Skip to ContentSkip to Navigation
Rijksuniversiteit Groningenfounded in 1614  -  top 100 university
Over ons Faculty of Science and Engineering Nieuws

Waarom zeehonden met hun snorharen wiebelen

25 maart 2026

Zeehonden zijn zeezoogdieren die prima zijn uitgerust voor het jagen op vis onder water, waar het zicht slecht is. Daarom vertrouwen zeehonden op hun zeer gevoelige snorharen, waarmee ze het spoor van minimale turbulenties oppikken die zwemmende vissen achterlaten. Net als ratten en katten kunnen zeehonden hun snorharen heen en weer bewegen, maar waarom ze dat doen, was onduidelijk. Nieuw onderzoek van RUG-promovendus Chinmay Gupta, hoogleraar Ajay Kottapalli en collega’s laat zien dat het heen en weer bewegen van snorharen hun gevoeligheid vergroot, waardoor de zeehonden het onderwaterspoor nauwkeurig kunnen volgen.

FSE Science Newsroom | René Fransen

Gupta en Kottapalli ontwikkelden een kunstmatige spier met zachte bewegende delen die de beweging van zeehondensnorharen kan nabootsen. Dit systeem controleert nauwkeurig de beweging en de stijfheid van de snorharen, waardoor het mogelijk is te onderzoeken hoe dit de gevoeligheid beïnvloedt. Zij zagen dat naar voren geduwde snorharen gevoeliger waren, maar daar was wel spierkracht voor nodig. Voor een goede balans tussen gevoeligheid en energieverbruik houden de zeehonden hun snorharen ingetrokken, maar bewegen ze die ritmisch heen en weer om de subtiele trillingen in het water te detecteren.

Jagende zeehond
Zeehonden jagen in diep water, waar het zicht slecht is. Ze gebruiken hun snorharen om het spoor van minimale turbulenties op te pikken die zwemmende vissen achterlaten. | Beeld Zeehondencentrum Lauwersmeer (voorheen Pieterburen)

Navigeren in kleine ruimtes

Dankzij deze ontdekking konden Kottapalli en zijn team technologie ontwikkelen waarmee ze robots op het land en onder water konden verbeteren. Door de onderwaterrobots uit te rusten met snorhaar-achtige sensoren kunnen ze beweging van lucht of water oppikken en zo het spoor van bewegende objecten volgen. In tegenstelling tot sonar, waarbij ultrasone geluidsgolven worden uitgezonden, is dit passieve systeem gevoelig voor natuurlijke turbulenties. Deze aanpak maakt een stillere, meer energie-efficiënte en milieuvriendelijker manier van detecteren en navigeren voor robots mogelijk.

Kottapalli en zijn team willen deze aanpak ook toepassen bij robots op land. Door een serie snorhaar-achtige sensoren op de robot te plaatsen als een soort dierensnuit kunnen zulke robots objecten dichtbij voelen door de luchtstroom die ze produceren. Dit soort detectie kan ze ook helpen bij het navigeren in kleine ruimtes of bij het bewegen in condities met weinig zicht. De robots kunnen daarmee een complexe omgeving onderzoeken waarin camera’s niet goed werken.

Het onderzoek is uitgevoerd in de onderzoeksgroep Bio-geïnspireerde micro-mechanische systemen en Biomedische apparatuur van het Engineering and Technology Institute Groningen. Het is mogelijk gemaakt door de langlopende steun van het Zeehondencentrum in Lauwersmeer (voorheen Pieterburen), dat de zeehondensnorharen heeft geleverd. Het onderzoek is gefinancierd door een European Research Council (ERC) Starting Grant toegekend aan prof. Kottapalli. De resultaten zijn op 20 maart gepubliceerd in het tijdschrift npj Flexible Electronics

Referentie: Chinmay Gupta, Anastasiia O. Krushynska, Bayu Jayawardhana, Liangliang Cheng & Ajay Giri Prakash Kottapalli: Soft bionic actuation explains the functional role of whisking in seal whisker sensing. npj Flexible Electronics, 20 maart 2026

Laatst gewijzigd:26 maart 2026 09:28
Deel dit Facebook LinkedIn
View this page in: English