Skip to ContentSkip to Navigation
Maatschappij/bedrijvenCentrum voor Informatie TechnologieOrganisatieGeschiedenis

In memoriam dr. D.W. Smits (DWS)

dr. D.W. Smits
dr. D.W. Smits

Op 12 oktober is Donald Smits op 79-jarige leeftijd overleden. Hij was een van de grondleggers van het universitaire rekenen, de eerste directeur van het Rekencentrum en hoogleraar 'programmering van rekenmachines'. Wie was Donald Smits en wat heeft hij betekend voor het rekenen aan de RUG?

 

DWS
Enthousiasme, kennis van zaken, lef, zuinigheid en wilskracht waren kenmerkend voor Donald Smits. Hij onderschreef zijn briefjes altijd met DWS. ''Dat staat voor Door Wilskracht Sterk, net als die Amsterdamse voetbalclub'', legde hij graag uit. Donald Smits was een man van uitersten. 'Groot is goed' was zijn motto: de RUG moest de grootste computer van het land hebben en is inderdaad altijd bekend geweest vanwege het 'grootrekenen'.
Maar ook was hij vermaard om zijn gevoel voor het detail. Zijn grootste momenten beleefde hij als hij na een nacht zwoegen kans had gezien een programma 1 instructie korter te maken. In deze tijd, waarin we rekenkracht meten in teraflops, klinkt dat absurd, maar in de tijd van de ZEBRA kon dat vele minuten rekentijd uitsparen. En dat vond hij belangrijk en de moeite waard.

 

Scheikundige
Donald Wijtze Smits werd in Amsterdam geboren op 19 maart 1919. Na het behalen van het eindexamen HBS-B in Bussum studeerde hij Scheikunde aan de Universiteit van Amsterdam. Na een aantal onderbrekingen door oorlogsomstandigheden, legde hij in 1947 zijn doctoraalexamen af. In oktober dat jaar ging hij werken bij de RUG bij het laboratorium voor anorganische en fysische chemie. Tweemaal werkte hij als research associate bij de Pennsylvania State University. In 1952 promoveerde hij bij Professor Wiebenga op een proefschrift getiteld: 'De kristalstructuur van het zoutzure zout van glycyl-l-tyrosine'.
Bij het röntgendiffractie-onderzoek stelde hij zich de vraag hoe er gebruik kon worden gemaakt van elektronische rekenmachines. Hij had bij Niemeyers tabaksfabriek al kennis gemaakt met een tabelleer-machine waarmee hij berekeningen uitvoerde. Samen met de hoogleraren Wiebenga en Gerretsen, stelde hij de vraag of het niet tijd werd dat de Groninger universiteit zelf de beschikking kreeg over een elektronische rekenmachine.

 

De ZEBRA
Smits maakte een zeer gedegen studie van in aanmerking komende computers en bereidde de aanvraag voor, die leidde tot de eerste elektronische rekenmachine bij de RUG, de ZEBRA, wat staat voor Zeer Eenvoudige Binaire Reken Automaat.
In 1959 werd hij overgeplaatst naar het Mathematisch Instituut met de opdracht de ZEBRA te programmeren en in dienst te stellen van het wetenschappelijk onderzoek. De ZEBRA werd opgesteld in de kelder van het Mathematisch Instituut aan de Reitdiepskade. Een zaal vol apparatuur voor de computer die werkte met radiobuizen, een trommelgeheugen (32 Kbyte, en dat voor de hele universiteit!) en ponsband om gegevens in en uit te voeren. Er liepen een paar technici rond om de dagelijks optredende storingen te verhelpen.
De programmering geschiedde in 'machine code', een ware uitdaging voor programmeer-kunstenaars als Smits. Nachtenlang programmeerde hij om te voorkomen dat voor het ophalen van een volgende instructie een (vrijwel) loze omwenteling van de geheugen-trommel moest worden gemaakt.
Met een klein groepje medewerkers heeft hij kans gezien de ZEBRA een grote rol te geven bij het wetenschappelijk rekenen. Overigens is hij ook actief gebleven voor de Scheikunde; hij is jarenlang secretaris van de 'Union of chrystallography' geweest.

Na een korte aanloop, werd de ZEBRA al spoedig dag en nacht en in het weekend gebruikt. Met name voor het zogenaamde Gauss-programma dat de 21cm waterstof-spectraallijn uit het Orion sterrenbeeld analyseerde. Daarnaast werden er programma's ontwikkeld voor scheikundige berekeningen en correlatiecoëfficiënten en factoranalyse.

