Skip to ContentSkip to Navigation

Language Centre

Express yourself <> understand the world
Language CentreCommunication trainingAcademic skillsManualSchriftelijk: studentenTekstsoorten

Interviewartikel

Artikelen waarin een persoonlijk verhaal centraal staat, zijn vaak gebaseerd op een interview (zie Journalistiek interviewen). Zo'n artikel wordt wel interviewartikel genoemd. Interviewartikelen kun je vaak herkennen aan het specifieke format. Voor algemene terminologie van journalistieke artikelen: zie Journalistieke vaktermen. Hieronder vind je een aantal formats voor interviewartikelen met daarbij de kenmerken en de effecten van dat bepaalde format.

Formats

Format Kenmerken Effect
Vraag-antwoordmodel Vraag en antwoord worden afgewisseld. Antwoorden staan in de directe rede (=citaat). De lezer heeft het gevoel deelgenoot te zijn van het gesprek zoals het daadwerkelijk heeft plaatsgevonden.
Monoloog- of full-quote model De hele tekst bestaat uit wat de geïnterviewde heeft gezegd in de directe rede (=citaat); de vragen zijn weggewerkt. De geïnterviewde staat centraal. Het lijkt immers of deze constant aan het woord is geweest. Hierdoor is het model minder geschikt om het onderwerp centraal te stellen.
Indirect citaatmodel Parafrase - soms met inbegrip van interpretaties - van de woorden van de geïnterviewde in indirecte rede. Voorbeeld: 'Wat is de eerste stap?' 'Analytisch denken', zegt Dirk Smit. De geïnterviewde raakt op de achtergrond en het onderwerp zelf staat centraal.
Montagemodel Mengvorm van de bovenstaande modellen. Het combineren van verschillende weergavemodellen zorgt voor variatie in de tekst en kan voor de lezer aantrekkelijk zijn. Gebruik de verschillende weergavemodellen wel functioneel, dus een citaat als de geïnterviewde centraal staat en een parafrase als je de nadruk wilt leggen op het onderwerp of een interpretatie mee wilt geven.

Verwerking van het ruw materiaal

Als je tijdens het interview notities hebt gemaakt, is het raadzaam deze zo snel mogelijk uit te werken. Als je het interview ook hebt opgenomen, kun je de hele tekst uitschrijven of alleen de meest opmerkelijke uitspraken noteren. In beide gevallen kun je de gesproken taal verwerken door volledige zinnen te gebruiken en oneffenheden zoals 'eh's', lange stiltes, herhalingen, halve of slecht lopende zinnen weg te laten.

Selectie

Welke passages uit het vraaggesprek je - woordelijk of geparafraseerd - opneemt in je uiteindelijke tekst hangt af van:

  • de mate waarin de uitspraken aansluiten op de invalshoek die je hebt gekozen voor het artikel;
  • nieuwswaarde;
  • opmerkelijkheid van de uitspraak.

Citaatinbeddingen

Bij passages die je letterlijk wilt gebruiken in je artikel, zul je de spreektaal van de geïnterviewde moeten omzetten in leesbare en aantrekkelijke taal: een bewerkelijke klus, waarbij je vaak voor de moeilijke keus komt te staan in hoeverre je mag (of moet) sleutelen aan de letterlijke uitspraken van de geïnterviewde zonder deze inhoudelijk geweld aan te doen.
Hieronder staan enkele suggesties om de letterlijke passages aantrekkelijk en leesbaar te maken voor je publiek en waarmee je tevens recht doet aan de originele, inhoudelijke boodschap van de geïnterviewde. NB: het is gebruikelijk dat je je interviewartikel laat lezen aan de geïnterviewde zodat deze nog op- en aanmerkingen kan maken en het stuk kan autoriseren.

  • Gebruik spreekwerkwoorden
    Door werkwoorden te gebruiken als zeggen, vinden, antwoorden, vervolgen, roepen etcetera, maak je duidelijk welke bewoordingen toebehoren aan de geïnterviewde en welke bewoordingen van jou zijn.

    Op mijn vraag naar zijn mening over de invloed van baggeractiviteiten op het ecosysteem antwoordt Stevens terughoudend.

  • Gebruik interpretatiewerkwoorden
    Door werkwoorden te gebruiken als beweren, menen, waarschuwen, verzuchten etcetera kun je de uitspraak van de geïnterviewde een extra lading meegeven. Zorg er wel voor dat de interpretaties die je meegeeft aan het citaat waar zijn. Je moet er zeker van zijn dat je interpretatie recht doet aan wat de geïnterviewde bedoelde.

    Stevens is echter van mening dat er te veel factoren een rol spelen om een eenduidig antwoord te kunnen geven.

  • Gebruik werkwoorden die een begeleidende handeling uitdrukken
    Door werkwoorden te gebruiken als knikken, schudden, schateren etcetera laat je 'de mens' zien achter de geïnterviewde. Zorg er hier ook voor dat de werkwoorden die je gebruikt recht doen aan de bedoelingen van de spreker.

Bronnen

  • Donkers, H. & J. Willems. 1998. Journalistiek schrijven voor krant, vakblad en nieuwe media. Bussum: Coutinho.
  • Emans, B. 1989. Interviewen. Theorie, techniek en training. Groningen: Wolters-Noofdhoff.
  • Kussendrager e.a. 1997. Basisboek journalistiek. Achtergronden, genres, vaardigheden. Groningen: Wolters-Noordhoff.

© 2002 | RuG, Faculteit der Letteren, project Communicatieve Vaardigheden

Laatst gewijzigd:05 april 2019 13:35