Bron van gezag. Het optreden van Tweede Kamerleden als 'staatsrechtelijk geweten'
Een uitzonderlijk Tweede Kamerlid kan de officieuze eretitel ‘staatsrechtelijk geweten van de Kamer’ toebedeeld krijgen door collega’s of journalisten. Het meest recente voorbeeld is Kees van der Staaij (SGP), die in 2023 afscheid nam van het parlement. Maar de term bestond al in 1958, en verwees toen naar VVD-leider P.J. Oud. De eretitel is voorbehouden aan Kamerleden die hun kennis van parlementaire procedures, regels en conventies inzetten voor het goed functioneren van de Tweede Kamer, los van hun persoonlijke ideologische achtergrond.
Hoe zijn Tweede Kamerleden in staat (geweest) als ‘staatsrechtelijk geweten’ op te treden? En hoe droeg dit optreden bij aan het gezag van het parlement en handhaving van staatsrechtelijke regels? Dit project onderzoekt deze vragen vanuit biografisch, parlementair, staatsrechtelijk en partijpolitiek perspectief. Het onderzoek zal nieuw inzicht verschaffen in de wijze waarop Kamerleden op informele wijze normerend kunnen optreden ter handhaving van staatsrechtelijke regels, , juist nu die regels in politiek en maatschappij in toenemende mate ter discussie staan.
Duur van het project
2026 - 2029
Toegekende subsidie
200.000 euro van KNAW Fonds Staatsman Thorbecke
Contactpersoon bij onze faculteit
Projectleider is Boris van Haastrecht (SBB/DNPP)
Supervisors zijn prof.dr. Carla Hoetink (directeur DNPP) en prof.mr.dr. Solke Munneke (SBB)