Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsFaculteit Gedrags- en MaatschappijwetenschappenPedagogische wetenschappen en Onderwijskunde

Leerprestaties van leerlingen verbeteren als leerkracht vaardiger wordt in klassenmanagement

09 december 2014

Wat levert het op als je als leerkracht bepaalde strategieën voor klassenmanagement inzet? In hoeverre verbeteren het gedrag, de motivatie of de leerprestaties van leerlingen? En hoe zit dat met hun sociaal-emotionele ontwikkeling? In een review studie analyseerden Hanke Korpershoek en haar collega’s (Gronings Instituut voor Onderzoek van Onderwijs GION, Rijksuniversiteit Groningen) 47 eerdere onderzoeken naar klassenmanagementinterventies in het primair onderwijs.

De leerprestaties van leerlingen blijken het meest gebaat bij interventies die het gedrag van de leerkracht verbeteren, bijvoorbeeld doordat deze bepaalde klassenmanagementvaardigheden aanleert. Interventies met aandacht voor het verbeteren van de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen hadden daadwerkelijk een positief effect op dat vlak.
Over het algemeen hebben klassenmanagementinterventies een positief effect op leerlingen, onafhankelijk van de precieze inhoud van de interventies. Vergelijkbare positieve effecten zijn bijvoorbeeld gevonden voor leerprestaties, leerlinggedrag en de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen. De onderzoekers vonden echter géén effect op de motivatie van leerlingen.

Vijf schoolbrede programma’s voor klassenmanagement vergeleken

Ook keken de onderzoekers naar vijf schoolbrede programma’s die in meerdere studies waren onderzocht. Dit zijn programma’s waarin bijvoorbeeld op de hele school dezelfde gedragsregels worden afgesproken en/of waar extra lessen worden gegeven in ‘hoe je met elkaar omgaat’. Van de eerste vier zijn ook Nederlandse varianten op de markt:

  • Promoting Alternative Thinking Strategies (PATHS)
  • Good Behavior Game (GBG)
  • Zippy’s Friends
  • School-Wide Positive Behavior Support (SWPBS)
  • Second Step

De vijf programma’s bleken in grote lijnen even effectief te zijn, met als uitzondering het SWPBS-programma. Voor deze laatste vonden de onderzoekers nauwelijks significante effecten op leerlinguitkomsten. Verder sprong het PATHS-programma eruit, in Nederland bekend als PAD oftewel ‘Programma Alternatieve Denkstrategieën’: dit liet een groter effect zien dan de andere programma’s op de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen.

Klassenmanagement ondersteunt het leren

De onderzoekers hanteren als definitie van klassenmanagement “de handelingen die leerkrachten ondernemen om een omgeving te creëren die academisch en sociaal-emotioneel leren ondersteunt en faciliteert”. Deze handelingen, of interventies, deelden de onderzoekers in in vier categorieën: 1) gericht op leerkrachtgedrag, 2) gericht op leerkracht-leerling relaties, 3) gericht op leerlinggedrag, en 4) gericht op de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen. De onderzoekers voerden hun meta-analyse uit op in totaal 54 klassenmanagementinterventies, waarvan sommige schoolbreed waren uitgevoerd en andere door individuele leerkrachten.

Handreiking voor leerkrachten

De onderzoekers maken ook een handreiking voor leerkrachten, als aanvulling op het eindrapport van de meta-analyse. In die handreiking geven ze een samenvatting van de onderzoeksresultaten, en een overzicht van de verschillende klassenmanagementstrategieën en klassenmanagementprogramma’s die van invloed zijn op leerlingen. Ook beschrijven ze een aantal voorbeelden van effectieve programma’s in Europa. Met deze handreiking kunnen leerkrachten en scholen de meest effectieve en best passende interventie voor hun klas of school kiezen.

Meer over het onderzoek

De review studie Effective classroom management strategies and classroom management programs for educational practice (Korpershoek, Harms, De Boer, Van Kuijk, & Doolaard, 2014) werd gefinancierd als onderdeel van het fundamenteel onderwijsonderzoek van het NRO.

Laatst gewijzigd:09 december 2014 12:25

Meer nieuws