Skip to ContentSkip to Navigation
Jantina Tammes School of Digital Society, Technology and AI Onderdeel van Rijksuniversiteit Groningen
Jantina Tammes School of Digital Society, Technology and AI
Digitale welvaart voor iedereen
Jantina Tammes School of Digital Society, Technology and AI Nieuws

‘Technologie is geen wondermiddel: soms creëert het nieuwe problemen’

Interview JTS Scholar Malcolm Campbell-Verduyn
18 mei 2026
Foto: Campbell-Verduyn

Blockchain en kunstmatige intelligentie zijn indrukwekkende technologieën, maar geen wondermiddel voor onze maatschappelijke problemen. Dat zegt RUG-onderzoeker Malcolm Campbell-Verduyn. In deze aflevering van onze serie over de JTS Scholars pleit hij voor een breder publiek debat over de ontwikkeling en toepassing van technologie. Universiteiten spelen daarin een cruciale rol, stelt hij. ‘De academische gemeenschap is te reactief geworden.’

Tekst: Jelle Posthuma

Over de JTS Scholars

Een ‘JTS Scholar’ is een onderzoeker (van postdoc tot professor) verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen die onderzoek doet naar de gebieden die gerelateerd zijn aan de Jantina Tammes School: digitalisering, digitale technologieën en kunstmatige intelligentie. In deze serie interviewen we onze Scholars over hun expertise en de toekomstplannen voor interdisciplinaire samenwerking.

Lees ook de andere interviews op onze overzichtspagina.

‘On the internet, nobody knows you’re a dog.’ Het is 1993, de begintijd van het consumenteninternet, wanneer Peter Steiner zijn cartoon van twee honden maakt voor The New Yorker. Het onderschrift zou later wereldberoemd worden, omdat het perfect de essentie van online anonimiteit weet te vatten. ‘Dit is precies het internet waarmee ik ben opgegroeid in de jaren 90,’ zegt Campbell-Verduyn, universitair hoofddocent internationale politieke economie.

Verantwoording of anonimiteit, of beide?

De JTS Scholar Campbell-Verduyn is expert op het gebied van digitale identiteit. De afgelopen decennia is er veel veranderd, stelt hij. Overheden en bedrijven proberen steeds meer controle te krijgen over de digitale identiteit van internetgebruikers. ‘Grote creditcardmaatschappijen hebben hierin een belangrijke rol gespeeld, omdat ze willen weten met wie ze zaken doen. Door terrorisme en witwassen is dit proces versneld.’

Binnen de Europese Unie zijn er ook steeds meer initiatieven op het gebied van digitale identiteit, zoals een persoonlijke digitale ‘wallet’ voor elke EU-burger. Uiteindelijk draaien deze initiatieven om het traceren van digitale transacties en meer verantwoordelijkheid voor online gedrag, zegt de onderzoeker. Vaak om goede redenen: ‘Er gebeuren verschrikkelijke dingen online, dus er is zeker ruimte voor meer verantwoording. Maar er zijn onderwerpen waar veel meer discussie over is. Moeten we bijvoorbeeld reacties onder internetvideo’s uit de anonimiteit halen?’

Campbell-Verduyn richt zich op beide kanten van het debat. ‘Het is vaak erg zwart-wit. In mijn werk probeer ik een meer genuanceerd perspectief te bieden.’ Daarom wijst hij óók op de risico’s van het opheffen van anonimiteit, zoals de gevaren van identiteitsfraude. ‘Als we data van internetgebruikers opslaan, is er altijd een risico op diefstal.’ Hij noemt nog een voorbeeld dat pleit voor anonimiteit: ‘Wat als je een klokkenluider bent in Rusland? Dan kan het heel nuttig zijn om anonieme donaties te kunnen ontvangen.’

Crypto: revolutie of mislukking?

In zijn onderzoek richt Campbell-Verduyn zich op digitale technologie. Hij noemt kunstmatige intelligentie en blockchaintechnologie als belangrijke voorbeelden. Bij blockchain draait om gedeelde digitale databases. Het is de onderliggende technologie voor veel cryptovaluta, waarvan Bitcoin de bekendste is. Digitale identiteit en blockchain zijn nauw met elkaar verbonden. Cryptovaluta maken anonieme transacties mogelijk. ‘Binnen de blockchainwereld domineren vaak anti-overheidsstandpunten, mensen willen liever anoniem blijven.’

