Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Spatial quality of cultural production districts

01 november 2012

Promotie: mw. A.J. Smit, 11.00 uur, Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen

Proefschrift: Spatial quality of cultural production districts

Promotor(s): prof.dr. P.H. Pellenbarg, prof.dr. J. van Dinteren

Faculteit: Ruimtelijke Wetenschappen

Creatieve woonwerkgebieden in verschillende steden onderzocht

Binnen grote steden zijn creatieve bedrijven vaak geclusterd in een beperkt aantal gebieden. Wereldwijd willen veel steden zulke creatieve zones ontwikkelen. Uit het promotieonderzoek van Annet Jantien Smit blijkt dat veel creatieve werktaken worden ervaren als plaats-onafhankelijk. Maar hun directe omgeving vinden creatieve ondernemers wel belangrijk, omdat beeldkwaliteit, sfeer en creatieve reputatie van de buurt hun productiviteit vergroot. Deze plaats-onafhankelijkheid leidt tot de paradox van de plek: Omdat creatieve ondernemers binnen steden overal gevestigd kunnen zijn, wordt de kwaliteit van de plek juist belangrijker voor hun locatiebeslissingen.

Smit interviewde grafisch ontwerpers, filmmakers, architecten, fotografen, en kunstenaars in drie creatieve clusters op buurtniveau: het Oostelijk Havengebied in Amsterdam, het Lloydkwartier in Rotterdam, en de Hortusbuurt in Groningen.

Opmerkelijk resultaat is dat visuele gebiedskwaliteit erg belangrijk blijkt voor locatiebeslissingen van creatieve ondernemers. Visuele kwaliteit kan meerdere verschijningsvormen aannemen, onder voorwaarde dat architectuur, groen en water een eigen visueel karakter geven aan de werkomgeving.

Ook blijkt een concentratie van creatieve bedrijvigheid in een buurt vooral voordelig vanwege een creatieve atmosfeer met veel gelijkgestemde ondernemers en een creatieve reputatie van de buurt bij opdrachtgevers. Opvallend is dat daadwerkelijke samenwerking tussen creatieve bedrijven op loopafstand nauwelijks een rol speelt in locatiebeslissingen.

De les voor stedelijke industriepolitiek en gebiedsontwikkeling is dat beeldkwaliteit, sfeer en reputatie samenhangen met locatiebeslissingen en het dagelijks functioneren van creatieve bedrijven. Deze ruimtelijke kwaliteiten verdienen daarom meer aandacht in ontwikkeling van creatieve werkmilieus.

Door de financiële crisis liggen veel gebiedsontwikkelingen nu stil. De nieuwbouw van woningen, vaak een belangrijk motor in gebiedsontwikkeling, is drastisch afgenomen.

De resultaten van Smits proefschrift over de ontwikkeling van creatieve woonwerkgebieden kunnen echter ook goed gebruikt worden in de nieuwste vorm van gebiedsontwikkeling: het ontwikkelen van gebieden door middel van tijdelijk gebruik. Het Ebbingekwartier in Groningen is daarvan een mooi voorbeeld: een deel van dit terrein is nu in gebruik genomen door tijdelijke functies, een cafétje, kinderopvang, studentenwoningen in containers, en een festivalterrein. Toch heeft het wel een bijzondere uitstraling door de moderne en kleurige container-architectuur, en de grote open ruimten. Juist zulke ruimtelijke kwaliteiten zijn aantrekkelijk voor creatieve ondernemers. Daardoor kan deze tijdelijke inrichting het gebied op de kaart zetten als creatieve zone, met relatief weinig financiële middelen.

Annet Jantien Smit (Avereest, 1972) studeerde Bouwkunde aan de TU Delft en deed haar promotieonderzoek als buitenpromovendus van de afdeling Economische Geografie van de Rijksuniversiteit Groningen. Het werd mede gefinancierd door het Lincoln Institute of Land Policy, Cambridge, USA; NICIS (Netherlands Institute of City Innovation Studies), en de gemeenten Amsterdam, Rotterdam en Groningen. Smit heeft een eigen bedrijf Denkbeeld voor ruimtelijk onderzoek en beleid. Vanaf 5 november 2012 is zij visiting researcher bij het Center for Advanced Urbanism op MIT, Cambridge, USA. Zij gaat daar een pilotproject van een NWO-project uitvoeren en gastcolleges geven.

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:42
printOok beschikbaar in het: English

Meer nieuws