Skip to ContentSkip to Navigation
Onderzoek Graduate School of Philosophy Promoties Promoties: archief

Disbelief at the threshold

epistemic injustices in asylum-seeking
Promotie:Mw. S. (Sanjana) Govindarajan
Wanneer:13 september 2022
Aanvang:14:30
Promotor:prof. dr. B.P. (Boudewijn) de Bruin
Copromotor:U.T.R. (Titus) Stahl, Dr
Waar:Academiegebouw RUG
Faculteit:Wijsbegeerte
Disbelief at the threshold

Epistemisch onrecht bij asielaanvragen

De Hoge Commissaris van de Verenigde Naties voor vluchtelingen (UNHCR) schat dat wereldwijd ongeveer 82,4 miljoen mensen onder dwang ontheemd zijn als gevolg van vervolging, gewelddadige conflicten en schendingen van de mensenrechten. Velen van hen hebben hun land van herkomst verlaten en tienduizenden kilometers afgelegd om elders een toevluchtsoord te zoeken.

Om asiel te krijgen moet een persoon kunnen aantonen dat hij redelijkerwijs kan vrezen in zijn land van herkomst te worden vervolgd. De beoordeling van zo'n aanvraag is een van de meest omstreden en complexe vormen van juridische besluitvorming die er bestaan.  In dit proefschrift stelt Govindarajan twee brede vragen: Ten eerste, maken asielinstellingen vluchtelingen kwetsbaar voor epistemische vormen van discriminatie? Ten tweede, aan welke vormen van ongeloof zijn vluchtelingen onderhevig als ze proberen hun aanspraken op bescherming te maken?

Govindarajan gebruikt de filosofische lens van epistemische onrechtvaardigheid om de verschillende vormen van ongeloof te onderzoeken waaraan vluchtelingen kunnen worden blootgesteld wanneer zij een verzoek om bescherming indienen. Daarnaast pleit zij voor een uitbreiding van de theoretische gereedschapskist van epistemische onrechtvaardigheid om nieuwe vormen van ongeloof die binnen asielinstellingen kunnen ontstaan te kunnen verklaren. Sommige van deze vormen van stilzwijgen vinden hun oorsprong in het gebruik van onvoldoende intersectionele opvattingen van sociale identiteit, terwijl andere geworteld zijn in neigingen tot zelfbehoud die immigratieambtenaren vertonen die herhaaldelijk worden blootgesteld aan getuigenissen van trauma's. Ten slotte bespreekt Govindarajan enkele risico's die gepaard gaan met het gebruik van artificiële intelligentietechnologieën voor asielbeslissingen en argumenteert zij dat, ondanks het wijdverspreide optimisme over hun gebruik, ze in feite de kwetsbaarheid van vluchtelingen voor epistemische onrechtvaardigheden zouden kunnen vergroten.