Skip to ContentSkip to Navigation
Onderzoek Biografie Instituut

Biografie Lodewijk Napoleon (1778-1846)

Koning van Holland (1806-1810)

Op 5 juni 1806 benoemde de Franse keizer Napoleon zijn negen jaar jongere broer Louis tot koning van Holland. De Nederlandse Republiek werd daarmee, na ruim twee eeuwen, een monarchie. Die is het sindsdien gebleven, wat meteen de belangrijkste erfenis is van koning Lodewijk Napoleon. Zelf verloor hij al snel het vertrouwen van zijn machtige broer. Hij ontvluchtte Nederland in juli 1810 als een dief in de nacht.

Charles Howard Hodges (1764-1837), Portret van koning Lodewijk Napoleon, 1808. Collectie Amsterdam Museum, bruikleen Frans Hals Museum.
Charles Howard Hodges (1764-1837), Portret van koning Lodewijk Napoleon, 1808. Collectie Amsterdam Museum, bruikleen Frans Hals Museum.

De waardering voor koning Lodewijk loopt sindsdien sterk uiteen. In Frankrijk kreeg hij, mede door Napoleon zelf, een reputatie als onbetrouwbare slappeling, fantast en slechte echtgenoot. Ook in Nederland is hij wel beschreven als een zwak, weifelend en tragisch figuur. Maar hij werd toch vooral herinnerd als een man die zo één was met de Nederlanders dat hij daardoor botste met keizer Napoleon – Lodewijks inspanningen om de taal te leren (‘Iek ben Konijn van Olland’) spreken nog altijd tot de verbeelding. Recent is sprake van een herwaardering en wordt hij zelfs gezien als een van de grondleggers van het moderne Nederland. Hij slaagde erin zijn onderdanen rond de troon te verenigen en oude tegenstellingen te vervangen door een nationaal sentiment.

Die veranderende beoordeling is niet los te zien van verschuivende perspectieven op koning Lodewijk en zijn tijd. Traditioneel is veel aandacht uitgegaan naar oorlog, financiële politiek en staatkundige betrekkingen, terreinen waarop hij en Nederland speelbal waren van Napoleon. Onder invloed van de ‘cultural turn’ groeide vervolgens de belangstelling voor onderwerpen als Lodewijks contact met zijn onderdanen, de wijze waarop hij zich presenteerde, zijn optreden rond rampen en zijn inzet voor kunst en wetenschap, geloof en armoede- en gezondheidszorg. Mede doordat hij binnenlands een behoorlijk mandaat had, wist hij in zijn korte regeerperiode toch een stempel te drukken op Nederland.

Deze biografie wil deze perspectieven samenbrengen in een nieuw verhaal over Nederlands eerste koning. De kernvraag daarbij is wat koning Lodewijk dreef. Waardoor liet hij zich leiden, waarop baseerde hij zijn keuzes, wat inspireerde hem? En welke speelruimte had hij? Hiermee sluit deze biografie aan bij historiografische debatten over hoe ‘Frans’ de Franse tijd eigenlijk was, over hoe uitzonderlijk koning Lodewijk was binnen zijn dynastie en over hoe het Napoleontische systeem in de praktijk functioneerde.

Voor antwoorden worden in het bijzonder twee aspecten bestudeerd die tot op heden onderbelicht zijn gebleven. Allereerst Lodewijks persoonlijke ontwikkeling. Toen hij op 27-jarige leeftijd de troon besteeg had hij ervaring opgedaan als militair officier, prince Français en lid van de Franse Raad van State. Die bagage kleurde zijn optreden in Nederland. Het is bijvoorbeeld opvallend dat hij de Nederlandse Raad van State kort na zijn aankomst naar Frans model liet hervormen. Ook op terreinen als armenzorg, defensie, wetgeving en kunst en cultuur lijken persoonlijke voorkeuren en ervaringen een rol te hebben gespeeld.

Van groot belang is daarnaast dat Lodewijk Napoleon behoorde tot een dynastie, de familie Bonaparte, en regeerde binnen het Napoleontisch systeem. Dit betekende niet alleen dat de wensen en verwachtingen van de keizer niet genegeerd konden worden. Lodewijk onderhield ook contacten met familieleden elders op de troon, zoals zijn broers Joseph (Napels, Spanje) en Jérôme (Westfalen) en zijn zwager en zus Murat en Caroline (Napels). Op terreinen als Lodewijks publieke presentatie, zijn hofhouding en de relatie met andere vorsten speelden dynastieke overwegingen vermoedelijk een belangrijke rol.

Door de bestaande historiografie te verbreden met Lodewijks persoonlijke ontwikkeling en internationale en dynastieke banden wil deze biografie kortom duidelijk maken wat het betekende dat er aan het begin van de negentiende eeuw een Bonaparte in Nederland op de troon zat, en wat het betekende dat specifiek deze Bonaparte op de troon zat.

Dit promotieonderzoek wordt begeleid door prof.dr. Hans Renders en Dr. Joost Rosendaal.

Pepijn Reeser (pepijnreeser@gmail.com) is historicus en tentoonstellingsmaker. Hij werkte voor het Amsterdam Museum, de Nieuwe Kerk Amsterdam en het Nederlands Openluchtmuseum en was conservator bij het Limburgs Museum en het Nationaal Historisch Museum. Eerder publiceerde hij onder meer een biografische studie over Desi Bouterse.

Laatst gewijzigd:11 december 2023 16:05
View this page in: English