More than words

Meertaligheid als kracht in de les
Klassikale gesprekken in meertalige klassen vinden voornamelijk in het Nederlands plaats. De leerkracht heeft vaak een dominante rol in deze gesprekken, bijvoorbeeld door vragen stellen die de kennis van leerlingen testen, beurten toewijzen en antwoorden van leerlingen evalueren. Maar er ontstaan ook kansen in deze gesprekken waarbij andere talen ingezet worden en leerlingen meer ruimte en initiatief hebben in het gesprek. Deze kansen ontstaan vooral als de leerkracht zelf een lerende rol aanneemt door het gebrek aan eigen kennis te benadrukken en antwoorden van leerlingen te herhalen in plaats van te evalueren.
Hoe maken leerlingen en leerkrachten gebruik van verschillende talen tijdens klassikale gesprekken? Deze vraag staat centraal in het proefschrift ‘More than words’ van Laura Nap. Zij analyseerde voor haar promotie video-opnames van gesprekken tussen leerkracht en leerlingen op verschillende basisscholen. Haar onderzoek schetst eerst een algemeen beeld van deze klassikale interactie en de ontwikkeling daarvan over tijd: hoe verlopen de klassikale gesprekken, welke talen worden daarbij ingezet en op welke manier?
Daarnaast heeft Nap in detail gekeken naar de gesprekspraktijken van leerlingen en leerkrachten op momenten waarop talen met elkaar worden vergeleken en momenten waarop meertaligheid expliciet wordt gewaardeerd. Daaruit blijkt dat het gebruik van talen die de leerkracht zelf niet spreekt geen belemmering hoeft te zijn. Het kan leerlingen juist ruimte bieden om hun eigen kennis en ervaringen in te brengen, waardoor een gezamenlijk leerproces ontstaat. Ook het opnieuw bespreken van informatie uit de les kan helpen om alle leerlingen actief te betrekken bij het gesprek, omdat iedereen dan over dezelfde kennis beschikt om mee te kunnen praten.
Verder laat haar onderzoek zien hoe gesprekken over voorwerpen die leerlingen van thuis meenemen een inkijkje geven in de talen en taalpraktijken binnen gezinnen. Door ouders hierbij te betrekken, kunnen leerkrachten beter aansluiten op wat leerlingen al weten en ervaren.
Nap maakt zichtbaar hoe leerlingen en leerkrachten meertalige klassikale gesprekken samen vormgeven. De inzichten bieden handvatten voor scholen, lerarenopleidingen en onderzoekers om niet alleen te kijken naar losse woorden in andere talen, maar naar praktijken die stimuleren dat alle leerlingen actief kunnen deelnemen aan klassikale gesprekken.