Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaVideo's van de RUGAdams AppelArchief

02. Evolutie

Adams Appel: 23 april 2009

Samenvatting aflevering

Wat hebben we vandaag de dag aan evolutietheorie?

Volgens de evolutietheorie is alles wat leeft voortgekomen uit een gemeenschappelijke voorouder. Een belangrijk mechanisme daarbij is natuurlijke selectie. Organismen die zich goed aanpassen aan de omgeving kunnen beter overleven, en zo hun sterke genen beter doorgeven aan het nageslacht. 250 Jaar geleden is het nu, dat Charles Darwin zijn theorie van natuurlijke selectie naar buiten bracht. Maar, wat hebben we er nu nog aan? Gedragspsycholoog prof.dr. Bram Buunk gebruikt de evolutietheorie om het gedrag van mensen te verklaren. Prof.dr. Marian Verkerk, filosoof en ethica, denk na over het menselijk ingrijpen in de evolutie. Bioloog prof.dr. Ido Pen ziet steeds meer toepassingen in andere takken van wetenschap.

Aanvullende informatie

(R)evolutionaire ontwikkeling antennes
De evolutie van jaloezie
Mogen we ons mengen in de evolutie?
Wetenschappers in deze Adams Appel
Andere aspecten van evolutie (links)


(R)evolutionaire ontwikkeling van antennes

Antenne
Antenne van een satelliet, ontwikkeld met genetisch algoritme.

De evolutietheorie is een theorie die meer kan verklaren dan alleen wat er ooit in het verleden gebeurd is. Op dit moment vindt, recht onder onze neus, evolutie plaats. Ook kunnen wordt de evolutietheorie gebruikt om ontwerpen te maken die optimaal in hun omgeving zullen functioneren.
Een voorbeeld hiervan is de ontwikkeling van antennes voor satellieten. In onze huidige maatschappij met onder andere draadloos internet en mobiele telefoons is er steeds meer vraag naar hoogwaardig ontwikkelde antennes. Het ‘met de hand’ ontwikkelen van een antenne is erg arbeidsintensief, vereist een expert en kost veel geld. Een oplossing hiervoor is antennes door een computer laten ontwerpen met behulp van genetische algoritmen. Dat bespaart veel tijd en geld en er worden antennes ontwikkeld die een mens nooit had kunnen bedenken.
Een genetisch algoritme doet eigenlijk gewoon de evolutie na. Een antenne moet aan een aantal eisen voldoen. Zo moet hij niet te groot zijn en niet te zwaar, maar ook weer niet te klein of te licht. Ook moet een antenne een bepaalde ontvangststerkte hebben. Van tevoren wordt bepaald wat de overlevingskans is van een bepaalde combinatie van waardes. Te groot en te lichte antennes zullen afvallen tijdens het proces.
Met deze kennis gaat het genetische algoritme aan het werk. In het wilde weg wordt door de computer een aantal antennes bedacht die passen bij de eisen. Deze antennes laat het genetisch algoritme at random en virtueel met elkaar kruisen. Hieruit worden nieuwe eigenschappen ‘geboren’. Vervolgens past het genetisch algoritme ‘natuurlijke selectie’ toe, de antennes met een lage overlevingskans worden uit het systeem gewist en niet meer gebruikt bij een volgende virtuele kruising. Na een aantal generaties komt het genetisch algoritme tot enkele optimale antennes. Deze worden geproduceerd en getest door de ontwikkelaar.

Meer informatie

Automated Antenna Design (Engels)


De evolutie van jaloezie

Altaar
Kaïn vermoordde Abel uit Jaloezie
Jaloers zijn we waarschijnlijk allemaal wel eens. Maar dat deze emotie een evolutionair nut heeft, is minder bekend.
De evolutie selecteert eigenschappen die nuttig zijn gebleken doordat individuen met deze eigenschap zich succesvoller voortplanten. Jaloezie is ook zo’n nuttige eigenschap.
Uit wetenschappelijke onderzoek blijkt dat jaloezie bij mannen anders werkt dan bij vrouwen. Als een man achter bedrog van zijn partner komt vraagt hij: “heb je seks met hem gehad?” (seksueel vreemdgaan). Komt een vrouw achter het bedrog van haar partner komt, zal de vraag luiden: “Ben je verliefd op haar?” (emotioneel vreemdgaan). Dit is vanuit de evolutie gemakkelijk te verklaren.
Een vrouw is beperkt in het aantal kinderen dat ze kan krijgen; voor één baby ben je al vlug een jaar verder. Veel partners hebben, heeft voor een vrouw dus weinig zin. Zij heeft bij voorkeur één partner die veel tijd, moeite en geld investeert in de nakomelingen. Een man die emotioneel vreemdgaat, is minder betrokken bij de kinderen, dit is nadelig voor de nakomelingen van de vrouw in kwestie. Door jaloers te reageren als de partner alleen al kijkt naar een ander, kan een vrouw emotioneel vreemdgaan voorkomen. Hierdoor zijn haar nakomelingen en dus haar ‘jaloezie’ genen in het voordeel.
Mannen zijn niet beperkt in het aantal nakomelingen, zij kunnen, bij wijze van spreken, tientallen vrouwen per jaar bevruchten. Jaloezie wordt bij mannen vooral opgewekt als hun partners seksueel vreemdgaan. Een man weet dan namelijk niet zeker of het kind wel van hem is. Het zou dan maar zo kunnen dat hij tijd, geld en moeite investeert in de genen van een ander. Een man die jaloers is, heeft meer voordeel dan eentje die dat niet eens. Hij verbiedt zijn partner om ook maar naar andere mannen te kijken. Een niet jaloerse man vindt het misschien wel goed dat zijn vrouw er anderen naast heeft. Hij heeft een kleinere kans dat hij zijn ‘niet jaloers’ genen doorgeeft.
Jaloezie is dus een eigenschap die evolutionair voordeel kan hebben, daardoor wordt deze eigenschap steeds aan de volgende generatie doorgegeven.


Mogen we ons mengen in de evolutie?

Gemanipuleerd Maïs
Granaat/Maïs

Met genetische manipulatie wordt meestal het bewust ingrijpen in de genen van mens, dier en plant bedoeld. Met huidige technieken kunnen we door genetische manipulatie muizen een mensenoor geven, ernstige ziektes genezen en sporters beter laten presteren. Van natuurlijke selectie is dan geen sprake meer. We genezen individuen met genen die anders door de evolutie waren verdwenen.
Zoals bij elke nieuwe en vooral ingrijpende techniek zijn er voor- en tegenstanders van genetische manipulatie. Een van de belangrijkste argumenten van de tegenstanders is dat God of de natuur iets op een bepaalde manier gemaakt heeft en je hier uit principe niet aan moet sleutelen. Een ander tegenargument is dat van veiligheid.
Organisaties als Greenpeace zijn bang dat genetisch gemanipuleerde organismen uit het laboratorium ontsnappen en zo de natuur verstoren. Irreëel is deze angst niet. Twee jaar geleden ‘ontsnapte’ genetisch gemanipuleerd gras, speciaal ontwikkeld om andere soorten te verdringen, van een proefveldje. Dit soort ongelukken kunnen de biodiversiteit van bepaalde gebieden ernstig beschadigen.
Voorstanders van genetische manipulatie vinden dat je elke kans moet aangrijpen om zieken en gehandicapten te helpen. Ook de ontwikkeling van genetisch gemanipuleerd voedsel, dat bijvoorbeeld voedzamer of vitaminerijker is, mag volgens de voorstanders geen strobreed in de weg worden gelegd. Dit kan immers de honger in arme landen verminderen. Kortom, de techniek volgens voorstanders zoveel voordelen dat het zonde zou zijn om er niets mee te doen.
Een ander veelgehoord argument van de voorstanders is dat de ingrijpen die we doen miniem zijn. Mensen, dieren en planten zijn genetisch zo divers dat de wijzigingen die wetenschappers aanbrengen kleiner zijn dan bij een gemiddelde kruising. Ouders hebben er ooit voor gekozen zich met een bepaald persoon voort te planten. Dit is eigenlijk ook een vorm van genetisch manipuleren. Misschien een vergezocht argument, maar zeker leuk om eens over na te denken.


Wetenschappers in deze Adams Appel

Prof. dr. I.R. (Ido) Pen

Ido Pen (1968) is werkzaam bij de afdeling theoretische biologie van de RUG. Daar doet hij onderzoek naar onder andere ‘sekse allocatie’: hij onderzoekt met wiskundige modellen hoe hogere diersoorten het geslacht van hun nakomelingen bepalen.
Ido Pen heeft biologie gestudeerd aan de RUG, daar deed hij ook zijn promotieonderzoek. Daarna heeft hij een tijdje gewerkt als postdoc aan de universiteit van Montpellier.

prof. dr. A.P. (Bram) Buunk

Bram Buunk is hoogleraar bij de Faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen. Daar leidt hij onderzoeken naar de evolutionaire achtergrond van menselijk gedrag als altruïsme, jaloezie, partnerselectie en vijandschap.
Eerder heeft hij basisonderzoeken gedaan naar (onder andere) omgaan met kanker, preventie van aids en tevredenheid in het huwelijk.

prof. dr. M.A. (Marian) Verkerk

Marian Verkerk is ethica die zich bezighoudt met ethische kwesties in de zorg. Ze is hoofd van de disciplinegroep metamedica van het UMCG (Universitair Medisch Centrum Groningen). Marian Verkerk heeft wijsbegeerte gestudeerd aan de Universiteit Utrecht en Universiteit van Amsterdam. In 1985 promoveerde zij aan de Universiteit Utrecht met het proefschrift Ethiek en Welzijnsbeleid. Van 1995 tot 2000 heeft zij de Socrates leerstoel Ethiek in de Zorg aan de Rijksuniversiteit Groningen bekleed. Sinds de jaren negentig werkt Marian Verkerk intensief aan de verdere ontwikkeling van zorgethiek als ethisch perspectief.


Andere aspecten van evolutie

Het Universiteitsmuseum van de RUG heeft tot 10 januari 2010 een expositie over Darwin en evolutie. Kijk voor meer informatie op de website van het Universiteitsmuseum.

Evolutie van geslachtsbepalingmechanismen: Op 26 mei 2008 promoveerde M.A. Kozielska op een proefschrift over evolutie en geslachtsbepalingmechanismen. Een van haar promotors was Ido Pen.

Gerichte evolutie in een reageerbuis, Linda Otten deed er onderzoek naar en promoveerde erop aan de RUG op 27 mei 2008.

De pauwenstaart en de evolutie van nieuwe soorten. In 2004 promoveerde Sander van Doorn op een proefschrift over seksuele selectie.

In een publicatie in het wetenschappelijk blad Nature lieten biologen van onder andere de RUG zien hoe tijdens een evolutionair proces verschillende persoonlijkheidstypes kunnen ontstaan.

De RUG geeft gastlessen op middelbare scholen. Een van die gastlessen gaat over het toepassen natuurlijke verschijnselen zoals evolutie bij het ontwikkelen van soft- en hardware. Meer informatie hier.  

Laatst gewijzigd:25 oktober 2017 15:15