Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Congenital bowel disorders

31 oktober 2012

Promotie: mw. C.S. van der Werf, 16.15 uur, Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen

Proefschrift: Congenital bowel disorders

Promotor(s): prof.dr. R.M.W. Hofstra

Faculteit: Medische Wetenschappen

Nader inzicht in oorzaken aangeboren darmsyndromen

Het aangeboren korte darmsyndroom (CSBS) kan veroorzaakt worden door mutaties in de genen CLMP en FLNA. Bij patiënten van ouders die familie zijn van elkaar moet gezocht worden naar mutaties in het gen CLMP. Bij mannelijke patiënten waarbij geen mutaties worden gevonden in CLMP, moet gezocht worden naar mutaties in FLNA, een gen dat ligt op het X-chromosoom. Dat blijkt uit het onderzoek van Christine van der Werf.

Het aangeboren darmsyndroom (CSBS) en het megacystis-microcolon-intestinal hypoperistalsis syndrome (MMIHS) zijn verwante syndromen. De belangrijkste kenmerken van CSBS zijn een korte dunne darm en malrotatie. Bij MMIHS zijn de belangrijkste kenmerken een vergrote blaas, een microcolon en hypoperistaltiek, en soms wordt ook een korte dunne darm gezien. Aangezien de syndromen bij mannen en vrouwen voorkomen, de ziekten vrijwel altijd bij kinderen in één generatie worden gezien en niet bij de ouders en omdat de ziekten vaak worden gezien bij neef-nicht huwelijken, wordt van beide syndromen gedacht dat het een recessief overervingspatroon heeft.

Van der Werf ging op zoek naar de genetische oorzaak van beide syndromen. Ze vond verlies-van-functie mutaties in de erfelijke eigenschap (gen) CLMP in recessief CSBS en een verloren gaan van twee basenparen in het gen FLNA in mannelijke CSBS-patiënten. Omdat er patiënten bekend zijn zonder mutaties in deze genen, valt echter te vermoeden dat er meer genen betrokken kunnen zijn.

Bij een neef–nicht huwelijk met een meisje met MMIHS werden aanwijzingen gevonden voor een ziektegen op chromosoom 1, 2 of 8. Door middel van het sequencen van alle genen werden echter geen pathogene mutaties gevonden. Er is meer onderzoek nodig om het onderliggende gen bij MMIHS te identificeren.

Christine van der Werf (Ghana, 1985) studeerde Geneeskunde te Groningen. Ze verrichtte haar onderzoek aan de afdeling Genetica van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) en binnen de onderzoeksschool GUIDE. Het onderzoek werd mede gefinancierd door de Junior Scientific Masterclass, het Termeulen fonds, het Van Walree fonds, de MLD-stichting, de J.K. de Cockstichting en de Stichting Simonsfonds. Van der Werf werkt inmiddels als arts-assistent op de afdeling Verloskunde en Gynaecologie in het ziekenhuis Medisch Spectrum Twente in Enschede.

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:42
printOok beschikbaar in het: English

Meer nieuws

  • 15 juni 2018

    Verslavingszorginstellingen moeten patiënten screenen op ADHD

    Verslavingszorginstellingen moeten patiënten screenen op ADHD Instellingen die verslavingszorg aanbieden, doen er verstandig aan om patiënten direct bij intake te screenen op ADHD. Dat vindt promovendus en psychiater in opleiding Katelijne van Emmerik-van...

  • 08 juni 2018

    Waardedaling woningen in aardbevingsgebied tot 2015 gemiddeld 9,3%

    Woningen in het Groningse aardbevingsgebied zijn tot 2015 gemiddeld 9,3% in waarde gedaald. Dat concluderen promovendus Nicolás Durán en hoogleraar Ruimtelijke Econometrie Paul Elhorst van de Rijksuniversiteit Groningen. Zij analyseerden data van de...

  • 07 juni 2018

    Hoge sterfte onder leverpatiëntjes toont belang van levende donatie

    Twintig procent van de patiëntjes jonger dan zes maanden met de zeldzame leverziekte galgangatresie en ernstige leverbeschadiging die tussen 2001 en 2014 op de wachtlijst voor een levertransplantatie stonden, overleed voor een geschikte donorlever beschikbaar...