Skip to ContentSkip to Navigation
TalencentrumOnderdeel van Rijksuniversiteit Groningen

Talencentrum

Express yourself <> understand the world
TalencentrumCommunicatietrainingAcademische vaardighedenHandboekMondeling: studenten

Argumenteren

In veel spreek- of schrijfsituaties moet je in staat zijn een eigen standpunt te formuleren en dat te staven met argumenten. Jouw tekst, of jouw bijdrage aan een discussie, debat of besluitvormingsproces is pas succesvol als je anderen weet te overtuigen van jouw standpunt. Daarom is het van belang inzicht te hebben in de manier waarop je standpunten en argumenten voor lezers en luisteraars duidelijk kunt formuleren en weergeven.

Standpunt: een taaluiting waarin een spreker of schrijver zijn mening over iets weergeeft.
Argument: een taaluiting waarmee een spreker of schrijver zijn standpunt verdedigt tegen kritiek.

Indicatoren

Om aan je lezer of toehoorder duidelijk te maken dat je een standpunt of argument geeft, kun je gebruik maken van zogenaamde indicatoren. Dit zijn woorden of stukjes zin waarmee je een uiting benoemt (standpunt) of een verband aangeeft tussen twee uitingen (argument).

Indicatoren van standpunten Indicatoren van argumenten
- Ik vind dat... - want
- Y is van mening dat... - omdat
- de conclusie moet zijn dat... - immers
- het is duidelijk dat... - aangezien
- volgens mij... - namelijk
  etcetera   etcetera

Ontbrekende indicatoren

Je kunt ook een standpunt innemen of een argument opvoeren zonder gebruik van indicatoren: 'Bush wil gewoon een oorlog voeren', 'de nieuwe bama-structuur levert veel overgangsproblemen op' of 'Conny heeft een nieuwe vriend'. Of jouw uiting beschouwd moet worden als een standpunt of een argument, of simpelweg als een mededeling, moet de hoorder/lezer dan uit de context afleiden. Volgt op zo'n uiting een reactie als 'hoezo?', dan is de uiting als standpunt opgevat, en zal je met argumenten moeten komen waarmee je het standpunt kunt verdedigen.


Soorten argumentatie

Argumenten en standpunten kunnen onderling op verschillende manieren samenhangen. De soorten argumentatie verschillen in mate van overtuigingskracht en wijze van presentatie in het uiteindelijke betoog. Kennis van deze soorten argumentatie is ook belangrijk om argumenten van anderen te kunnen herkennen en er adequaat op te kunnen reageren.

Enkelvoudige argumentatie

Het standpunt wordt ondersteund door slechts één argument.

Schema enkelvoudige argumentatie
Schema enkelvoudige argumentatie

Meervoudige argumentatie

Een spreker of schrijver voert meer dan één argument aan om zijn standpunt te verdedigen. Ieder argument op zich is bedoeld als een volwaardige verdediging van het standpunt. Daardoor is meervoudige argumentatie een vrij krachtige vorm van argumentatie. Als iemand kan aantonen dat een van de argumenten niet opgaat, blijven er nog altijd andere argumenten over waarmee het standpunt wordt onderbouwd.

Schema meervoudige argumentatie
Schema meervoudige argumentatie

Indicatoren van meervoudige argumentatie

  • Ten eerste, ten tweede, tot slot.
  • Een ander argument is dat...
  • Zelfs als dit niet opgaat, dan nog...
  • Overigens...
  • Trouwens...
  • Ten overvloede...
  • Niet te vergeten...
  • Behalve dat...

Nevenschikkende argumentatie

De spreker of schrijver brengt meer dan één argument naar voren, waarbij de argumenten alleen samen, in onderlinge samenhang, een onderbouwing vormen van het standpunt. De argumenten zijn daardoor in feite van elkaar afhankelijk.

Schema nevenschikkende argumentatie
Schema nevenschikkende argumentatie

Indicatoren van nevenschikkende argumentatie

  • daarbij komt...
  • bovendien...
  • daarnaast...
  • een reden temeer om...
  • vooral ook omdat...
  • wat nog belangrijker is...
  • alsmede...

Onderschikkende argumentatie

Een spreker of schrijver voert een argument aan voor zijn standpunt. Hij vermoedt echter dat dit argument zelf in twijfel zou kunnen worden getrokken en dus ook nog onderbouwd moet worden. Daarom voert hij direct een argument aan om het eerste argument te ondersteunen. Het eerste argument krijgt dan dus de status van substandpunt. Er ontstaat zo een keten van argumenten.

Schema onderschikkende argumentatie
Schema onderschikkende argumentatie

Indicatoren voor onderschikkende argumentatie

  • want
  • omdat
  • immers
  • aangezien
  • namelijk
  • dat blijkt uit...

Tips

  • Maak je standpunt en je argumenten als zodanig herkenbaar voor je lezers/gesprekspartners/publiek door indicatoren te gebruiken.
  • Maak ter voorbereiding een argumentatiestructuur. Als je zo'n 'boomstructuur' doordacht in elkaar zet, heb je een goede kapstok voor je betoog. Bovenin de boom formuleer je wat je standpunt is. Vandaaruit lopen er verschillende 'takken' naar de argumenten die het standpunt onderbouwen. Kijk kritisch naar de formulering van standpunt en argumenten en beoordeel of het verband ertussen logisch en begrijpelijk is. Zo kun je veel kritische vragen of aanvallen op je argumentatie voor zijn.
  • Een argumentatiestructuur heeft ook een belangrijke functie als analyse-instrument. Als je bijvoorbeeld moet reageren op het betoog van een ander, is het handig als je het betoog van diegene in een argumentatiestructuur kunt plaatsen. Je kunt dan snel en gemakkelijk zien waar gaten in het betoog zitten en op welke punten je het betreffende betoog dus kunt aanvallen. Ook het maken van zo'n analyse vergt enige oefening.
  • Goede oefeningen om je vaardigheid in het maken van een argumentatiestructuur te vergroten vind je in Van Eemeren, Grootendorst en Snoeck Henkemans, 1995.

Bronnen

  • Eemeren, F.H. van, Grootendorst, R., & Snoeck Henkemans, A.F. (1995). Argumentatie: inleiding in het analyseren, beoordelen en houden van betogen. Groningen: Wolters-Noordhoff.

© 2002 | RUG, Faculteit der Letteren, project Communicatieve Vaardigheden

Laatst gewijzigd:16 februari 2018 09:15