Skip to ContentSkip to Navigation
Rijksuniversiteit Groningenfounded in 1614  -  top 100 university
Over ons Actueel Nieuws

Geschiedenis dichterbij brengen

06 januari 2026

Valika Smeulders is hoofd geschiedenis bij het Rijksmuseum én sinds kort bijzonder hoogleraar aan de Faculteit Religie, Cultuur en Maatschappij van de RUG. Ze ziet het als haar taak om te tonen ‘wat je niet ziet maar er wel was.’ Ook bij haar eerdere werk als conservator van de grote slavernijtentoonstelling in het Rijksmuseum in 2021, streefde ze dat na. Op die manier kun je geschiedenis dichter bij de mensen brengen, denkt ze.

Tekst Franka Hummels

Tulpenvaas Delts blauw
Tulpenvaas Delts blauw (ca 1700)| Rijksmuseum Amsterdam  

Hoe doe je dat, tonen wat je niet ziet maar er wel was? Wat zíet een museumbezoeker als Valika Smeulders haar gang is gegaan? Ze lacht, vertelt dat ze in haar huidige functie pas aan het begin van dat traject staat. Maar voorbeelden heeft ze zeker. Denk bijvoorbeeld aan een zeventiende-eeuwse tulpenvaas in het Rijks. ‘Om te begrijpen wat die zegt over het Nederland van toen, moet je beseffen dat tulpen bijzonder waren en uit Turkije kwamen. En als die vaas Delftsblauw is, moet je iets weten over onze bewondering voor wat er destijds in China gebeurde op het gebied van porselein en keramiek.’ Voor een deel laat het museum met die nieuwe aanpak dus dezelfde kunstwerken zien, maar bij de uitleg worden andere aspecten uitgelicht. De beslissing wat uiteindelijk op een bordje komt, is best een puzzel. ‘We kunnen bij elk schilderij maar één tekstbordje schrijven, terwijl we genoeg informatie hebben voor een boek.’

Grote salade

Smeulders gebruikt graag een salade als metafoor. ‘Geschiedenis, dat zijn niet alleen die paar bekende namen, dat is een groter geheel. Net als bij salade. Die is lekker omdat er blauwe kaas én iets zoets tegelijkertijd in zit. Dat versterkt elkaar, verrijkt elkaar, het geheel is meer dan die kaas of dat zoete op zich, het is gelaagder. En niet elk hapje is hetzelfde. Dan proef je weer wat groen, of een stukje paprika.’ Als het goed is, zijn volgens Smeulders’ metafoor de museumbordjes elk op hun eigen manier hapjes van de grote salade. Onderzoekers leggen hun focus vaak op één ingrediënt, waar ze dan alles van weten. Er zijn bijvoorbeeld historici die alles weten van de koloniale handel in Azië, terwijl anderen zich hebben toegelegd op het Caribisch gebied in dezelfde periode. Bij de voorbereiding van de grote slavernijtentoonstelling bracht Smeulders deze specialisten samen. Ze konden veel van elkaar leren en de gesprekken leidden tot nieuwe inzichten.

Protestants koninkrijk

Zulke interdisciplinaire meerwaarde hoopt ze ook te bereiken met haar collega’s bij religiewetenschappen in Groningen. Want als het aan haar ligt, mogen museumbezoekers bij hun kijk op religie vaker beseffen dat we uit een slakom eten. Smeulders: ‘Iedereen weet wel dat we in de middeleeuwen het katholicisme heel belangrijk vonden, en dat we daarna langzamerhand een protestants koninkrijk werden.’ Dat verhaal is haar te nauw. ‘We kunnen duidelijker laten zien hoe dat nog altijd deel is van het Nederlandse DNA. En hoe dat zich tot de andere religies verhoudt en verhouden heeft. ‘

Als geschiedenis gelaagder wordt verteld, kunnen meer mensen zich erin herkennen, daar is Smeulders van overtuigd. Wie bijvoorbeeld een staatshoofd of een gouverneur op een schilderij ziet, betrekt dat niet snel op zichzelf. Maar is er op het schilderij ook wat van zijn bezit afgebeeld? Misschien hebben je voorouders dan dat weelderige fruit wel geteeld. En wanneer op zo’n schilderij het gebied dat hij bestiert te zien is, wil Smeulders dat mensen zich afvragen waar dat landschap door gekenmerkt werd. ‘Zeker door mobiliteit, door handel, onderlinge relaties. Het schilderij gaat over jouw geboortegrond, en over veel meer dan dat.’ 

