Skip to ContentSkip to Navigation
TalencentrumOnderdeel van Rijksuniversiteit Groningen

Talencentrum

Express yourself <> understand the world
TalencentrumCommunicatietrainingAcademische vaardighedenHandboekSchriftelijk: docentenBeoordeling

Effecten op beoordeling

Beoordelaars staan al dan niet bewust bloot aan invloeden die een eerlijke beoordeling van teksten in de weg staan. U voorkomt een vertekende beoordeling door vooraf te vermelden dat 'deadline-overschrijding een punt aftrek kost' of dat 'spelfouten verstrekkende irritatie oproepen'. Daarnaast moet u onderstaande effecten zien te voorkomen:

Signifisch effect

Van tevoren is niet duidelijk waar een tekst op beoordeeld wordt. Hierdoor kunnen de resultaten van 1 schrijfopdracht op uiteenlopende manieren beoordeeld worden.

  • Bijvoorbeeld: een docent vindt eerst structuur belangrijk, maar gaat zich gaandeweg meer richten op het taalgebruik. De ene beoordelaar laat de stijl het zwaarst wegen, terwijl de ander de argumentatie belangrijker vindt.

Normverschuiving

De beoordelingsnorm vervlakt of verscherpt ten opzichte van het gemiddelde prestatieniveau van de beoordeelden.

  • Bijvoorbeeld: een beoordelaar wordt coulanter als het percentage onvoldoendes (te) hoog dreigt te worden, of strenger als de gemiddelde kwaliteit tijdens het beoordelen hoger blijkt dan verwacht.

Sequentie-effect

Er is een nawerking van voorafgaande beoordelingen van dezelfde schrijfopdracht.

  • Bijvoorbeeld: een beoordelaar heeft de neiging om na enkele zwakke schrijfproducten een volgend redelijk product een relatief hoger cijfer te geven dan wanneer dit product volgt op enkele zeer goede schrijfproducten.

Contaminatie-effect

De beoordelaar gebruikt de beoordeling voor oneigenlijke doelen.

  • Bijvoorbeeld: een laag cijfer als ‘straf’ voor iemand die altijd te laat komt, een hoog cijfer voor een student die aanmoediging behoeft, of voor een student die met zijn onderzoeksresultaten aansluit bij de theorie van zijn beoordelaar.

Halo-effect

Een eigenschap van de tekst of van de schrijver heeft een storende uitstraling (halo) op de beoordeling, ook als die eigenschap niet relevant is.

  • Bijvoorbeeld: een goede tekst wordt laag beoordeeld omdat hij er slordig uitziet, of een matige tekst krijgt een hoog cijfer omdat de schrijver bekend staat als hardwerkend en slim.

Persoonlijke tendens

De individuele normen en gewoontes van de beoordelaar hebben een verhullende uitwerking op de beoordeling.

  • Bijvoorbeeld: een docent geeft op een schaal van 10 nooit hoger dan 8 of nooit lager dan een 4.
Laatst gewijzigd:15 september 2017 21:01