Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaEvenementen en open dagenPromoties

Promotie mw. M.S. Müller: Proximate and ultimate aspects of androgen-mediated maternal effects in relation to sibling competition in birds

Wanneer:ma 01-07-2013 om 09:00

Promotie: mw. M.S. Müller, 9.00 uur, Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen

Proefschrift: Proximate and ultimate aspects of androgen-mediated maternal effects in relation to sibling competition in birds

Promotor(s): prof.dr. A.G.G. Groothuis

Faculteit: Wiskunde en Natuurwetenschappen

Moedervogel trekt sommige kuikens voor via dooiertestosteron

Welk kuiken zo agressief is dat hij bij voedselschaarste zijn broertjes en zusjes vermoordt, is al bepaald door de hoeveelheid testosteron die de moeder haar jongen in het ei heeft meegegeven. Martina Müller onderzocht de (evolutionaire) rol van dooier-testosteron op de overlevingskansen van vogeljongen.

In zowel planten als dieren geven moeders niet alleen hun genen aan hun kinderen door, maar ook niet-genetisch materiaal zoals hormonen. Deze hormonen spelen onder andere een belangrijke rol in het coördineren van ontwikkelingsprocessen en beïnvloeden het brein en daarmee ook het gedrag. Zo’n twintig jaar geleden werd ontdekt dat moedervogels aan hun eieren veel testosteron meegeven. Inmiddels weten we dat de hoeveelheid testosteron in de eieren kan variëren en systematisch verschilt tussen eieren van hetzelfde nest, tussen legsels van verschillende moeders en tussen verschillende vogelsoorten. Deze testosteronwaardes variëren vaak met de omgevingscondities en kunnen een positief effect hebben op de competitieve eigenschappen van de kuikens, waardoor ze sneller kunnen groeien en een grotere overlevingskans kunnen hebben.

Müller heeft verschillende theorieën getest over de functie en evolutie van variatie in concentraties van moederlijk hormoon in vogeleieren. Ook wilde ze tegenstrijdige gegevens in de literatuur over de effecten van deze moederlijke hormonen verklaren. Dit deed zij enerzijds met experimenten waarbij zij de hoeveelheid testosteron in de eieren en de kuikens manipuleerde, en anderzijds door op een kwantitatieve manier verschillen tussen soorten met elkaar te vergelijken in relatie tot hun leefomgeving. Hieruit kon zij onder meer concluderen dat het testosteron in de eieren een sterke invloed heeft op de competitie tussen de kuikens van hetzelfde nest. Bovendien bleek het uiteindelijke effect op de overleving van de kuikens sterk afhankelijk te zijn van de voedselrijkdom: onder goede voedselomstandigheden profiteren zwakkere kuikens van het moederlijke hormoon, maar onder slechte condities gaan ze daardoor juist eerder dood. Dit geeft de moeder een effectief middel om het aantal jongen aan te passen aan de voedselomstandigheden. Echter, de moeder lijkt de testosteronniveaus in de eieren niet ongelimiteerd te kunnen verhogen, aangezien ze dan zelf teveel wordt blootgesteld aan deze hormonen, wat schadelijk voor haarzelf kan zijn.

Martina Müller deed haar promotieonderzoek bij de afdeling gedragsbiologie van het Centre for Behaviour and Neurosciences. Het werd gefinancierd met een beurs van het Uboo Emmius Fonds van de RUG. Half juli begint zij aan een postdoctoral fellowship in Japan, gefinancierd door de Japanese Society for the Promotion of Science.