Skip to ContentSkip to Navigation
Onderdeel van Rijksuniversiteit Groningen
Science LinXBètasteunpunt

Werkplan

Een handig stappenplan voor je profielwerkstuk!

Het Bètasteunpunt heeft het volgende stappenplan voor je profielwerkstuk opgezet, dat je houvast kan geven bij het opzetten van de profielwerkstuk. In het stappenplan geven we aan waar je de hulp van het Bètasteunpunt kunt verwachten

Stap 1: een hoofdvraag kiezen

Kies een hoofdvraag. Deze vraag wil je aan het einde van je onderzoek beantwoorden. Een mooie leidraad is dat de hoofdvraag altijd de invloed van een (onafhankelijke) variabele op een andere (afhankelijke) variabele weergeeft. Je kunt het Bètasteunpunt vragen of je een goede hoofdvraag hebt samengesteld.

Een goed voorbeeld is: 'Wat is de invloed van de omgeving (onafhankelijke variabele) op de vitamine C productie (afhankelijke variabele) van een vrucht?'

Een fout voorbeeld is: 'Wat is de vitamine C concentratie van een vrucht?'

Let er op dat je hoofdvraag goed is afgebakend!

Stap 2: deelvragen opstellen

Vervolgens deel je de hoofdvraag op in deelvragen. Denk erom dat je alleen deelvragen maakt, die relevant zijn voor het beantwoorden van je hoofdvraag. In ons goede voorbeeld bij stap 1 is een relevante deelvraag:

'Hoe kun je vitamine C bepalen in een oplossing?'

Een niet relevante deelvraag (maar wel een interessante) is:

'Wat is de geschiedenis van vitamine C?'

Door de deelvragen te beantwoorden, moet je je hoofdvraag kunnen beantwoorden. Is dat niet het geval, pas dan je deelvragen aan of kies extra deelvragen. Zorg er verder voor dat je deelvragen je de mogelijkheid geven om je hoofdvraag in logische stappen te beantwoorden.

Stap 3: een werkplan maken

Je gaat nu een werkplan maken. Daarvoor bedenk je hoe je het antwoord op je onderzoeksvragen gaat vinden. Sommige vragen kun je waarschijnlijk beantwoorden met literatuuronderzoek, voor andere moet je zelf een onderzoek uitvoeren. In het voorbeeld van de vitamine C concentratie kun je besluiten de vitamine C concentratie te meten in sinaasappels die wel of niet veel zonlicht hebben gezien. Je moet dan bedenken hoe je aan die sinaasappels komt (als je ze uit de supermarkt haalt weet je immers niet hoeveel zonlicht ze hebben gehad), hoe je de vitamine C concentratie kunt bepalen en welke van de mogelijke methodes je hiervoor kunt gebruiken.

Het is altijd belangrijk om te bedenken of je onderzoek wel uitvoerbaar is. Onderzoek met proefpersonen of proefdieren mag je vaak niet zomaar uitvoeren. Je kunt bijvoorbeeld niet zomaar onderzoek doen naar de invloed van drugs op sportprestaties, omdat je je proefpersonen niet zomaar drugs mag toedienen. Ook heb je niet heel veel tijd voor je profielwerkstuk. Wil je bijvoorbeeld veroudering onderzoeken, dan moet je goed nadenken hoe je dit wil doen. Veroudering is iets wat over een hele lange tijd gebeurd, daar kun je niet in drie maanden onderzoek naar doen bij iemand. Je kunt wel proberen om veroudering bij gistcellen te onderzoeken, omdat die een kortere levensduur hebben en dus ook eerder oud worden. Ook kun je proberen om bij ouderen een vragenlijst af te nemen, waarin je informeert naar hun verleden (hebben ze gerookt, hebben ze veel gesport, etc.) zodat je vervolgens kunt onderzoeken of hun verleden invloed heeft op hun huidige toestand.

Tenslotte bedenk je wat je nodig hebt en waar en wanneer je je onderzoek kunt uitvoeren. Informeer eerst of je de proeven op school kunt uitvoeren. In ons voorbeeld van vitamine C kun je de bepalingen makkelijk op school uitvoeren. Kies je er echter voor om de concentratie vitamine C met een NMR uit te voeren, dan moet je naar de universiteit toe, omdat je school geen NMR heeft. In dat geval kun je een aanvraag indienen bij het Bètasteunpunt. Vind je het moeilijk om een werkplan op te stellen, dan kunnen wij je daarmee helpen. Je kunt dan ook mailen naar het Bètasteunpunt. We zullen geen compleet werkplan voor je schrijven, maar kunnen wel helpen om te bedenken hoe je een bepaald onderzoek kunt uitvoeren of hoe je je deelvragen goed kunt formuleren.

Stap 4: het onderzoek uitvoeren

In deze stap voer je het onderzoek uit. Dat bestaat meestal uit twee delen: een literatuuronderzoek en een praktisch onderzoek. Hou je tijdens je onderzoek aan het werkplan dat je in stap 4 hebt opgesteld. Blijkt er iets niet te werken dan kun je je werkplan herzien en (een deel van) het onderzoek opnieuw uitvoeren.

Stap 5: een verslag maken

De laatste stap is het maken van je verslag. Je kunt de deelvragen als hoofdstukkopjes gebruiken. Bij het gedeelte waar je je onderzoek hebt gedaan, pas je de zogenaamde natuurwetenschappelijke methode toe. Je geeft eerst je onderzoeksvraag, vervolgens de methode, je waarnemingen en resultaten en je sluit af met de conclusie. De conclusie bevat het antwoord op je onderzoeksvraag. Kijk eens bij onze schrijftips voor meer informatie over het schrijven van een verslag. Denk ook aan een duidelijke bronvermelding!

Als je een goed gevoel hebt over je profielwerkstuk of praktische opdracht, dan stuur je het werkstuk in voor de Jan Kommandeurprijs. Je maakt dan kans op mooie geldprijzen. De winnaars mogen bovendien deelnemen aan een internationale conferentie.

Laatst gewijzigd:22 augustus 2017 08:54