Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Climate, Affluence, and Culture; Evert Van de Vliert

02 december 2008
.
.

Climate, Affluence, and Culture; Evert Van de Vliert

uitgever: Cambridge University Press
uitgave: december 2008
pagina's:
ISBN-13: 9780521517874

Als warmbloedige soort gedijen mensen het best in gematigde klimaten en moeten ze meer aanpassende maatregelen nemen als ze in koudere of hetere streken van de wereld leven. Maar hoe creëren menselijke samenlevingen verbindingen tussen klimaat en cultuur? En welke culturen creëren ze? Al 25 eeuwen is dit een van de grootste nog onopgeloste wetenschappelijke problemen. Pas nu, in “Climate, Affluence, and Culture” door Evert van de Vliert (Cambridge University Press, December 2008), is een veelbelovend begin gemaakt om dat klassieke probleem aan te pakken. Na een beknopte beschrijving van het boek, volgen een auteursbeschrijving en webverwijzingen voor gedetailleerdere informatie.

“Climate, Affluence, and Culture” is gebouwd op 2 stellingen en 12 onderzoeken. De eerste stelling is dat de uiteindelijke kiem van cultuur ligt in de mate van afwijking van gematigde temperaturen. Overal en dagelijks moet iedereen het hoofd bieden aan klimatologische koude en hitte om overlevingsbehoeften aan thermisch comfort, voedsel en gezondheid te bevredigen. In gematigde klimaten, met temperaturen die lichtelijk variëren rondom het leefbaarheidsoptimum van 22oC (72oF), vormt culturele aanpassing niet zo’n probleem. Kouder-dan-gematigde en heter-dan-gematigde klimaten, die sterker van het leefbaarheidsoptimum afwijken, vergen daarentegen meer culturele aanpassing op langere termijn. De tweede stelling is dat culturele aanpassing aan klimaat afhankelijk is van de hoeveelheid cash (contant geld) en kapitaal (rentegevend bezit) waarover een samenleving beschikt om gematigde seizoenen, barre winters, of snikhete zomers het hoofd te bieden. Deze twee stellingen dienden als vertrekpunt voor een grootschalig onderzoeksproject vanaf de midden negentiger jaren. Uitgangpunt was het basisprincipe dat klimaat en rijkdom de Adam en Eva van alle hedendaagse culturen zijn, die elkaars impact op cultuur beïnvloeden.

Stap voor stap ontdekte het internationale onderzoeksteam onder leiding van Evert van de Vliert, overlevingsculturen in arme landen met veeleisende koude of hete klimaten, zelfexpressieculturen in rijke landen met veeleisende koude of hete klimaten, en relaxte culturen in arme en rijke landen met gematigde klimaten. Overlevingsculturen worden gekenmerkt door ongelukkigheid, kinderarbeid, werken voor geld, zelfzuchtigheid, autocratisch leiderschap, personderdrukking, en bureaucratische organisaties geleid door familieleden. Zelfexpressieculturen worden gekenmerkt door gelukkigheid, geen kinderarbeid, werken voor prestatie, samenwerkingsgezindheid, democratisch leiderschap, persvrijheid, en flexibele organisaties geleid door professionals. Relaxte culturen houden het midden tussen overlevingsculturen en zelfexpressieculturen, en worden verder gekenmerkt door lagere zelfmoordcijfers, en meer traditionaliteit en godsdienstigheid. Deze sociaal-psychologische ontdekkingen zijn erg belangrijk, juist nu, vanwege twee gigantische bedreigingen waar de huidige mensheid voor staat: globale opwarming en lokale armoede. In het afsluitende hoofdstuk worden klimaatbescherming en armoedebestrijding gecombineerd tot vier schetsen van scenario’s voor vormgeving van culturen, waaruit de wereldgemeenschap met spoed een belangrijke en principiële keuze moet maken.


Evert van de Vliert promoveerde in 1973 aan de Vrije Universiteit en was als docent en onderzoeker verbonden aan dezelfde universiteit, aan de Universiteit van St. Andrews in Schotland, en aan de KMA in Breda. Hij fungeerde als voorzitter van de Onderzoeksassociatie van sociaal- en organisatiepsychologen (1984-1989) en als onderzoeksdirecteur van het landelijke Kurt Lewin Instituut (1993-1996). Hij heeft meer dan 200 tijdschriftartikelen, hoofdstukken en boeken gepubliceerd waaronder Complex Interpersonal Conflict Behaviour: Theoretical Frontiers (1997). In 2005 is zijn werk bekroond met de Lifetime Achievement Award van de International Association for Conflict Management. Tegenwoordig is hij emeritus hoogleraar organisatiepsychologie en toegepaste sociale psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en onderzoekshoogleraar arbeids- en organisatiepsychologie aan de Universiteit van Bergen in Noorwegen. Zijn huidige onderzoek concentreert zich op cross-nationale vergelijkingen, met nadruk op de invloed van koude, gematigde en hete klimaten op nationale, regionale en organisatorische culturen.

For more information on the book, go to:

http://www.cambridge.org/us/catalogue/catalogue.asp?isbn=0521517877

For an overview of climate-culture links, go to “Climates Create Cultures”:

http://www.blackwellpublishing.com/pdf/compass/spco_002.pdf

For more information on the author, go to:

http://www.rug.nl/gmw/faculteit/medewerkers/objecten/523  

Laatst gewijzigd:21 februari 2017 11:16

Meer nieuws