Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Op zoek naar ‘early warning signals’

“Ik wil weten wat we kunnen met data die we nu zo makkelijk kunnen verzamelen”
07 januari 2019
Laura Bringmann

Psycholoog en methodoloog Laura Bringmann doet theoretisch en statistisch georiënteerd psychologisch onderzoek. Dat lijkt misschien abstract, maar de onderzoekster wil kunnen bijdragen aan betere behandelingen voor mensen met psychische aandoeningen. En ze wil zich graag inzetten voor een beter wetenschapsbeleid.

Het is sexy onder methodologen van de psychologie: de netwerkanalyse. Die benadering gaat er niet langer van uit dat één onderliggende oorzaak verschillende symptomen, bijvoorbeeld van depressie, veroorzaakt. Nee, het zijn de symptomen, die elkaar beïnvloeden en de relaties tussen de symptomen kunnen bij iedereen anders liggen. “Als ik slecht slaap”, legt Laura Bringmann het idee uit, “dan is de kans groter dat ik me somber ga voelen. Dat komt niet door een stoornis dat ik me somber voel, maar het slecht slapen zelf heeft invloed op hoe ik mij voel.”

Hip en verwarrend

Sinds enkele jaren zijn er apps waarmee je je emoties kunt bijhouden. “Mensen kunnen steeds beter meten hoe het met hen gaat. Dergelijke apps worden ook gebruikt bij wetenschappelijk onderzoek. Ook om te kijken of de verzamelde data bij een persoon voorspellende waarde hebben, bijvoorbeeld bij het ontstaan of verergeren van een depressie.” Laura Bringmann ontwikkelde voor haar PhD, afgerond in 2016 in Leuven, onder meer een statistisch model bedoeld om patronen van wisselwerking tussen verschillende symptomen te analyseren. Netwerkanalyse, legt ze uit, zijn data verwerkt tot plaatjes die interacties laten zien. “Hip, maar ook heel verwarrend. Mensen hebben het over netwerken, maar bedoelen vaak simpele correlaties. Elk model met meerdere variabelen kun je neerzetten als een netwerk. Daarom heb ik mijn proefschrift genoemd: ‘Dynamical networks in psychology: More than a pretty picture?’” Het kenmerkt de filosoof in Laura Bringmann: zichzelf en anderen de vraag stellen wat gemeten wordt. Of dat voldoende zegt over de werkelijkheid?

Praktijk is nabij

Sinds november 2016 haalt ze haar hart op in Groningen als assistent professor. “Onverwacht kwam die droomplek vrij. Een loopbaantraject met uitzicht op een vaste aanstelling. Statistiek en psychometrie in interdisciplinaire samenwerking met wiskundigen en methodologen. In nauwe samenwerking met hele goede klinisch psychologen, zoals Peter de Jonge van de RUG en Marieke Wichers in het UMCG. Een plek om iets nieuws op te zetten, waar we ook kunnen testen met patiënten. Ik wil weten wat we kunnen met de data die we nu zo makkelijk kunnen verzamelen. Welke vragen we moeten stellen om early warning signals te ontwikkelen voor patiënten.” Early warning signals waarschuwen patiënten als hun klachten de verkeerde kant op gaan en er iets moet worden ondernomen. “In Groningen is de klinische praktijk nabij de universiteit. Ik spreek regelmatig af met therapeuten en patiënten op het UMCG.”

Sociaal netwerk betrekken

“Uiteindelijk wil ik er aan bijdragen dat we mensen met psychische aandoeningen als depressie of angststoornissen, beter kunnen behandelen. Ik vind dat we psychische klachten veel te veel herleiden naar het individu. We moeten juist de sociale context meer meenemen.” Bringmann vindt dan ook dat het sociale netwerk van cliënten veel meer bij de behandeling betrokken moeten worden. Voor haar eigen werk betekent het de vraag welke data nodig zijn om de brug te slaan tussen het sociale netwerk en emoties die mensen ervaren.

Beurzen op maat

Haar enthousiasme en energie is niet onopgemerkt gebleven. Laura Bringmann is geselecteerd als lid van de Young Academy Groningen (YAG). Die club zeer getalenteerde en ambitieuze jonge onderzoekers uit allerlei vakgebieden wil gezamenlijk de wetenschap verbreden, verrijken en verbeteren. “We organiseren events, met vragen als: hoe bedrijven we goede wetenschap, hoe presenteren we onze resultaten? Hoe leuk zou het zijn om interdisciplinaire workshops te organiseren voor jonge onderzoekers. Elk vakgebied heeft eigen methoden, wat kun je daarvan leren? Ik hoop te gaan deelnemen aan de policy workgroup. Die kijkt samen met decanen van faculteiten en het College van Bestuur hoe het wetenschapsbeleid van de RUG en landelijk te verbeteren zijn. Ik zou graag willen dat beurzen beter op maat gesneden worden zodat de slagingspercentages bij aanvragen ook hoger worden.”

Tekst: Angela Rijnen. Dit artikel verscheen eerder in GMW Magazine.

Laatst gewijzigd:07 januari 2019 12:19

Meer nieuws

  • 25 maart 2019

    Kentalis en Rijksuniversiteit Groningen verlengen samenwerking onderzoek doofblindheid

    Ieder mens heeft recht op een leven lang leren. Voor mensen met aangeboren doofblindheid is dat echter niet vanzelfsprekend. Daarom werd donderdag 21 maart jl. op een feestelijke manier stilgestaan bij de verlengde samenwerkingsovereenkomst tussen de...

  • 19 maart 2019

    Terugvalpreventie voor depressie

    Omdat de terugvalpercentages na herstel van een depressie hoog zijn, deed Nicola Klein promotieonderzoek naar hiaten in de kennis over terugvalpreventie bij depressie. Ze heeft zowel de klinische effectiviteit als de kosteneffectiviteit van verschillende...

  • 13 maart 2019

    Groningers vertalen unieke IDS-2 intelligentietest naar Nederlands situatie

    De IDS-2 is wereldwijd de eerste test die de belangrijkste ontwikkelingsgebieden van kinderen en jongeren tussen de 5 en 20 jaar met één instrument in kaart brengt. Van de van oorsprong Zwitserse test is sinds begin december 2018 ook een Nederlandse...