Nationale identiteit

Die herkenning is belangrijk voor haar, want de nationale identiteit is één van de collectiepeilers van het Rijksmuseum. En jawel, in de wereld van Smeulders is ook identiteit een salade. Je hebt altijd meerdere identiteiten tegelijk. Je bent Nederlander, en daarnaast bijvoorbeeld moeder. Dat meervoudige geldt ook voor Nederland als geheel. ‘Dan kom je weer uit bij die Delftsblauwe tulpenvaas. De Nederlandse identiteit is door de eeuwen heen gevormd door ingrediënten verbonden aan meerdere etniciteiten en religies.’

Vragen over identiteit hielden Smeulders al jong bezig. Ze werd geboren op Curaçao, verhuisde als peuter naar Woerden in Nederland, ging rond haar zevende naar Suriname en een paar jaar later weer naar haar geboorte-eiland. Ze dacht: hier kom ik vandaan, hier zal ik niet de vreemdeling zijn. Daar dachten ze op het eiland anders over, bleek al gauw. En overal waar ze woonde, miste ze iets van de plaatsen waar ze eerder thuis was geweest. In Suriname miste ze Unox-tomatensoep, op Curaçao de prachtige natuur van Suriname.  Al die plekken hebben haar beïnvloed en vormen een deel van haar. 

Valika Smeulders
'Ik vond het interessanter om met een integrale blik naar dat grotere gebied te kijken. Dus het zat er al vroeg in, die brede nieuwsgierigheid.’ (Foto: Bart Maat)

Brede nieuwsgierigheid

Aanvankelijk ging Smeulders in Leiden politicologie studeren, maar dat beviel haar niet. Ze vond dat de opleiding een te beperkte blik had. Ze switchte daarom naar Talen en Culturen van Latijns-Amerika. ‘Dat paste beter bij me, juist omdat het van alles wat was. Cultuurwetenschappen, taal, maar ook wetgeving, geschiedenis, literatuur, bedrijfskunde. Ik vond het interessanter om met een integrale blik naar dat grotere gebied te kijken. Dus het zat er al vroeg in, die brede nieuwsgierigheid.’

Die nieuwsgierigheid zet ze in bij het Rijksmuseum en nu eveneens bij de RUG. Tijdens haar oratie toonde ze foto’s van twee mensen die in 1832 in Suriname werden geboren. Een foto van een witte man in kostuum, en een foto van een gekleurde vrouw, deels in Afro-Surinaamse dracht. Wie alleen die foto’s ziet, vult vanzelf al veel in, denkt Smeulders. Die witte man zal wel slavenhouder zijn geweest, en die gekleurde vrouw tot slaaf gemaakte. Maar wie zich werkelijk in de geschiedenis verdiept, en de factor religie meeweegt, ziet iets heel anders. De gefotografeerde man, Eduard Oliveira, was lid van de protestantse gemeente in Paramaribo. Maar hij werd in slavernij geboren, en had een Joodse vader. De vrouw is zijn echtgenote Charlotte Halfhide. Zij werd vrij geboren. Haar grootvader kwam uit een gemengde relatie en werd ooit ‘vrijgekocht’.

Onzichtbare zichtbaar maken

Smeulders liet de afbeeldingen van Halfhide en Oliviera niet zo maar zien, het zijn de betovergrootouders van haar moeder. Hun verhaal illustreert dat geschiedenis en identiteit diffuser zijn dan je op het eerste gezicht denkt. Ook oordelen die we toekennen, zoals ‘dader’ of ‘slachtoffer’ zijn bij nadere bestudering minder eenduidig, waarschuwt ze. Salade, allemaal salade, net als in haar museumwerk. Smeulders: ‘Dat is de uitdaging van het onzichtbare zichtbaar maken. Het vereist veel onderzoek. Voor mij is dat een sport, ik vind het boeiend.’

Over Valika Smeulders

Valika Smeulders (Willemstad, 1969) woonde als kind in Suriname en Nederland. Ze studeerde Talen en Culturen van Latijns-Amerika in Leiden en Mexico Stad, en Heritage studies in Rotterdam, waar zij in 2012 promoveerde op Slavernij in Perspectief. Ze begon in 2017 bij het Rijksmuseum als conservator van de Slavernijtentoonstelling en werd er in 2020 hoofd Geschiedenis. Sinds 2024 is ze bijzonder hoogleraar Musea, erfgoed en religie aan de RUG. Haar oratie was op 3 oktober 2025.

Dit artikel is onlangs verschenen in ons alumnimagazine Broerstraat 5. 

Meer informatie

Valika Smeulders

Laatst gewijzigd:17 december 2025 15:41
Deel dit Facebook LinkedIn
View this page in: English