Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Religie afgedaan als gekte

07 maart 2012

Biografen stuiten vaak op een religiebeleving die ver van hen afstaat Zij lopen er dan graag met een grote boog omheen. Als het om religieuze zaken ging, was de honderd jaar geleden geboren dichter Jan Hanlo een man met twee gezichten. Ongelovigen probeerde hij er almaar van te doordringen dat je beter gelovig (liefst rooms- katholiek) door het leven kon gaan.

Paters en priesters bestookte hij voortdurend met vragen over ongerijmdheden in de Bijbel. Zelfs de allerhoogste ontkwam niet aan zijn twijfels: want waarom creeerde de almachtige God het kwade? Even gemakkelijk verloor hij zich in discussies over bizarre details, zoals de vraag of een priester bij de uitreiking van de heilige communie met zijn nagel de tong van zijn parochiaan mocht aanraken.

Hans Renders had in zijn biografie 'Zo meen ik dat jij ook bent' (1998) wel aandacht voor de moraalridder Hanlo in samenhang en contrast met de scepticus Hanlo. Maar achteraf vindt hij dat hij als biograaf het diep religieuze van de dichter te veel heeft afgedaan als een ziekelijke eigenschap, als een soort gekte. Bij een nieuwe poging zou geloof in de levensbeschrijving een veel prominentere rol spelen en dienen als middel om het doen en laten van de held te duiden en te verklaren.

Renders, tegenwoordig hoogleraar geschiedenis en theorie van de  biografie aan de Rijksuniversiteit Groningen, is medesamensteller van 'Biografie & religie', een bundeling van bijdragen aan een eerder gehouden congres over dit onderwerp. Renders is niet de enige biograaf die het element geloof verwaarloosde. Han van Bree laat in zijn artikel zien hoe de religiositeit van de oude Wilhemina, inclusief banden met Greet Hofmans, relatief weinig aandacht van historici kreeg.

Hij vergeet een beetje dat de vrouw na haar abdicatie er uberhaupt bekaaid van afkomt in de geschiedschrijvers. Tegelijkertijd heeft hij een punt als hij stelt, dat de gelovige Wilhelmina moeilijk past in het standaardplaatje van de standvastige, onwankelbare Oranjetelg. Ongemak met geloofszaken bij biografen kan een negatieve rol spelen.

Tot een halve eeuw geleden schreven historici hoofdzakelijk ove personen uit hun eigen zuil. Geschiedschrijver Gerard Brom verdiepte zich bijvoorbeeld in de levens van de katholieken Cornelis Broere, I.A. Alberdingk Thijm, Herman Schaepman en Alphonse Ariëns. Zijn toon was afstandelijk en professioneel genoeg om ook waardering te oogsten buiten de eigen kring. Maar bij Ariëns, priester en voortrekker van de rooms- katholieke arbeidersbeweging, met wie Brom decennialang persoonlijk contact had gehad, was de scheidslijn tussen biografie en hagiografie dun. ''Je werkt zóó opzettelijk naar de 'zaligverklaring' van je held toe waar je dan ook herhaaldelijk uitdrukkelijk over spreekt, dat je eenvoudig alles van den beschrevene van den allermooisten kant ziet", schreef een bevriende pater-wetenschapper.

Zaligverklaring stond bij deze collega nog tussen aanhalingstekens, maar het boek van Brom moest letterlijk bijdragen aan het vervolmaken van dat proces op weg naar de status van heilige.

Zo ver gaan in deze tijd nog weinig historici. Toch constateert Jeroen Koch terecht dat de meeste biografen nog steeds helden zoeken met een soortgelijke achtergrond als zijzelf. Nog omgeven door een katholieke nestgeur, maar niet religieus, maakte hij een uitstekende biografie van de gereformeerde Abraham Kuyper. Niet altijd makkelijk, bekent Koch. Wat doet een ongelovige auteur met een hoofdpersoon die ervan overtuigd was dat hij de wedergeboorte had ervaren? Anderzijds leiden verwondering en zelfs misverstand vaak tot het stellen van de essentiele vragen.

Een aantal auteurs in 'Biografie & religie' berijdt te veel het eigen stokpaardje en komt nauwelijks los van een eerder of nog te beschrijven held. Anderen raken wezenlijke punten aan, niet alleen als het gaat om de kloof tussen de ongelovige biograaf en zijn gelovige onderwerp. Er liggen veel meer valkuilen te wachten. Bekeringen die te veel worden gezien als moment in plaats van als proces. En ook op dit terrein loert de al door Kierkegaard gesignaleerde moeilijkheid dat levens naar voren worden geleefd, maar naar achteren moeten borden begrepen.

Mirjam de Baar, Yme Kuiper & Hans Renders (red.): Biografie & religie. De religieuze factor in de biografie. Boom, Amsterdam; ISBN 9789461054760; 300 blz. €19,90.

(c) Trouw, 3 maart 2012, Paul van der Steen

Laatst gewijzigd:31 mei 2016 14:53

Meer nieuws

  • 18 september 2018

    Swingend veldwerk in Haagse migrantenkerken

    Wie er oog voor heeft, vindt honderden migrantenkerken in ons land, vooral in de grote steden. Antropologisch gezien werelden op zichzelf. Hoe gaat men daar om met thema’s als gezondheid, seksualiteit, veiligheid? Wilde verhalen doen soms de ronde....

  • 10 september 2018

    Nieuwe Gerardus van der Leeuw Fellow Rosalind Hackett

    Prof. dr. Rosalind I.J. Hackett zal van augustus tot december 2018 als derde Gerardus van der Leeuw Fellow werkzaam zijn aan de Faculteit Godgeleerdheid en Godsdienstwetenschap van de Rijksuniversiteit Groningen.

  • 05 september 2018

    Dr. Andrew Irving Docent van het Jaar Faculteit Godgeleerdheid en Godsdienstwetenschap

    In de Doopsgezinde Kerk te Groningen werd op woensdag 5 september 2018, traditiegetrouw tijdens de opening van het academisch jaar van de faculteit, de uitslag bekend gemaakt van de verkiezing Docent van het Jaar 2018 van de faculteit Godgleerdheid...