Skip to ContentSkip to Navigation
TalencentrumOnderdeel van Rijksuniversiteit Groningen

Talencentrum

Express yourself <> understand the world
TalencentrumCommunicatietrainingAcademische vaardighedenHandboekSchriftelijk: docentenBeoordeling

Algemene tips

  • Laat studenten conceptteksten tussentijds inleveren. Zo krijgt u inzicht in het schrijfproces van de student: de werkwijze, tijdsinvestering, mate van zelfstandigheid en de mate waarin commentaar op eerdere versies is verwerkt. Kennis over de wijze van totstandkoming van een schrijfproduct kan een belangrijke rol spelen in het eindoordeel. Zie ook Feedback vragen.
  • Besef de dubbelrol die schrijfdocenten spelen. De coach/begeleider stimuleert en denkt mee: zijn commentaar wordt vooral gebruikt voor revisie van een concepttekst. De beoordelaar meet of het beoogde niveau is behaald: zijn commentaar is het eindoordeel.
  • Breng zelf géén verbeteringen aan in de tekst, maar maak de student duidelijk welke verbeteringen nodig zijn. Signaleer veelvoorkomende fouten of markeer deze met behulp van gestandaardiseerde correctiesymbolen (zie Systeem van correctietekens).
  • Sta stil bij het leereffect dat van een eindoordeel uitgaat. Gedetailleerde kritiek heeft weinig zin als studenten een tekst niet herschrijven. Geef liever in algemene termen aan wat de sterke en zwakke kanten van de schrijver zijn.
  • Visies op tekstkwaliteit variëren van vakgebied tot vakgebied en van persoon tot persoon. Bespreek beoordelingscriteria met collega's en stem de criteria op elkaar af. Wat voor de ene docent vanzelfsprekend is, is dat niet per se voor studenten en voor collega's.
  • Wees expliciet over te hanteren beoordelingscriteria (zie ook beoordelingsmethoden). Stem de beoordeling af op de instructies die bij de schrijfopdracht gegeven zijn. Beoordeel niet op criteria die voor de studentschrijver nieuw zijn.
  • Vermijd vermoeidheid bij het beoordelen: een vermoeide beoordelaar is minder goed in staat zorgvuldig en consistent te handelen. Ook andere beoordelingseffecten kunnen de betrouwbaarheid en de consistentie bedreigen.
  • Accepteer nooit een tekst die al op het eerste gezicht niet aan de instructies beantwoordt. Dit kan zijn: een te lange of te korte tekst, een handgeschreven tekst, een tekst zonder bibliografie, een tekst met veel spelfouten, of van onvoldoende inhoudelijke kwaliteiten. Besteed dan geen verdere aandacht aan de overige aspecten, maar geef de tekst terug met duidelijke instructies voor verbetering.
  • Toon interesse in de vorderingen van studenten. Maak studenten bewust van het feit dat zij worden gezien als beginnende onderzoekers wier werk serieus en met interesse wordt behandeld. Deze benadering stimuleert studenten eerder om iets goeds van hun tekst te maken, dan de gedachte dat docenten een hekel hebben aan het nakijken van studentteksten.
Laatst gewijzigd:15 september 2017 21:01