Abstract Onderzoek - Regeneratieve Landbouw

Regeneratieve landbouw is een toekomstbestendige vorm van voedselproductie waarbij landbouw samengaat met bodemverbetering en natuurherstel en daarbij een goed verdienmodel voor de boeren. Het maakt gebruik van natuurlijke processen die zichzelf reguleren, waardoor er weinig externe hulpbronnen nodig zijn. Door de focus te leggen op het verbeteren van de bodemgezondheid en het optimaal benutten van ecosysteemdiensten, kan de kwaliteit van de grond en de natuur rondom het bedrijf verbeteren. Hoewel een regeneratieve aanpak in de melkveehouderij diverse problemen kan oplossen, is het op dit moment lastig om een verdienmodel voor deze manier van boeren te vinden.
De onderzoeksvragen
1. Welke kansen en belemmeringen zijn er om tot regeneratieve verdienmodellen te komen?
2. Welke spelers (met name financiers en keten - partijen) zijn hiervoor nodig en welke rol hebben zij in dit proces?
3. Hoe kan de interactie tussen boer, bank, afnemer, consument, overheid en andere relevante partijen verbeterd worden? Wat is er nodig om te komen tot deze nieuwe samenwerkingsvormen?
4. Welke basis is er nodig om dit te kunnen opschalen en ook in andere gebieden mogelijk te maken?
5. Wat is de rol van de overheden (rijk en regio) in de transitie naar nieuwe verdienmodellen en een regeneratief systeem?
Korte methodologie
De resultaten volgen uit:
• Individuele gesprekken met melkveehouders in de regio’s Noordoost Friesland en Twente,
• Gesprekken met andere betrokkenen in de keten, het gebied en overheidsinstellingen
• Workshops en groepsdiscussies met een mix van melkveehouders en stakeholders.
De belangrijkste bevindingen
Kansen en belemmeringen
Er zijn een aantal belemmerende factoren die een rol spelen in de transitie naar een regeneratief bedrijf.
Slechte institutionele randvoorwaarden belemmeren de overgang naar regeneratieve verdienmodellen, door een gebrek aan duidelijkheid over regels, beleid en verwachtingen, tegenstrijdig beleid, het gevoel dat de overheid de boerenrealiteit niet begrijpt en onvrede over top-down communicatie.
De verankering van melkveehouders in een exportgerichte waardeketen (waarin tegen zo laag mogelijke kosten met veel gebruik van inputs geproduceerd wordt) vormt een barrière door gebrek aan structurele beloning voor duurzamere productie, onvoldoende financiële middelen om naar een duurzamer bedrijfsmodel om te schakelen, ontbrekende alternatieven voor afzetmarkten, sterke invloed van ketenpartijen en beperkte aandacht voor regeneratieve landbouw in het onderwijs.
Er zijn kennislacunes rondom regeneratieve landbouw; zichtbaar en meetbaar resultaat kost veel tijd, onduidelijkheid over de link tussen maatregelen en effect, dure meetmethoden en uitdagingen door plaatselijke omstandigheden.
Daarnaast zijn er veel kansen voor regeneratieve landbouw. De intrinsieke motivatie, identiteit en gemeenschappelijke betrokkenheid van boeren bieden kansen voor verandering richting regeneratieve landbouw, mits de genoemde belemmeringen worden weggenomen. Gedeeld probleemeigenaarschap maakt het mogelijk om een verbinding te leggen tussen beleidsmiddelen voor het oplossen van maatschappelijke problemen en de gevolgen daarvan voor het verdienmodel van boeren. Het is essentieel om de vertrouwensrelatie tussen de overheid en boeren te verbeteren.
Rol van (keten)spelers en de overheid
Een overgang naar regeneratieve landbouw vraagt om een grote verandering in het hele systeem, waarbij iedereen in de keten betrokken is en mee moet veranderen. Het stimuleren van een gezamenlijke beweging zou greenwashing moeten voorkomen en draagt bij om stappen te zetten. Verduurzamen is belangrijk voor de samenleving en vraagt om structurele investeringen (uit publieke en private middelen) en een actieve aanpak van bijvoorbeeld bedrijven in de keten. Het is belangrijk dat alle maatregelen en doelen goed op elkaar aansluiten en dat er niet te veel administratie nodig is door duurzaamheidseisen eenvoudiger te maken. De rol van overheden moet op verschillende niveaus veranderen. Er is nog veel gebrek aan kennis, deskundigheid en middelen op lokaal en regionaal niveau om goed sturing te geven. Dit vraagt om een coördinerende rol, waarbij ruimte is voor beleid dat past bij de lokale en regionale situatie.
Interacties en opschaling
De basis voor opschaling is het goed documenteren van processtappen voor samenwerking, zodat geleerde lessen elders toepasbaar zijn. Hierbij is altijd maatwerk nodig, met betrokkenheid van lokale stakeholders. Het is essentieel om te werken aan een vertrouwensrelatie tussen betrokken partijen, met gedeeld eigenaarschap voor het veranderproces
Ons advies
• Stel duidelijke doelen en eisen voor de toekomst van de melkveehouderij.
• Maak beleid integraal en zorg voor integrale toetsing van ondernemingen, plannen en aanvragen in de landbouw.
• Ondersteun agrariërs financieel om milieudoelen (snel) te kunnen halen.
• Creëer een nieuwe tussencategorie grond tussen landbouw en natuur.
• Zorg ervoor dat experimenten en proeven vervolg krijgen.
• Richt een onafhankelijk, duurzaamheidsgericht en niet-commercieel voorlichtings- en kennisecosysteem op.
• Voorkom en verminder administratieve lasten.
• Herstel vertrouwen door betere communicatie.