkrijging naar aanleiding van landjepik dan maar afschaffen? Zo makkelijk is het helaas niet. Als een eigenaar zijn grond 20 jaar lang verwaarloost en toelaat dat een ander zijn grond gebruikt, hebben wij allemaal dan niet een belang erbij dat de grond wordt herverdeeld? Heeft de landjepikker die de grond op een maatschappelijk wenselijke manier heeft gebruikt, niet een morele aanspraak op de grond? Vraag eens mensen die slecht onderhouden gemeentegrond bij hun tuin hebben getrokken en de grond vervolgens jarenlang keurig verzorgen. Als zij na verloop van jaren een brief van de gemeente krijgen met het verzoek om de grond af te staan, voelen zij zich zeker niet als een betrapte dief. Zij denken dat de gemeente hun grond wil afpakken.

De Gratamastichting heeft een van de mede-auteurs, Björn Hoops, een subsidie toegekend om onderzoek te doen naar landjepik. Björn gaat in kaart brengen hoe groot het maatschappelijke probleem ‘landjepik’ daadwerkelijk is door te onderzoeken hoe vaak en in welke contexten landjepik en verjaringsverkrijging plaatsvinden. Daarnaast gaat Björn op zoek naar instrumenten waarmee wij het huidige systeem kunnen verbeteren. Hiervoor heeft hij met dr. Ernst Marais van de Universiteit van Johannesburg (Zuid-Afrika) een internationale groep van experts opgericht die aan de hand van de regels en ervaringen in hun landen over verbeteringen gaan discussiëren.

Wij weten de antwoorden op de boven gestelde vragen nog niet en onderzoek alleen kan het probleem van landjepik ook niet oplossen. Wij vinden dat een maatschappelijk debat nodig is over verschillende vragen. Welke waakzaamheid mag van grondeigenaars verwacht worden? Kan een dief de eigendom ‘verdienen’ door de grond op een maatschappelijk wenselijke manier te gebruiken? Deze en andere vragen zijn zo fundamenteel dat de beantwoording ervan niet kan worden overgelaten aan alleen juristen.

Björn Hoops, Promovendus en docent notarieel recht Leon Verstappen, Hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder notarieel recht Faculteit rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen