Skip to ContentSkip to Navigation
Rijksuniversiteit Groningenfounded in 1614  -  top 100 university
Over ons Actueel Nieuws

‘De rechter is het laatste station, je kunt nog zoveel meer doen’

27 januari 2026
Ester Post
Universitair docent Ester Post

Als 12-jarige zat universitair docent Ester Post maandenlang achter elkaar in de bieb van Urk, gebogen over de krantenleggers. Het is de herfst van 1987, en de media zijn in de ban van de ontvoering van en, naar wat pas veel later blijkt, moord op Ahold-topman Gerrit Jan Heijn. De jonge Post volgt alles op de voet.

Tekst: Esther van der Meer, Faculteit Rechtsgeleerdheid / Foto’s: Henk Veenstra

‘Ik was gefascineerd door de dader. En door de vrouw van Gerrit Jan Heijn, hoe die omging met die zaak. Haar verhaal werd later opgetekend in een prachtig geschreven boek met de titel ‘De verzoening’.’

Daders en slachtoffers

Die interesse voor daders en slachtoffers heeft haar niet meer losgelaten, al duurde het wel even voor alles samenkwam. Ze ging vrij laat, op haar 27ste, rechten studeren en nadat ze al een paar jaar in de advocatuur werkte, begon ze naast haar werk aan een master strafrecht in Amsterdam.

‘Daar zat een minor forensische criminologie in, en die vond ik ontzettend interessant. Waarom doen mensen verschrikkelijke dingen en hoe kunnen we voorkomen dat er slachtoffers vallen? Dat zijn de kernvragen waar ik het antwoord op zoek.’

Ester Post
'Wat ik nu doe is de perfecte combi van onderzoek, onderwijs en praktijk. Ik zou geen van drie willen missen.’

In 2023 promoveerde ze op de geschiedenis van de forensische zorg in Nederland. Die zorg heeft tegenwoordig als belangrijkste doel om te voorkomen dat daders opnieuw in de fout gaan. Maar hoe zat dat vroeger? Is een maatregel als de tbs die in 2028 honderd jaar bestaat of de voorwaardelijke veroordeling met forensische zorg die in 1915 is ingevoerd, destijds ook zo bedacht? ‘Ik deed een buitenpromotie, naast mijn werk. Dan moet je het onderwerp echt heel leuk vinden. Dat was in mijn geval zo.’

Inmiddels is Post universitair docent, rechter-plaatsvervanger en eigenaar van BOO Strafrechtelijke vraagstukken. ‘Me beperken tot één ding, vind ik een beetje eentonig. Wat ik nu doe is de perfecte combi van onderzoek, onderwijs en praktijk. Ik zou geen van drie willen missen.’

In Groningen geeft ze vakken als de masterclass Penologie (over de leer van het straffen), jeugdstrafrecht en sanctierecht. Voor haar eigen bureau heeft ze meegeschreven aan een wetsvoorstel om elektronische detentie als hoofdstraf mogelijk te maken. Samen met iemand uit de GGZ onderzoekt ze hoe hulpverleners om kunnen gaan met geweld tijdens hun werk. En ze werkt aan projecten rond de re-integratie van ex-gedetineerden.

Ester Post
'250 mensen wachten nu op een plek in een tbs-kliniek na een veroordeling. Dat is niet wenselijk.’

Zeven lessen

Op dit moment werkt ze aan de publiekseditie van haar proefschrift over de geschiedenis van de forensische psychiatrie. ‘Zeven lessen’ gaat het heten, volgend jaar moet het verschijnen.

En lessen zijn er genoeg. Bijvoorbeeld als je kijkt naar de inzet van forensische zorg. Daarbij is ook de vraag naar ‘het gewicht’ van de stoornis relevant. Nu is een psychische stoornis bijvoorbeeld een vereiste voor het opleggen van tbs. Maar moet dat wel zo blijven?

‘Als je kijkt naar het doel: het voorkomen van recidive, dan is in het algemeen een stoornis op zichzelf geen sterke voorspeller van recidive. De behandeling richt zich ook niet zozeer op het behandelen van de stoornis. Er wordt veel meer gekeken naar het beïnvloeden van risicofactoren. Als daar de focus op ligt, zou het dan niet van belang zijn om met bijvoorbeeld daders van gewelds- of zedendelicten altijd te werken aan het verlagen van risicofactoren, stoornis of niet?’

