Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaEvenementen en open dagenPromoties

Promotie mw. D. Vavrincová-Yaghi: The therapeutic potential of indoleamine 2.3-dioxygenase in kidney transplantation

Wanneer:wo 08-01-2014 om 11:00
Waar:Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen

Promotie: mw. D. Vavrincová-Yaghi

Proefschrift: The therapeutic potential of indoleamine 2.3-dioxygenase in kidney transplantation

Promotor(s): prof.dr. R.H. Henning

Faculteit: Medische Wetenschappen

Nieuwe gentherapie kan afstoting nier na transplantatie mogelijk voorkomen

Het is de grootste uitdaging in het veld van niertransplantatie: voorkomen dat het lichaam de nieuwe nier afstoot, of dat de nier chronisch slecht functioneert. Diana Vavrincová-Yaghi onderzocht het effect van een nieuw, lokale gentherapie en concludeert dat deze veelbelovend resultaten laat zien.

Vavrincová-Yaghi stelt voorop dat de vooruitzichten van miljoenen nierpatiënten wereldwijd na een transplantatie erg verbeterd zijn, zowel wat betreft kwaliteit van leven als levensduur. Wel moeten patiënten de rest van hun leven geneesmiddelen slikken die voorkomen dat het lichaam de nieuwe nier afstoot. Dat lukt niet altijd, en er is nog geen effectieve therapie om afstoten te voorkomen of slecht functioneren te behandelen.

Het medicijn dat de promovenda bestudeerde is Indoleamine 2.3-dioxygenase (IDO), een immuun-modulerend molecuul dat ook in het lichaam voorkomt en dat mogelijk afstoting en disfunctioneren voorkomt. Lokale gentherapie met IDO in ratten liet veelbelovende resultaten zien. Vavrincová-Yaghi concludeert dat deze gentherapie wellicht gebruikt kan worden bij acuut of chronisch nierfalen. Ze ontdekte tot slot dat IDO-metabolisme in het lichaam een belangrijke voorspeller is voor eventueel nierfalen na een transplantatie.

Diana Vavrincová-Yaghi (Bratislava, Slowakije, 1983) studeerde Farmacie aan de Commenius University in Bratislava. Zij verrichtte haar promotieonderzoek bij de afdeling Klinische Farmacie en Apotheek van het Universitair Medisch Centrum Groningen. Het onderzoek werd gefinancierd door de Nederlandse Nierstichting. Vavrincová-Yaghi werkt bij de afdeling Farmacologie en Toxicologie van de Commenius University.

printView this page in: English