 

Het Rekencentrum
Al spoedig werd er nagedacht over een krachtiger computer en een andere, ruimere huisvesting. Na een uitgebreide selectieprocedure, waarin Smits de leidende rol speelde, viel de keus op een Telefunken TR4.
In 1964, met de komst van de TR4, werd het Rekencentrum officieel opgericht, vestigde zich in de Grote Appelstraat en werd Smits tot directeur benoemd. Met zijn befaamde ALGOL-colleges en het programma Zaehl heeft hij het gebruik van de computer een brede verspreiding gegeven. Algol doceerde hij zelf.
Tenslotte was hij sinds 1967 lector, later omgezet in een hoogleraarschap, in het programmeren van rekenmachines. De manier waarop hij deze computertaal onderwees was kenmerkend voor hem. Niet alleen legde hij de regels uit, maar ook alle uitzonderingen op de regels. Na het college volgde een practicum van 5 dagen om de taal te leren toepassen. Dat is wel wat anders dan 'Leer WP in 20 minuten' of een zelfstudiecursus Word!
Zaehl was de verre voorvader van SPSS, een primitief, lastig te hanteren programma, dat echter veel Sociale Wetenschappers tot de computer heeft gebracht. Ook vond Smits het belangrijk de computer te laten zien aan de maatschappij. Bij het lustrum van de RUG in 1964 toonde hij het rekentuig vol trots aan zo'n 5000 bezoekers van het Rekencentrum.
Het rekenen werd snel populair binnen de universiteit. De ponskaart kwam en de magneetband. Er kwam een primitieve plotter, de software-collectie nam toe, Fortran werd ontdekt en de mini-computer werd geïntroduceerd. Het personeelsbestand groeide. Er ontstond al snel behoefte aan krachtiger computers en meer ruimte.

 

Paddepoel
In 1971 werd de eerste Control Data computer aangeschaft en verhuisde het Rekencentrum naar een splinternieuw gebouw in Paddepoel. Donald Smits transformeerde toen meer en meer tot een manager. Eigenlijk tot zijn verdriet, want programmeren was toch zijn grote liefde. Maar met zijn enorme plichtsgetrouwheid nam hij ook deze taak op zich. In zijn hart vond hij dat het Rekencentrum, als centrale dienst, alles voor de klant zou moeten doen. Toch werkte hij mee aan de decentralisatie van het computergebruik. Er kwamen zelfbedienings in- en uitvoer stations buiten het Rekencentrum en er ontstond een terminal-netwerk.
In de jaren 80 kwam de micro-computer, die we nu pc noemen. Die zag Donald niet zo zitten, maar hij werkte wel mee aan presentatiedagen om de micro-computer bekendheid te geven. Hij was ook een van de eersten die met de tekstverwerkingsapparatuur ging werken, hoewel hij bleef vinden dat de computer er was om te rekenen.

 

Afscheid
In 1984, bij zijn pensionering, nam hij afscheid als hoogleraar-directeur van het Rekencentrum. Bij die gelegenheid werd hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Hij werd geëerd met een symposium waar bekende automatiseringspioniers hem veel lof toezwaaiden voor zijn inzet en successen. Het was het afscheid van een vaderfiguur -hij liet zich graag de eretitel 'Oom Donald' aanleunen- voor zijn medewerkers en voor de klant.
Na die tijd veranderde het gebruik van de computer revolutionair door de pc en door het netwerk. De aandacht voor 'groot is goed', steeds krachtiger centrale computers, veranderde in 'veel is mooi': de pc's. Ook luidde zijn afscheid een heel andere stijl van opereren van het RC in. Dat kwam niet door het afscheid van Donald Smits. Maar het samenvallen van zijn aftreden en deze grote veranderingen kan historisch worden opgevat als een eerbetoon aan een pioneer die het rekenen aan de RUG in gang heeft gezet.

Met het overlijden van Donald Smits is de pionierstijd van de computer bij de RUG definitief geschiedenis geworden. Wij gedenken een markante persoonlijkheid die de kiem heeft gelegd voor ons huidige RC.

_____________________________________________________________________

Foto's

  • Portret DWS
  • Zebra (overzichtsfoto)
Laatst gewijzigd:02 oktober 2015 22:27