Page content
Section menu
Main menu
Associative links
Page content:
Nederlands

Zwangerschap en medicijnen


 


 

1. Waarom kan ik niet zomaar een medicijn gebruiken tijdens zwangerschap?

Vroeger dacht men dat het ongeboren kind beschermd was tegen schadelijke invloeden van buitenaf. Men dacht dat de placenta, die het kind met de moeder verbindt, geen stoffen doorliet. In de jaren zestig werd echter duidelijk dat medicijnen en andere stoffen wel degelijk schadelijk kunnen zijn, omdat er toen veel kinderen werden geboren met ernstige misvormingen aan de armen en benen. Het bleek dat het middel thalidomide (Softenon®), dat tijdens de zwangerschap door de moeder werd gebruikt, hiervan de oorzaak was. Sindsdien wordt speciale aandacht geschonken aan medicijngebruik tijdens de zwangerschap.

 

Van sommige medicijnen staat het vast dat ze gevaarlijk zijn wanneer de aanstaande moeder ze gebruikt. Andere medicijnen zijn veilig en kunnen zonder problemen gebruikt worden tijdens de zwangerschap. Van veel geneesmiddelen is echter niet bekend of ze schadelijk zijn tijdens de zwangerschap. Deze middelen worden zo min mogelijk voorgeschreven aan zwangere vrouwen. Soms is het echter noodzakelijk om een medicijn te gebruiken, ondanks dat het mogelijk schadelijk kan zijn voor de baby. Dit is het geval wanneer de ziekte van de moeder gevaarlijker is voor het kind dan het medicijn, zoals bij epilepsie. In zulke gevallen zal de arts altijd de risico's van de ziekte goed moeten afwegen tegen de mogelijke risico's van het medicijngebruik.

 

Gedurende de hele zwangerschap bestaat er een risico. Wel is het zo dat tijdens de eerste drie maanden van de zwangerschap het risico het grootst is. Dan worden namelijk de hersenen, de ledematen en organen aangelegd en is het embryo zeer gevoelig voor stoffen van buitenaf. Wanneer er nu schadelijke medicijnen worden gebruikt, kan de ontwikkeling hiervan worden verstoord en kunnen er aangeboren afwijkingen ontstaan. Na deze periode hebben medicijnen vooral een schadelijke werking op het functioneren van organen.

Ook het gebruik van medicijnen vóór de zwangerschap kan risicovol zijn, omdat bepaalde medicijnen lang in het lichaam achter kunnen blijven. Een medicijn dat bij ernstige psoriasis wordt gebruikt, acitretine genaamd, is daar een voorbeeld van. Dit kan nog twee jaar in het lichaam blijven en is zeer schadelijk voor het ongeboren kind.
Gebruikt u langdurig bepaalde medicijnen en wilt u graag kinderen, dan is het verstandig dit eerst met uw arts te bespreken. Hij kan dan met u bekijken of u de medicijnen gewoon kunt blijven gebruiken, of u er beter mee kunt stoppen of dat u een ander middel moet gaan gebruiken. (zie Langdurig medicijngebruik).

 

Aan alle vrouwen met een kinderwens wordt aanbevolen foliumzuur (vitamine B11) te slikken. Dit is een vitamine die onder andere de kans verkleint op een open ruggetje bij uw kind. Hiervoor heeft uw lichaam per dag 0,5 mg foliumzuur nodig. Foliumzuur is aanwezig in de voeding, maar met gezonde voeding komt u niet aan deze hoeveelheid. Daarom is het verstandig om elke dag één tablet foliumzuur te slikken. Deze zijn bij de apotheek verkrijgbaar. Wanneer een open ruggetje voorkomt in de familie of u heeft al een kind met deze aandoening, dan zult u een hogere dosering nodig hebben. Overleg in dat geval met uw huisarts.
Het advies is om foliumzuur vanaf ten minste vier weken vóór de bevruchting tot en met de achtste week van de zwangerschap te slikken, daarna kunt u er weer mee stoppen. Omdat het van tevoren natuurlijk niet duidelijk is wanneer u precies zwanger wordt, is het verstandig om te beginnen met foliumzuur vanaf het moment dat u stopt met anticonceptie.

 

Door roken komen nicotine en koolmonoxide in uw bloedsomloop en dus ook in die van uw ongeboren kind. Nicotine vernauwt de bloedvaten en door koolmonoxide kan het bloed minder zuurstof vervoeren naar het kind. Baby's van rokende moeders zijn daardoor naar verhouding kleiner en hebben een kleiner hoofdje. Het geboortegewicht is gemiddeld 200 g lager. Bovendien is er een grotere kans op ernstige groeivertraging.
Het drinken van alcohol kan schade veroorzaken tijdens de ontwikkeling van het embryo. Ook de aanleg van het centraal zenuwstelsel kan worden verstoord. Een zwangere vrouw die regelmatig drinkt, loopt een groter risico dat haar kind te vroeg geboren wordt. Wie enkele glazen per dag drinkt, heeft kans een kind te krijgen met een foetaal alcoholsyndroom. Het kind heeft dan afwijkingen in het gezicht en een verstandelijke achterstand.

 

Tijdens de zwangerschap is de behoefte aan vitaminen mogelijk iets verhoogd, maar bij een normale en gevarieerde voeding krijgt het lichaam voldoende vitaminen binnen.
Het slikken van extra vitaminen is dus niet nodig, met uitzondering van vitamine D en foliumzuur (vitamine B11). Het is verstandig om vanaf vier maanden zwangerschap één à twee tabletjes vitamine D (5-10 µg) te slikken. Tijdens de zwangerschap mogen zeker geen vitamine-A-preparaten geslikt worden omdat een teveel aan vitamine A tot aangeboren afwijkingen kan leiden. Om diezelfde reden wordt het gebruik van multivitaminepreparaten afgeraden, hier zit namelijk ook vitamine A in.
Wilt u toch een vitaminepreparaat slikken, dan kunt u beter vitaminepreparaten speciaal voor zwangeren gebruiken. Deze bevatten niet te veel vitamine A. Houdt u daarbij wel aan de aanbevolen dosering.


Terug naar boven


Last modified:November 17, 2005 13:18
Associative links: