Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Drug related safety issues affecting pregnancy outcome and concerning risk minimisation measures. Emphasis on pregnancy prevention programmes

16 november 2012

Promotie: mw. H.J.M.J. Crijns, 12.45 uur, Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen

Proefschrift: Drug related safety issues affecting pregnancy outcome and concerning risk minimisation measures. Emphasis on pregnancy prevention programmes

Promotor(s): prof.dr. L.T.W. de Jong van den Berg

Faculteit: Wiskunde en Natuurwetenschappen

Preventieprogramma aangeboren afwijkingen door geneesmiddelengebruik faalt

Een geneesmiddel dat een vrouw slikt voor of tijdens haar zwangerschap kan oorzaak zijn van aangeboren afwijkingen bij haar baby. Geneesmiddelen waarvan bekend zijn dat zij schade kunnen veroorzaken aan een embryo of foetus en kan leiden tot aangeboren afwijkingen, miskramen of doodgeboorte, worden 'teratogeen' genoemd. Ineke Crijns deed onderzoek naar geneesmiddelen die aangeboren afwijkingen zouden kunnen veroorzaken en daarom in het Zwangerschap Preventie Programma (ZPP) zouden moeten worden opgenomen.

Nog steeds zullen er nieuwe geneesmiddelen op de markt worden gebracht die mogelijk schade kunnen toebrengen aan de ongeboren baby, bijvoorbeeld nieuwe anti-kankermiddelen. Deze middelen worden ook voorgeschreven aan vrouwen in de vruchtbare leeftijd en zullen dus een ZPP moeten hebben.

De door Crijns uitgevoerde evaluatie lijkt te wijzen op problemen met de therapietrouw bij met name de anticonceptie, maar ook bij de uitvoering van het programma door de voorschrijvers en apothekers. Met haar studie naar geneesmiddelgebruik onder vaders toont Crijns aan dat ook hier aandacht aan besteed moet worden als mogelijke oorzaak voor aangeboren afwijkingen.

In de Europese Unie (EU) werden zwangerschappen gerapporteerd bij gebruik van isotretinoïne, een geneesmiddel dat wordt voorgeschreven tegen ernstige vormen van acne. In verschillende EU lidstaten zijn aanvullende maatregelen genomen vanwege ontevredenheid over dit middel. In Nederland toonden enquêtes aan dat apothekers en huidartsen het ZPP-programma niet optimaal naleven. Een gebruikersstudie liet zien dat therapietrouw van anticonceptiva door vrouwen die isotretinoïne gebruikten hoger was dan in de algehele populatie, helaas toch maar 52-64%. Zeventien zwangerschappen tijdens isotretinoïne-gebruik toonden aan dat het falen van het programma veroorzaakt werd door slechte therapietrouw van anticonceptiva of dat zelfs niet gebruikt werd.

De zeven in de EU opgelegde ZPP's voor geneesmiddelen vertonen - naast overeenkomsten – verschillen in waarom deze programma’s zijn opgelegd en ook verschillen in het programma zelf. Er zou een ZPP per product opgelegd moeten worden, waarbij zoveel mogelijk harmonisatie is van de ZPP's maar waarbij natuurlijk ook productgerelateerde elementen aanwezig moeten zijn, concludeert Crijns. Verder zouden alle partijen betrokken moeten worden bij de opstelling van zo’n programma om een groter draagvlak te creëren. In het bijzonder de communicatie naar betrokkenen en tussen betrokkenen onderling moet aangemoedigd worden. Daarnaast zouden de criteria voor het opleggen van ZPPs vastgelegd moeten worden in een richtlijn voor de registratie autoriteiten van nieuwe geneesmiddelen. Uiteindelijk zouden experts over invloeden van middelen op de ongeboren vrucht zowel buiten als binnen de registratie autoriteiten samen moeten werken om de beste voorlichting aan patiënten en gezondheidszorg verleners te kunnen geven.

Onvoldoende therapietrouw van anticonceptiva is een van de redenen van het falen van het ZPP. Een andere reden is het ontbreken van goede voorwaarden waarbij alle betrokkenen geïnvolveerd moeten worden het draagvlak te verbreden voor een betere naleving van deze programma’s.

Ineke Crijns (Waalre, 1958) studeerde geneeskunde aan de KU Nijmegen. Haar promotieonderzoek deed ze aan de RUG, bij de afdeling PharmacoEpidemiologie en PharmacoEconomie en onder de onderzoeksgroep SHARE. Het valt onder het bredere onderzoeksproject 'Aangeboren afwijkingen door geneesmiddelgebruik van de moeder (en de vader)'. Haar promotieonderzoek werd gefinancierd door haar werkgever, het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen.

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:41
printOok beschikbaar in het: English

Meer nieuws

  • 08 juni 2018

    Waardedaling woningen in aardbevingsgebied tot 2015 gemiddeld 9,3%

    Woningen in het Groningse aardbevingsgebied zijn tot 2015 gemiddeld 9,3% in waarde gedaald. Dat concluderen promovendus Nicolás Durán en hoogleraar Ruimtelijke Econometrie Paul Elhorst van de Rijksuniversiteit Groningen. Zij analyseerden data van de...

  • 08 juni 2018

    Feringa verguld met bronzen buste en boek

    Donderdagmiddag 7 juni werd een klein Nobel-feestje gevierd op de Rijksuniversiteit Groningen. Beide Nobelprijswinnaars van de RUG zijn in brons vereeuwigd: natuurkundige prof. dr. Frits Zernike staat al zo'n 60 jaar in het Academiegebouw en vanaf nu...

  • 06 juni 2018

    RUG op plek 120 in QS ranking

    De Rijksuniversiteit Groningen (RUG) staat dit jaar op plaats 120 in de QS World Top University Rankings 2019. Afgelopen twee jaar stond de RUG opplaats 113 in deze lijst van bijna 1.000 universiteiten wereldwijd. Op nationale schaal is Groningen dit...