Skip to ContentSkip to Navigation
Rijksuniversiteit Groningenfounded in 1614  -  top 100 university
Onderwijs Opleidingen Andere studiemogelijkheden Groningen Academy for Radiation Protection

Goniometrische functie

α = hoek tussen lijnsegmenten AB en AC
α = hoek tussen lijnsegmenten AB en AC

De goniometrische functies sinus (sin), cosinus (cos), tangens (tan), cotangens (cot), secans (sec) en cosecans (cst) beschrijven de relatie tussen een hoek in een rechthoekige driehoek en de verhouding van de lengtes van twee van de zijden.

Men krijgt de naam van de inverse functie gewoonlijk door gebruik te maken van het prefix "arc".

sin(α) = BC / AB α = arcsin(BC / AB)
cos(α) = AC / AB α = arccos(AC / AB)
tan(α) = BC / AC α = arctan(BC / AC)
cot(α) = AC / BC α = arccot(AC / BC)
sec(α) = AB / AC α = arcsec(AB / AC)
csc(α) = AB / BC α = arccsc(AB / BC)
sin(α) = cos(90° - α) tan(α) = cot-1(α)
sin(α) = -sin(180° - α) tan(α) = cot(90° - α)
sin(α)2 + cos(α)2 = 1 tan(α) = -tan(180° - α)
tan(α)2 + 1 = cos(α)-2
cot(α)2 + 1 = sin(α)-2
Laatst gewijzigd:27 december 2025 10:12
View this page in: English