Skip to ContentSkip to Navigation
Maatschappij/bedrijvenCentrum voor Informatie TechnologieOrganisatieGeschiedenis

Cyber 962 en VAX 8650 verdwijnen

(Intercom april 1993)

Uitgangspunt voor het CvB in de beleidslijn van decentrale IT-voorzieningen is dat faculteiten zelf voor vervangende voorzieningen moeten zorgen. Dit heeft voor de gebruikers nogal wat consequenties. Het verschil met grote conversies van computersystemen zoals we die in de loop der jaren enige malen hebben doorgemaakt, is met name dat voor een aantal diensten nu geen vervanging op centraal niveau wordt geboden. De eindgebruiker zal voor een aantal zaken zelf op een decentraal systeem voor een oplossing moeten zorgen, hetgeen een logische consequentie is van de door de faculteiten gemaakte keuze.

Globaal overzicht van de huidige dienstverlening

De centraal opgestelde Cyber en VAX zijn vrijwel continu algemeen toegankelijk via asynchrone (PACX) en Ethernet (TCP/IP) verbindingen en via kiesverbindingen over telefoonlijnen, terwijl de VAX ook via X29 of DECnet toegankelijk is.
Hieronder vindt u een globaal overzicht van de huidige dienstverlening.

·       Gegevensopslag en archivering (totaal 21,5 Gbytes en 5 tape-units).

·       Diverse uitvoerstations en services: regeldrukkers (centraal en decentraal), laserprinters, elektrostatische en (kleuren)penplotters, RUGpost-service, apparatuur t.b.v. een beeldverwerkingssysteem.

·       Backupservice, zodat gebruikersbestanden beschermd zijn tegen calamiteiten.

·       Netwerkservice naar alle grote (inter)nationale netwerken en mailboxen.

·       Zowel interactieve als batchservice (o.a. via de VAX op de Convex).

 

Op beide machines is een scala aan softwarepakketten beschikbaar:

·       De bedrijfssystemen NOS/VE en VAX/VMS met bijbehorende zaken zoals de editors EDIF en EDT en utilities als SCU, CMS en MMS.

·       Compilers voor Fortran, Pascal, C, Basic, Simula, LISP en PROLOG.

·       Numerieke programmatuur als NAG, IMSL, FPSMath, Reduce en Toolpack.

·       Grafische programmatuur: Komplot, Gekaart, Grafiek, Gepfor, Geppas, Geppost, Dlgfor.

·       Statistische programmatuur: SPSSX, BMDP, LISREL, MSP, PRELIS, GLIM, POSCON, MINISSA, CLUSTAN, SAS, CADA, EQS, VARCL en nog vele andere pakketten.

·       Database programmatuur: SIR en INGRES.

·       Diversen, zoals SCICONIC, FARS (archivering op tape), (La)TeX, Fluent, Phoenics en AspenTech.

 

Een aantal thans geboden voorzieningen zal verdwijnen, andere diensten zullen decentraal moeten worden overgenomen. Voor een aantal faciliteiten lijkt samenwerking tussen faculteiten sterk aan te bevelen, daar een centrale oplossing het enig mogelijke c.q. verreweg het beste is. Het RC wil hierbij graag een initiërende en coördinerende rol spelen.

 

Overzicht van enkele belangrijke huidige functionaliteiten, veranderingen en knelpunten

Interactieve en batchservice op Cyber en VAX

De Cyber en VAX bieden een ruime ontwikkel en programmeeromgeving en hebben een rol als productiemachine. Alhoewel de Convex C240 en de IBM RS/6000 in zekere mate algemeen toegankelijke machines zijn, moet nadrukkelijk gesteld worden dat beide systemen qua configuratie en capaciteit niet geschikt zijn om structureel het wegvallen van Cyber en VAX op te vangen.

