Skip to ContentSkip to Navigation
Society/businessCenter for Information TechnologyResearch and Innovation SupportServicesGeodienst
Header image Geodienst Blog

Feest! PAN (Portable Antiquities of the Netherlands) valt in de prijzen.

Datum:07 december 2018
Auteur:Gastauteur
detectorzoeker in het veld
detectorzoeker in het veld

De waarde van metaalvondsten in de archeologie - Waarom PAN
In het beroemde, maar verouderde handboek ‘De Romeinen in Nederland’ (1981) komt de lokale bevolking er maar bekaaid vanaf. Romeinse legerkampen lagen langs de Rijn, in de stad Nijmegen en enkele kleinere centra was de Romeinse beschaving doorgedrongen, maar op het platteland woonde de boerenbevolking nog in boerderijen van leem en riet. De Romeinse beschaving zou daar slechts een dun vernislaagje zijn. 
Dat beeld is in de vroege 21e eeuw radicaal veranderd. Nieuwe studies wijzen uit dat de integratie van de plattelandsbevolking in de Romeinse provincie juist tamelijk vergevorderd was. Jongemannen uit de Betuwe deden dienst in de Romeinse legers en kwamen als veteranen terug, mét Romeins burgerrecht! Die veteranen verspreidden Romeinse eetgewoonten, lichaamsverzorging, kennis van lezen en schrijven. Dus de bewoners van de ‘prehistorische’ boerderijen aten (deels) Mediterrane gerechten, spraken en lazen (wat) Latijn, kleedden zich deels Romeins en leverden goederen aan de markt. Hoe is dit enorme verschil in beeldvorming te verklaren? Door de opkomst van de metaaldetector! Voorheen werden alleen de sporen van boerderijen en aardewerk bestudeerd, terwijl in de 21e eeuw meer metaalvondsten werden gevonden. Deze metaalvondsten gingen en een belangrijke rol spelen in wetenschappelijke studies.
Nog een voorbeeld. De limes, de Romeinse rijksgrens langs de Rijn, werd in de jaren ’80 voorgesteld als een ijzeren gordijn: een militair bewaakte grens die Romeinen en Germanen strikt gescheiden hield. Vanaf de jaren ’90 worden significante hoeveelheden Germaanse sieraden in de Romeinse provincies gevonden. Blijkbaar was er meer interactie en speelden de Germanen toch een rol van betekenis in de Romeinse provincie: als boeren of werklui, als handelaars, als soldaten in de Romeinse legers.

decoratief Romeins paardengerei
decoratief Romeins paardengerei

Private vondsten
De metaaldetector kwam in de jaren ’70 van de 20e eeuw breed beschikbaar en mensen van alle rangen en standen gingen in hun vrije tijd op zoek naar archeologische vondsten op stranden en akkers. Waar professionele opgravingen meestal een beperkt aantal metaalvondsten oplevert in samenhang met sporen en andere vondsten, levert de hobby van metaaldetectie over het algemeen veel meer vondsten op – er zijn collecties met honderden of duizenden vondsten. De private vondsten zijn dus vanwege hun aantal belangrijk, maar ook vanwege hun locaties: de stranden en akkers zijn plaatsen waar archeologen vaak niet kunnen graven. Kortom, de private collecties zijn een verdieping en verbreding van onze kennis. Maar deze vondsten werden tot voor kort nog nauwelijks bij onderzoek betrokken.

Vondsten in Nederland
Vondsten in Nederland

Waarom in 2016?
Vanwege de enorme wetenschappelijke waarde van de detectorcollecties werd het PAN-project voorbereid. De eerste reden waarom dat niet eerder was gedaan was dat metaaldetectie volgens de letter van de wet verboden was, al werd het breed gedoogd. Met de aanstaande wetswijziging van 2016, waarbij de bovenste 30 cm van de grond werd uitgezonderd van het wettelijke verbod archeologisch op te graven, kon in 2015 PAN worden voorbereid.

Een andere belangrijke reden om de private detectorcollecties te gaan inventariseren was de urgentie: jonge mensen die in de jaren ’70 begonnen te zoeken met de metaaldetector zijn nu op leeftijd. Het is belangrijk om hun collecties te documenteren waarbij zij de vindplaatsen op kaart kunnen aanwijzen. De vondsten zelf zijn belangrijk genoeg, maar wetenschappelijk is vooral de locatie van belang. De vondsten en vindplaatsen moeten gedocumenteerd worden voordat de vinders overlijden. Daarna moeten de gegevens beschikbaar worden gemaakt voor wetenschappers én voor het brede publiek, waarbij PAN zorgt voor gescheiden presentatie. Detectorzoekers zien niet graag dat hun exacte vindplaatsen zomaar te zien zijn voor andere zoekers, maar wetenschappelijk onderzoekers mogen deze exacte locaties wel gebruiken bij onderzoek.

De PAN publiekswebsite
De PAN publiekswebsite

Geodienst
In de voorbereiding van de financieringsaanvraag zocht de Vrije Universiteit (VU), waar PAN gecoördineerd wordt, een digitale leverancier voor de PAN-software. Enkele kandidaten werden geselecteerd en er volgde een mini-aanbesteding. Daarbij kwam Geodienst als beste uit de bus. De aanwezige kennis (Geo!)-kennis was belangrijk, maar vooral de academische setting aan de RUG was voor een andere universiteit als de VU een vertrouwde omgeving. Dat vertrouwen is in de afgelopen jaren ruimschoots bevestigd. Geodienst levert wat beloofd is en zorgt door de aanwezige vakkennis voor kwalitatief hoogwaardige oplossingen.

Prijzen
In 2017 werd PAN al finalist van de Stuiveling Open Data Award (SODA). Die prijs was uiteindelijk voor een ander, maar in 2018 won PAN wel de Nederlandse Dataprijs. De jury waardeerde de vernieuwende organisatie van de data (een systeem waarbij vondsten aan referentietypen worden gekoppeld), de verantwoorde deponering bij DANS-EASY (backup en doorleveren naar Europese informatiesystemen), en verwerken van private vondsten in de wetenschappelijke keten.

Het binnenhalen van de prijs en de eerdere nominaties zijn het product van een goede samenwerking. De datastructurering van PAN zat al in de oorspronkelijke aanvraag, maar het is de professionele uitvoering door Geodienst die de potentie heeft gerealiseerd.

Het mooie is dat de ontwikkeling niet stopt na deze prijzen. Er is extra budget vrijgemaakt voor de verdere verbetering van de software (en het prijzengeld komt hier nog bovenop!). Bovendien zal er een mobiele app worden ontwikkeld die met de website communiceert. Zoekers met een metaaldetector kunnen hierdoor hun vondsten al op de vindplaats zelf documenteren (met exacte coördinaten!) en deze later, na het schoonmaken van de vondst, naar de website verzenden.

Ik proost op de samenwerking Geodienst – VU en op de verdere ontwikkeling van PAN!

Stijn


Een gastblog van Dr. Stijn Heeren, projectleider PAN, werkzaam aan de VU