Een grote groep zwevende kiezers beslist over klimaatbeleid

Met de huidige klimaatmaatregelen is het onwaarschijnlijk dat de doelen van het Parijs klimaatakkoord worden gehaald. Of toekomstige maatregelen het realistischer maken om dit doel te bereiken, hangt sterk af van de publieke opinie en politieke steun. Onderzoekers van het EU Capable project hebben een grootschalig internationaal onderzoek in 13 EU landen uitgevoerd om erachter te komen welke klimaatmaatregelen op meer of minder steun kunnen rekenen van het publiek en waarom.
Het onderzoek was niet enkel gericht op het peilen van meningen over klimaatmaatregelen, maar wilde ook een beter begrip krijgen van de meer fundamentele houding van deelnemers ten opzichte van klimaatbeleid. De data wijzen op vier profielen: voorstanders, neutralen, tegenstanders, en de volgens dit onderzoek cruciale “voorwaardelijk midden” (“conditional middle”). Van de ondervraagden steunt 36 procent de meeste klimaatmaatregelen en 21 procent is tegen de meeste klimaatmaatregelen. Tien procent waren neutraal.
Een grote groep van de respondenten (33 procent) vormt het voorwaardelijke midden, waarbij steun sterk varieert per maatregel. Zij baseren hun steun op de individuele maatregel, in plaats van een algemeen voor- of afkeur voor klimaatbeleid. Het onderzoek richt zich dan ook op deze cruciale groep om te begrijpen wat hun voorkeuren en steun op het gebied van klimaatbeleid bepalen.
De steun voor een bepaalde maatregel blijkt bij het voorwaardelijke midden vooral af te hangen van de verwachte kosten en baten. In heel Europa geven mensen de voorkeur aan beleid dat het voor mensen en bedrijven makkelijker maakt om klimaatvriendelijk te handelen (bijv. overheidssteun en subsidies), terwijl maatregelen met meer directe, negatieve financiële gevolgen en beperkingen (bijv. belastingen voor consumenten of gedragsbeperkingen) op minder steun kunnen rekenen. Dit geldt met name voor de voorwaardelijke midden, waar de verwachte kosten en baten zwaarder wegen dan veelbesproken factoren zoals partijvoorkeur, houding ten opzichte van het klimaat en sociaal-demografische factoren zoals inkomen, woonplaats of opleidingsniveau.
Mensen zijn enthousiast over beleid dat klimaatvriendelijke aanpassingen ondersteunt, in plaats van dat klimaatonvriendelijk gedrag verbiedt. Zo werd een voorgesteld algemeen verbod op auto's met verbrandingsmotoren door 73 procent van het voorwaardelijke midden afgewezen. Als het voorstel echter zo wordt geformuleerd dat vervanging door synthetische brandstoffen mogelijk is, daalt het percentage tegenstanders tot slechts 39 procent. Keith Smith, een van de hoofdauteurs van het onderzoek, zegt dat de elasticiteit binnen deze groep zeer opvallend is en benadrukt hoe cruciaal de details van de maatregel kunnen zijn voor de acceptatie ervan door het publiek.
Klimaatfondsen: mensen willen zichtbare voordelen
Uit het onderzoek blijkt ook dat het publiek bij voorkeur inkomsten uit klimaatfondsen, zoals het EU-emissiehandelssysteem, investeren in het toegankelijker maken van duurzame alternatieven (bijv. investeringen in groene technologieën of emissiearme vervoersdiensten) en compensatiemaatregelen voor huishoudens die door maatregelen geraakt worden (bijv. door hogere prijzen).
Verrassend genoeg worden compensatiebetalingen voor werknemers die risico lopen door klimaatverandering echter als minder belangrijk beschouwd. Dit is vooral merkbaar bij de voorwaardelijke middenmoot, die er de voorkeur aan geeft de fondsen te investeren in zichtbare en openbare diensten.
Reden voor hoop
De auteurs onderzochten verder de mogelijke impact van kleine, plausibele, verschuivingen binnen de voorwaardelijke middengroep. Als het aandeel van de voorwaardelijke middengroep dat “onzeker” was over een beleid zou verschuiven naar “steun”, zou het aantal voorstellen met meerderheidssteun aanzienlijk stijgen – van 4 op 15 naar 10 op 15. Voor Smith illustreren deze bevindingen de invloed van de voorwaardelijke middenmoot op de haalbaarheid van klimaatmaatregelen in heel Europa. “Als zelfs maar een klein deel van deze groep kan worden overtuigd, kunnen we een meerderheid vinden voor een reeks concrete klimaatmaatregelen in Europa”, aldus Smith.
Meer nieuws
-
17 februari 2026
Van ghostbuster tot rampenonderzoeker
-
03 februari 2026
‘Daar zit een goeie kop op’
-
20 januari 2026
Alcohol, appen en e-bikes