In de nasleep van de financiële crisis van 2008 raakte Campbell-Verduyn geïnteresseerd in deze digitale valuta. ‘Bitcoin was bedoeld om het systeem te vertragen. Blockchaintechnologie zou leiden tot een betaalsysteem zonder centrale bankiers. Gebruikers vormen samen een netwerk, en binnen dat netwerk heeft iedereen een rol. Dat democratiserende idee sprak me aan.’ Helaas, vervolgt de onderzoeker, heeft het Bitcoin-experiment tot op heden tot weinig fundamentele verandering geleid, omdat het grotendeels is uitgegroeid tot een speculatiemiddel.

Technologie als ‘wondermiddel’

Dit ‘falen’ hangt samen met een te groot vertrouwen in technologie, vervolgt de onderzoeker. ‘Bij elke technologische ontwikkeling heb je kennis uit andere disciplines nodig. Een technologische innovatie wordt vaak gezien als het wondermiddel voor al onze problemen, maar het kan juist nieuwe problemen creëren.’ Hij noemt kunstmatige intelligentie als voorbeeld. ‘We kunnen fantastische dingen doen met AI, maar tegen welke prijs? Het water- en energieverbruik is enorm. En dan zijn er de datacenters, moeten we die echt bouwen in een klein land als Nederland?’

Volgens Campbell-Verduyn vraagt dit om een breed debat met betrokkenheid van alle disciplines. Onderzoekers hebben de verantwoordelijkheid om zich duidelijk uit te spreken, voegt hij toe. ‘De universiteit is erg reactief geworden. We zien onszelf vooral als kennisproducenten, terwijl we veel assertiever kunnen zijn. Het is belangrijk om juist een stap naar voren te maken, bijvoorbeeld in de klimaatcrisis, ook al zal dat betekenen dat we van een deel van het publiek een label krijgen. De aarzelende houding heeft in ieder geval niet gewerkt. Universiteiten worden hoe dan ook bekritiseerd. Dat is duidelijk geworden door de recente bezuinigingen.’

Bye bye Big Tech

Een maatschappelijke kwestie waar Campbell-Verduyn zich actief over uitspreekt is de macht van Big Tech-bedrijven. Vorig jaar stuurde hij samen met collega-onderzoekers een open brief over de grote afhankelijkheid van de Rijksuniversiteit Groningen van Amerikaanse technologiebedrijven zoals Google en Microsoft. ‘Dat leek nooit een probleem te zijn onder presidenten als Biden en Obama, maar dat is de afgelopen jaren veranderd.’

De oplossing? Volgens de onderzoeker moet Europa beginnen met het bouwen van eigen systemen. Het blijft de vraag of daar voldoende middelen voor zijn. ‘Ik zou zeggen: absoluut. We hebben veel goedopgeleide mensen en een van de grootste munteenheden ter wereld; we kunnen schulden aangaan om dit te financieren.’ Hij benadrukt echter het belang van een Europese aanpak. ‘De bereidheid groeit snel, maar coördinatie is nodig. Nederland kan dit niet alleen.’

Geen gemakkelijke weg

De wens om minder afhankelijk te worden van grote Amerikaanse bedrijven komt ook terug in een publicatie-initiatief van Campbell-Verduyn. De wetenschappelijke uitgeverswereld is sterk afhankelijk van grote bedrijven zoals Elsevier. Daarom hebben Campbell-Verduyn en Oskar Gstrein, universitair hoofddocent bij Campus Fryslân, een eigen tijdschrift opgericht: The Yearbook on Data Autonomy (YoDA), uitgegeven door University of Groningen Press. ‘Het is ontstaan vanuit de ambitie om onafhankelijke en autonome manieren te ontwikkelen om kennis te bewaren.’

Het YoDA Yearbook is een onafhankelijk platform voor publicaties op het gebied van data-autonomie. ‘Als universiteit moeten we minder afhankelijk worden van grote uitgevers, die op hun beurt afhankelijk zijn van grote technologiebedrijven. Het is niet eenvoudig, dat merkten we met ons eigen kleine initiatief. Maar we hebben echt platforms nodig waarop we onze kennis onafhankelijk kunnen bewaren voor de volgende generatie.’

Laatst gewijzigd:13 mei 2026 15:53
View this page in: English
Volg ons op