Online mass-storage

De Cyber en de VAX bieden ruim 20 Gigabytes voor online gegevensopslag. Het is thans niet goed in te zien hoeveel opslag elders ondergebracht moet gaan worden, als is wel zeker dat bij het RC op dit moment geen adequate vervanging voorhanden is. De gebruikers moeten ruim de tijd nemen om deze gegevens te converteren en op te slaan op een  manier die latere verwerking mogelijk maakt, bijvoorbeeld als ASCII-code op een ANSI-standaard magneetband, op diskette, DAT-tape of een ander medium. Een oplossing op termijn voor het probleem van gegevensopslag is een MSM (Mass Storage Management) systeem, waarmee wordt gedoeld op een geautomatiseerd massaopslagsysteem met een capaciteit van circa 1 TeraByte, ten behoeve van archivering, back-upvoorzieningen en bestandsmigratie. Met een aantal gebruikersgroepen overlegt het RC over aanschaffing van een dergelijk systeem. Installatie ervan zal zeker niet vóór de buitengebruikstelling van Cyber en VAX plaatsvinden.

Magneetbandservice

De VAX-zelfbedienings tape-unit in de rekenhal en de magneetbandapparatuur aan Cyber en VAX zullen verdwijnen, waarmee de structurele centrale magneetbandservice beëindigd is. Weliswaar blijft aan de Convex een tape-unit verbonden, maar deze is niet structureel aan niet-Convex gebruiker beschikbaar te stellen. Een mogelijk alternatief zou het eerder genoemde MSM-systeem zijn.

De WEP-functie (Well Known Entrypoint) van de VAX

Deze taak omvat het afhandelen van in en uitgaand e-mail-verkeer met SURFnet en tussen de domeinen binnen de RUG. Omdat de WEP-functie voor de gehele universiteit erg belangrijk is, zal tijdig voor adequate centrale vervanging gezorgd worden.

De mailbox-functie van Cyber en VAX

Deze dienst wordt met name gebruikt door personen die vanuit hun werkomgeving geen beschikking hebben over een eigen mailbox-voorziening. Dit kan ook het gebruik van mailvoorzieningen vanaf huis of elders inhouden. Het beschikbaarstellen van mailboxen mag gezien worden als een decentrale aangelegenheid, waarvoor geen centrale middelen zouden hoeven worden aangewend. Toch tracht het RC voorzieningen te treffen om centrale mailboxen tegen een kostendekkende prijs als facilitaire dienstverlening aan te bieden.

Toegang tot RUGnet

De Cyber en de VAX worden ook gebruikt om vanuit het telefoonnetwerk decentrale systemen te bereiken. Dit kan door de PACX-poortselector worden overgenomen.

De centrale bulkprinter

Deze zal vervangen worden door een langzame regeldrukker, ook op te stellen in de rekenhal, onder meer om printmogelijkheden (inclusief de RUGPOST-service) aan andere centrale machines te blijven bieden.

Printnetwerk

Verschillende uitvoerapparaten (HP Draft kleurenplotter, HP Paintjet en enkele laserprinters) zijn fysiek met de VAX verbonden. Ook worden de VAX en Cyber gebruikt om elders aangemaakte bestanden af te drukken op een van de in het printnetwerk opgenomen uitvoerstations. Het RS/6000 systeem van het RC kan voor vervangende functionaliteit zorgen, zij het dat dit systeem niet is ingericht om grote aantallen gebruikers te herbergen. Ook de Convex maakt deel uit van het printnetwerk, maar deze machine biedt slechts een uitweg voor gebruikers die er nu al een account op hebben. Op de Convex kunnen niet veel nieuwe gebruikers worden toegelaten vanwege capaciteitsproblemen. Het RC bestudeert verschillende mogelijkheden om deze problematiek op te lossen.

Onderwijs

De Cyber en VAX worden nog in geringe mate gebruikt voor cursussen waarvoor mainframe-functionaliteit vereist is, zoals cursussen die gebruik maken van hoogwaardige uitvoervoorzieningen, grote databestanden of alleen op de mainframes beschikbare programmatuur. Op de RS/6000 in het onderwijscluster van het RC kunnen de meeste cursussen wel gehouden worden, tenzij er grote processorkracht voor nodig is.

