Skip to ContentSkip to Navigation
Maatschappij/bedrijvenWetenschapswinkelsBèta WetenschapswinkelHet WINDFARM perception project

Maskering

Er wordt wel geopperd dat windturbines naast snelwegen geplaatst moeten worden om het geluid van de turbines te maskeren. Uit dit onderzoek blijkt echter dat luider wegverkeer de hinder van windturbinegeluid niet duidelijk verminderd.

Misschien komt dit doordat verkeerslawaai andere geluidskarakteristieken heeft dan windturbinelawaai. Om te beginnen heeft een auto twee geluidsniveaus. De eerste, het motor­geluid, is laag en heeft een frequentie van 60 tot 80 Hz. De tweede, het geluid van de banden, is hoog en heeft frequenties die boven de 1000 Hz liggen. Windturbinegeluid heeft frequenties tussen de 400 en 1000 Hz. Dat ligt dus precies tussen de frequenties van het wegverkeer in.

Daarnaast ‘pulseert’ het geluid van windturbines, terwijl het geluid van een snelweg op grotere afstand tamelijk constant is. Pulseren geeft aan dat het geluid niet constant is maar steeds in sterkte varieert. Bij windturbines gebeurt dit in het tempo van het draaien van de rotorbladen. Van alle respondenten gaf 75% aan dat de termen zoevend of zwiepend het windturbinegeluid het beste beschreven.

Tenslotte is wegverkeer ’s nachts minder aanwezig, terwijl grote windturbines ’s nachts evenveel of zelfs meer lawaai maken dan overdag.

Laatst gewijzigd:02 oktober 2015 22:43
printOok beschikbaar in het: English