Skip to ContentSkip to Navigation
Research DNPP Thema's

Ledentallen van politieke partijen

Vrijwel alle politieke partijen hebben leden, die voor hen van groot belang zijn. Via hun leden staan partijen in contact met de samenleving, wat helpt bij de opstelling van verkiezingsprogramma’s. In hun ledenbestand kunnen partijen kandidaten vinden voor de volksvertegenwoordigende organen. En met hun contributies dragen leden bij aan de inkomsten van de partij. Sinds 1970 krijgen partijen ook subsidie van de overheid. De hoogte is gebaseerd op het aantal Kamerzetels, maar sinds 2005 ook ten dele op grond van het aantal leden (die dan aan bepaalde voorwaarden moeten voldoen).


Raadpleeg de overzichten:

ledentallen per jaar

Vanaf 1984 zijn de ledentallen opgesteld per 1 januari van dat jaar.

ledentallen per partij gezamenlijk ledental van de partijen

22 februari 2023

Figuur 1. Gezamenlijk ledental van de partijen die in de Tweede Kamer zitting hebben per 1 januari, 1950-2023
Figuur 1. Gezamenlijk ledental van de partijen die in de Tweede Kamer zitting hebben per 1 januari, 1950-2023
subsidiabele leden van de partijen

Het tweede kabinet-Balkenende besloot in 2005 bij de aanpassing van de Wet subsidiëring politieke partijen het ledental van de partijen naast hun aantal Kamerzetels als grondslag voor de bepaling van de hoogte van de overheidssubsidie op te nemen. Een belangrijk argument daarvoor was dat politieke partijen over een breed maatschappelijk draagvlak zouden moeten beschikken. In de subsidie zou daarom ‘de waardering tot uitdrukking moeten komen, voor de mate waarin een politieke partij er in slaagt om mensen aan zich te binden en bij de activiteiten van de partij te betrekken’, zo schreef eerder de Commissie subsidiëring politieke partijen in haar in 1991 verschenen rapport Waarborg van kwaliteit (p. 24).

Zo werd de maatschappelijke verankering van de partijen een doel van de subsidiëring. Er werd in 2005 een bedrag van ruim 1,85 miljoen euro ter beschikking gesteld dat moest worden gedeeld door het aantal leden van alle subsidie-ontvangende politieke partijen. Deze ‘subsidiabele’ leden dienen jaarlijks minstens twaalf euro aan contributie te betalen en te beschikken over vergader- en stemrecht in de partij. In 2020 ging het om een bedrag van € 3.289.718.

Klik hier voor een vergelijking tussen het totaal aantal aan het DNPP opgegeven leden en het totaal aantal aan het ministerie van BZK opgegeven subsidiabele leden.

Tabel 1. Subsidiabele ledentallen van de in de Eerste- en Tweede Kamer vertegenwoordigde partijen per 1 januari, 2009-2022

Partij 2022 2021 2020 2019 2018 2017a) 2016a) 2015 2014 2013 2012 2011 2010 2009
50PLUS 1.728 2.676 3.574 4.430 5.249 5.735 5.125 5.345 6.071 3.199 1.289 - - -
BBB 2.917 b)
BIJ1 - b) - - - - - - - - - - - -
CDA 27.378 30.458 31.405 32.993 34.786 37.199 37.348 40.456 42.808 44.771 47.608 51.297 53.061 54.548
CU 25.435 24.965 24.914 24.751 24.665 23.454 22.958 23.048 22.994 23.590 24.008 24.691 24.979 25.378
D66 28.152 27.121 22.665 23.273 25.239 23.738 23.557 23.674 22.309 20.958 20.984 20.873 17.735 11.604
DENK 3.503 3.352 3.137 3.329 3.409 3.093 1.055 - - - - - - -
FVD 58.890 46.039 43.716 19.426 20.005 - - - - - - - - -
GL 30.321 28.678 27.537 25.961 24.927 19.611 18.586 18.104 17.867 18.393 17.554 18.965 16.311 16.847
JA21 4.843 3.748c) - - - - - - - - - - - -
OPNLd) 1.008 1.009 1.047 1.078 1.121 1.121 1.117 1.117 1.123 1.123 1.150 1.152 1.151 1.144
PvdA 39.275 40.953 40.070 40.592 42.958 44.014 43.680 46.224 49.530 52.571 52.166 53.510 53.093 55.471
PvdD 24.798 19.830 19.318 17.510 16.566 12.901 11.976 11.313 11.225 11.478 11.273 11.036 9.903 7.649
SGP 28.162 28.400 28.286 29.339 29.672 30.245 29.503 29.810 29.834 29.493 27.902 27.598 27.902 26.874
SP 27.026 26.663 27.378 29.003 31.170 33.461 35.174 35.585 38.330 40.164 39.913 38.469 39.362 43.856
VVD 26.550 25.041 23.901 25.557 27.692 26.497 28.391 31.379 33.498 35.362 36.934 37.942 35.465 36.678
Volt 10.949 b)
Totaal 340.935 308.933 296.948 277.242 287.459 262.425 259.592 266.055 275.598 281.102 280.781 285.533 278.962 280.049

Bron: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

a) Voor Nederland (VNL) ontving subsidie in 2016 (1.122 leden) en 2017 (1.356 leden).
b) Geen opgave.
c) Subsidiabel ledental per 1 april 2021.
d) OPNL (Onafhankelijke Politiek Nederland) was tot december 2021 bekend onder de naam OSF (Onafhankelijke Senaatsfractie).

literatuur

Gerrit Voerman en Wijbrandt van Schuur, ‘De Nederlandse politieke partijen en hun leden (1945-2010)’, in: Rudy Andeweg en Jacques Thomassen (red.), Democratie doorgelicht. Het functioneren van de Nederlandse democratie (Leiden: Leiden University Press, 2011), 203-220.

G. Voerman, ‘De ledentallen van politieke partijen, 1945-1995’, in: G. Voerman (red.), Jaarboek 1995 Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (Groningen: DNPP, 1996), 192-206.

R.A. Koole en G. Voerman, ‘Het lidmaatschap van politieke partijen na 1945’, in: R.A. Koole (red.), Jaarboek 1985 Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (Groningen: DNPP, 1986), 115-176.

Josje den Ridder, Schakels of obstakels? Nederlandse politieke partijen en de eensgezindheid, verdeeldheid en representativiteit van partijleden (z. pl., 2014).

Jaarlijks maakt het DNPP de ledentallen van de politieke partijen per 1 januari bekend:

Figuur 1. Ledentallen per partij per jaar, 2000-2023
Figuur 1. Ledentallen per partij per jaar, 2000-2023
Laatst gewijzigd:15 februari 2024 11:34