Betoog Jochen Mierau: Waarom de gezondheidstransitie vandaag moet beginnen

Tijdens de kick-off van de Gezondheidstransitie in Groningen hield Jochen Mierau, Prodecaan Onderzoek & Innovatie en hoogleraar Economie van de Volksgezondheid RUG/UMCG, een krachtig pleidooi voor een fundamenteel andere benadering van gezondheid en beleid. Niet nóg meer analyses, maar concrete stappen. Niet morgen of in 2030, maar vandaag.
Gezondheidsproblemen zijn geen toeval
De grote gezondheidsuitdagingen waar Nederland voor staat zijn geen externe rampen die ons overkomen. Ze zijn het directe gevolg van hoe onze samenleving en economie zijn ingericht. Mensen worden niet ongezond door individuele keuzes alleen, maar doordat zij leven in een omgeving die ongezond gedrag stimuleert. Bedrijven krijgen ruimte om winst te maken, terwijl de kosten daarvan in de vorm van gezondheidsproblemen bij de samenleving terechtkomen.
Daarom is het volgens Mierau cruciaal om niet langer vooral het individu aan te spreken, maar juist de structuren en systemen die onze leefomgeving vormgeven.
Gezondheid als productiefactor
Gezondheid is geen bijzaak of vorm van liefdadigheid, maar een essentiële productiefactor. Een gezonde bevolking is een voorwaarde voor een goed functionerende economie. Tegelijkertijd ondermijnt een deel van het bedrijfsleven diezelfde gezondheid, terwijl het er wel afhankelijk van is. Dat leidt tot een paradoxaal systeem dat zichzelf op termijn ondergraaft.
De oplossing zit niet in het afschaffen van het winstmotief, maar in het beter kanaliseren ervan. Dat vraagt om slimme, adaptieve regulering die meebeweegt met innovatie. Statische regels lopen altijd achter op dynamische markten; effectief beleid vereist voortdurende bijstelling.
Minder rapporten, meer verandering
Nederland beschikt over een enorme hoeveelheid analyses en rapporten over gezondheidsverschillen. Die cyclus is herkenbaar: maatschappelijke verontwaardiging, beleidsbeloften en vervolgens weinig structurele verandering. Volgens Mierau is het tijd om dit patroon te doorbreken.
Zijn oproep: draai de verhouding om. Niet 80 procent analyse en 20 procent actie, maar 20 procent analyse en 80 procent verandering. De kennis is er al; nu moeten we die omzetten in beleid.

Verandering werkt incrementeel, oftewel stap voor stap
Grote maatschappelijke transities verlopen zelden via een ‘big bang’ (alles in een keer anders doen). Historisch gezien zijn het juist opeenvolgende kleine stappen die samen tot grote veranderingen leiden. Of het nu gaat om het ziekenfondsstelsel of de herinrichting van steden: structurele vooruitgang ontstaat door consistente, incrementele keuzes met een duidelijke richting.
We denken vaak in blueprints, maar verandering in werkelijkheid ontstaan via een mozaïek van kleine, incrementele stappen, en juist die optelsom maken uiteindelijk de grootste transities mogelijk.
Dat betekent: wel een stip op de horizon, maar geen dichtgetimmerd stappenplan. Ruimte om bij te sturen is essentieel.
Wat kan er nú al gebeuren?
Mierau benoemt verschillende maatregelen die direct toepasbaar zijn:
Erken gezondheid expliciet als productiefactor in beleid, communicatie en besluitvorming.
Pas het voorzorgsprincipe toe: niet wachten tot schade onomstotelijk is bewezen, maar eisen dat producenten aantonen dat hun producten en processen niet schadelijk zijn.
Maak gezondheidseffectanalyses standaard bij groot beleid, net zoals dat bij milieu-impact al gebruikelijk is.
Neem gezondheidsdoelen op in de wet, zodat ze niet steeds het onderspit delven tegen begrotingsdoelen.
Product- en voedselveiligheid: als de gezondheidseffecten onbekend zijn, hoort grootschalige blootstelling niet vanzelfsprekend te zijn.
Geen data, geen markt; investeer in landelijke gezondheidsdata, bijvoorbeeld via grootschalige cohorten, om effecten beter te kunnen volgen.
Nationaal én internationaal handelen
Effectieve gezondheidsbescherming moet deels internationaal worden geregeld, omdat nationale maatregelen vaak tekortschieten. Een succesvol voorbeeld is het WHO-kaderverdrag voor tabaksontmoediging, waarin de tabaksindustrie werd uitgesloten van invloed op beleid. Dit principe kan breder worden toegepast op zogeheten health-harming industries (zoals tabak, alcohol en ultrabewerkt voedsel): industrieën waarvan het verdienmodel structureel afhankelijk is van gezondheidsschade zouden geen rol moeten spelen bij het vaststellen van beleid, maar wel bij de uitvoering.
Iets anders is beleidsinconsistentie binnen de EU: landbouwsubsidies ondersteunen grondstoffen die later vaak worden verwerkt tot ongezonde producten. Door bij die omzetting een financiële correctie toe te passen (het terugdraaien van de subsidie), kan beleid beter worden afgestemd op gezondheidsdoelen en ontstaat een prikkel voor gezondere productie.
En eigenlijk zouden we moeten pleiten voor het doorberekenen van maatschappelijke gezondheidskosten in productprijzen. Dit is geen strafbelasting, maar een correctie: de prijs weerspiegelt dan de werkelijke kosten voor de samenleving. Om oneerlijke concurrentie te voorkomen, kunnen net als bij CO₂, gezondheidscorrecties aan de grens worden ingevoerd voor geïmporteerde producten. Dit is complex, maar uitvoerbaar en noodzakelijk voor effectief gezondheidsbeleid.
Begin vandaag
De kern van Mierau’s betoog is helder: de gezondheidstransitie hoeft niet te wachten op perfecte plannen of verre toekomstbeelden. Door vandaag te beginnen met gerichte, haalbare stappen en die consequent vol te houden, kan Nederland toewerken naar een gezondere generatie in 2040.
Zoals veranderingen in steden laten zien, van autopleinen naar leefbare binnensteden, ontstaat vooruitgang door elke keer opnieuw te kiezen voor gezondheid. Met tegenwind of niet, maar altijd vooruit.