99,85 procent

Sinds de eeuwwisseling is er veel aandacht voor misstanden in de tbs en is wet- en regelgeving naar aanleiding van incidenten verder aangescherpt. Er zijn per jaar zo’n 80.000 tot 90.000 verlofbewegingen. In 99,85% van de gevallen verloopt het verlof goed en is er geen recidive.

Incidenten als de moord op Anne Faber hebben geleid tot kritiek uit de maatschappij en politiek. De afgelopen jaren is vaker tbs opgelegd, dit wordt wel het Michael P. effect genoemd. Ook is het moeilijker geworden om een gedetineerde uit te plaatsen uit de gevangenis voor behandeling (zoals dat bij Michael P. het geval was) omdat de regels daarvoor zijn aangescherpt.

‘De uitstroom van tbs’ers ligt laag. Na 8 à 9 jaar is zo’n 50 procent klaar met de behandeling, de rest nog niet. Ondertussen is er op de forensische zorg bezuinigd. 250 mensen wachten nu op een plek in een tbs-kliniek na een veroordeling. Dat is niet wenselijk.’

Burgers betrekken

Volgens Post zou er beter nagedacht moeten worden over de gevolgen van nieuwe maatregelen en de gevolgen van bezuinigingen. Ook zou het interessant zijn om te onderzoeken hoe je meer draagvlak krijgt voor het strafsysteem in het algemeen, bijvoorbeeld door te kijken hoe je burgers meer kunt betrekken en inzicht kunt geven in hoe het er in een strafproces aan toe gaat.

Ze denkt ook dat het herstelrecht interessante mogelijkheden biedt om te voorkomen dat daders opnieuw in de fout gaan én om slachtoffers te helpen om te gaan met wat ze is overkomen. Daarbij krijgen deelnemers de mogelijkheid om met elkaar in gesprek te gaan over wat er is gebeurd. ‘Bij zaken met ernstig geweld, of bij zedendelinquenten, kennen dader en slachtoffer elkaar vaak. We weten uit de cijfers dat er dan behoefte kan zijn om met elkaar in contact te komen. Ik vind het een interessant vraagstuk hoe je die herstelbemiddeling nog meer in kunt zetten.’

Ester Post
‘Om te voorkomen dat mensen de fout ingaan, moeten we er veel eerder bij zijn. De rechter is het laatste station. Dan zijn we eigenlijk al te laat.’

Eerder erbij zijn

Over criminaliteit en het voorkomen daarvan zegt Post: ‘Ik sluit me aan bij wat de onlangs overleden strafrechtadvocaat Stijn Franken zei: “Als je criminaliteit wilt verminderen, moet je meer investeren in de GGZ.” We weten dat het met enige regelmaat voorkomt dat mensen die in de strafrechtketen belanden, een voorgeschiedenis hebben in de GGZ. Van mensen met zware problematiek is bijvoorbeeld bekend dat deze daar niet altijd terecht kunnen.’

En het begint nóg eerder. ‘Het begint in de huizen, de wijken, op scholen. Om te voorkomen dat mensen de fout ingaan, moeten we er veel eerder bij zijn. De rechter is het laatste station. Dan zijn we eigenlijk al te laat.’

Forensische zorg

Forensische zorg omvat geestelijke gezondheidszorg, verslavingszorg en verstandelijke gezondheidszorg aan mensen met een psychische of psychiatrische stoornis of een verstandelijke beperking die een strafbaar feit hebben gepleegd en waarbij risico is op herhaling. Jaarlijks worden duizenden mensen behandeld in de forensische zorg.

Tbs (terbeschikkingstelling) omvat slecht een klein percentage van alle forensische zorgtrajecten. De rechter kan tbs opleggen als aan een aantal voorwaarden is voldaan. Het moet gaan om een delict waar een gevangenisstraf van 4 jaar of meer op staat of andere bij wet genoemde delicten. De dader die volgens het volwassenstrafrecht wordt berecht moet lijden aan een stoornis, en bovendien de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar brengen. In Nederland zijn 11 tbs-klinieken waarin ruim 1660 mensen worden behandeld. Binnen vijf jaar na behandeling recidiveert ruim 70 procent van de tbs’ers niet.

In december startten de tbs-klinieken een gezamenlijke campagne ‘Het gezicht van tbs’ om het beeld van tbs-patiënten te nuanceren.

Meer informatie

Ester Post

Laatst gewijzigd:21 januari 2026 10:37
Deel dit Facebook LinkedIn
View this page in: English