Software

Basic, Lisp en Simula zullen verdwijnen, Pascal en Prolog lijven alleen nog beschikbaar op de RS/6000. Voor numerieke en grafische programmatuur wordt ervan uitgegaan dat gebruikers voor het merendeel eigen alternatieven zullen hebben. Het verdwijnen van statistische en database programmatuur vormt een knelpunt. De faculteit PPSW zal hoogstwaarschijnlijk een zogenoemde statistiek-server aanschaffen die ook door anderen gebruikt kan worden. Deze server zal bestemd zijn voor statistische, database en numerieke problemen die te groot zijn voor een PC of een eenvoudig werkstation en minder geschikt voor een parallel-computer als de Convex. Ook wordt met deze service de mogelijkheid geopend programmatuur beschikbaar te stellen die dermate weinig gebuikt wordt dat het niet zinvol is en te kostbaar om deze op een (groot) aantal PC's of werkstations te installeren.
Vooralsnog gaan we ervan uit dat de statistiek-server op tijd aanwezig is om conversie naar dit systeem zo eenvoudig mogelijk te laten verlopen.

Conversie magneetbanden en bestanden op schijf

Een van de voornaamste consequenties van de buitengebruikstelling is, dat naast het wegvallen van de verwerkingscapaciteit en opslagcapaciteit, ook de VAX-zelfbedieningstapeunit in de rekenhal en de magneetbandapparatuur aan de Cyber zullen verdwijnen. In samenhang hiermee zal de structurele magneetbandservice bij het RC vanaf 1 juli 1993 beëindigd worden en wordt het onmogelijk op het RC Cyber- en VAX-tapes te verwerken.
We willen graag de bezitters van Cyber- en VAX-magneetbanden helpen hun informatie veilig te stellen. Het gaat hierbij om gegevens die na eventuele conversie op een ander computersysteem zonder veel problemen verder verwerkt kunnen worden. Dit zullen dan systemen zijn die voornamelijk in eigen beheer zijn bij de gebruikers.
Naast hulp voor tapebestanden kunnen we ook helpen bij het overzetten van de op de VAX en Cyber aanwezige diskbestanden.
Voordat met een conversie begonnen kan worden, is eerst inzicht nodig over welk soort data het gaat. Zo zijn eigenlijk alleen files, bestaande uit ASCII-tekens, gemakkelijk over te dragen. Alle andere files, bestaande uit hoofdzakelijk binaire tekens, zoals bijvoorbeeld vertaalde programma's, SPSS-systeem files, FARS-banden en VMS-tapes in back-upformaat, zijn niet overdraagbaar. Ook moet men bedenken dat overgezette gegevens veelal niet zonder meer op andere systemen verwerkbaar zijn. Het is nodig dat op het systeem waar de data naar toe gemigreerd worden ook programma's aanwezig zijn die deze data verwerken kunnen. Er zal eerste goed naar de te converteren files gekeken moeten worden voordat men aan het werk gaat, wil men niet op een gegeven moment voor verrassingen komen te staan. Hoewel het RC daarbij voor zichzelf een helpende rol ziet, kan een dergelijk conversie niet verricht worden zonder gedetailleerde inbreng van de gebruiker: wat staat er precies op de tape, met wat voor programmatuur is deze beschreven en wat wordt er met de geconverteerde data in de toekomst beoogd? Omdat er na 1 juli 1993 geen structurele magneetbandservice meer zal zijn, is het dringend noodzakelijk dat u van te voren overweegt op welk medium de over te zetten informatie geplaatst moet worden in verband met de overdracht van de informatie naar een ander computersysteem.
Het RC kan u daarbij de volgende mogelijkheden aanbieden:

a)    Data oversturen met behulp van FTP via het netwerk naar een voor u beschikbaar systeem.

b)   Diskettes voor files niet groter dan enkele MB.

c)    Exabyte cartridge tape.

d)   Standaard ANSI-tapes.

Een keuze uit deze mogelijkheden kan in overleg met u gemaakt worden. Verder zullen er specialisten beschikbaar zijn die u kunnen helpen met de te converteren bestanden. Voor de overdracht van de informatie zal bekeken moeten worden welke eventuele conversieslagen er gemaakt moeten worden. Aan de hand hiervan zal een conversieprocedure gemaakt moeten worden. Als laatste zal de daadwerkelijk overzetting plaatsvinden. Wij benadrukken nogmaals dat het hier in bijna alle gevallen om maatwerk zal gaan: een conversiepad zal voor de meeste magneetbanden apart doorlopen moeten worden. Mede in verband hiermee is het van groot belang dat u niet tot het laatste moment wacht met het nemen van beslissingen over uw gegevens en daar vervolgens naar handelen.

 

Doeko Homan

 

Laatst gewijzigd:02 oktober 2015 22:26