Allen Carr stoppen met roken-methode ontrafeld
De methode die Allen Carr bedacht om te stoppen met roken blijkt effectief. Dat concludeert prof. dr. Arie Dijkstra van de Rijksuniversiteit Groningen. Uit zijn onderzoek blijkt dat rokers die een Allen Carr training volgen een bijna vier keer zo grote kans hebben om na 13 maanden nog steeds gestopt te zijn met roken. Hij vergeleek zijn resultaten met rokers die ook wilden stoppen, maar geen training van Allen Carr volgden. Dijkstra: ‘We snappen nu hoe de Allen Carr training werkt en we zien dat relatief veel rokers die de training op hun werk volgen, stoppen.’ De resultaten van zijn onderzoek zijn onlangs gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift BMC Public Health.
100 rokers gevolgd
In het onderzoek werden bijna 100 rokers gevolgd die wel wilden stoppen met de Allen Carr training op hun werk. Voor de training, twee weken er na en na 13 maanden werden metingen verricht. De uitkomsten van die metingen werden vergeleken met die in een groep van 160 rokers die ook wilden stoppen. Zij werden geworven via het internet en via regionale kranten, maar kregen geen Allen Carr training. In de vergelijking werden de beide groepen statistisch zoveel mogelijk vergelijkbaar gemaakt.
De Allen Carr training leidde tot een significante afname van de motivatie om te roken. Verder bleken rokers in de Allen Carr training een bijna 4 keer zo grote kans te hebben om na 13 maanden nog steeds gestopt te zijn met roken. Dit werd ook vastgesteld met een koolmonoxidemeting. Afhankelijk van de rekenmethode was het succespercentage in de Allen Carr training minimaal 24% en maximaal 41%. In alle gevallen was dit significant hoger dan bij vergelijkbare rokers die de training niet volgden. Prof. dr. Arie Dijkstra concludeert dat dit belangrijke aanwijzingen zijn dat de Allen Carr training effectief is.