Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsFaculteit Gedrags- en MaatschappijwetenschappenPedagogische wetenschappen en Onderwijskunde50 jaar orthopedagogiekUit de oude doos

Grenzen van de Orthopedagogiek in 1994

Het 25-jarig bestaan van Orthopedagogiek Groningen werd gevierd in 1994. Men was bij de berekening van het jubileum uitgegaan van het moment van de ingebruikname van een eigen gebouw, destijds in het voorjaar van 1969 aan de Grote Rozenstraat 15. Daarvoor maakte men gebruik van ruimtes in andere gebouwen van de Rijksuniversiteit Groningen. Tevens was er aan de keuze het gegeven verbonden dat de festiviteiten ook plaats vonden in het kader van het 380-jarig bestaan van de RuG. Men was door het College van Bestuur gevraagd in te stappen in de trein van instituten die in 1994 iets speciaals wensten te organiseren.

Het jubileumcongres kreeg in 1994 als titel ‘Grenzen van de Orthopedagogiek’ mee, waarbij op 28 en 29 april een tweedaags congres plaatsvond. De deelnemers konden deels in het Academiegebouw lezingen volgen, maar ook in de gebouwen van Orthopedagogiek en Psychologie, die respectievelijk waren gevestigd aan de Oude Boteringestraat 32 en 34. In de aankondiging van het congres kon worden teruggevonden dat er destijds onderzoek en onderwijs werd verricht op diverse terreinen binnen de Orthopedagogiek:
1)   Kinderen en jeugdigen met leerproblemen,
2) Zeer moeilijk opvoedbare kinderen en jeugdigen,
3) Kinderen, jeugdigen (en ouderen) met een fysieke, verstandelijke of meervoudige handicap en
4) Bewegingswetenschappen.

Daarnaast werd tevens vermeld dat het vijfde lustrum een geëigend moment was voor een kritische én creatieve bezinning op de mogelijkheden en beperkingen van het vakgebied van de Orthopedagogiek. De grenzen van de Orthopedagogiek werden destijds als volgt omschreven:
1)   Gezien de samenhang met het object waar de Orthopedagogiek zich op richt: Object gebonden grenzen
2) Grenzen die verbonden zijn aan het classificeren en diagnosticeren in de Orthopedagogiek: Classificatiegrenzen
3) Grenzen in het kader van de orthopedagogische hulpverlening: Hulpverleningsgrenzen
4) Grenzen die samenhangen met de manier waarop in de Orthopedagogiek onderzoek wordt verricht: Methodologische grenzen
5) Grenzen die voortvloeien uit de ethiek in de Orthopedagogiek: Ethische grenzen.

De voordrachten op de eerste congresdag hadden in 1994 een overwegend theoretisch en beschouwend karakter, terwijl de presentaties op de tweede dag meer praktijkgericht waren. Het congres werd destijds geopend door de toenmalige voorzitter van de Afdeling Orthopedagogiek, Professor dr. J.E. Rink, terwijl tal van zijn collega’s binnen de Orthopedagogiek in Nederland tevens een lezing gaven en vanuit de internationale contacten die dag ondermeer Prof. Dr. W. Ott, vanuit de universiteit New Bruinswick in Canada, een lezing gaf.

De tweede dag was ingeruimd voor presentaties van medewerkers van de Afdeling Orthopedagogiek Groningen, terwijl er ook ruimte was voor paralelsessies waarin werd ingegaan op onderzoeksprojecten die zij hadden met diverse mensen uit praktijkinstellingen. Iedere presentatie bestond die dag uit twee delen, een wetenschappelijk deel en een gedeelte dat betrekking had op de manier waarop het project in de praktijk werd vormgegeven.

Tevens werd tijdens het congres een tweedelige publicatie ten doop gehouden, getiteld: ‘The limits of Orthopedagogy: changing perspectives’.

In de avonduren was er een kleurrijk feest dat werd gehouden in Huize Maas aan de Vismarkt in Groningen. Muziek, cabaret, Orthokoor en de presentatie van het Orthobier waren de hoofdmoten van de afsluitende avond, die niet alleen toegankelijk was voor de congresdeelnemers en collega’s en partners maar ook voor een selecte groep studenten uit die tijd. Het Orthokoor zong een lied bestaande uit 20 coupletten onder de titel: ‘Ortho Leve Levenslang’, waarbij de tekst was geschreven door Dick van Peer.

Het Orthobier werd, in samenwerking met de toenmalige stadsbrouwer Nico Derks, destijds gebrouwen door Han Nakken en Hans Knot. Het was een krachtige speciaal bier van 7%, waarvan 200 liter op het vat en 200 liter op de fles beschikbaar kwamen. De brouwprocedure duurde destijds 7 weken.

Laatst gewijzigd:23 mei 2018 12:32