|
Page content:
Nederlands
Master Algemene taalwetenschap
Hoe komt het dat alle mensen over een ingewikkelde taal beschikken en onze naaste verwanten --de chimpansees-- niet? Vertonen talen, naast verschillen, misschien ook grote overeenkomsten? Hoe komt het dat kinderen die taal schijnbaar moeiteloos leren in dezelfde fase van hun leven? Is ons taalvermogen aangeboren en heeft het misschien iets te maken met de aard van onze hersenen? Het verschijnsel taalDit is het soort vragen waar de taalwetenschap een antwoord op probeert te geven. Als je Frans, Duits of Engels studeert, dan is je studie in de eerste plaats gericht op die ene taal. Bij Taalwetenschap daarentegen wordt het verschijnsel taal in algemene zin bestudeerd. De klankvormen, de zinsbouw, maar ook de betekenisstructuren van talen vertonen grote en vaak onverwachte overeenkomsten. Die overeenkomsten probeert de taalwetenschap te achterhalen. Boeiende zoektochtenDat streven heeft geleid tot een van de meest boeiende zoektochten op het gebied van de menswetenschappen, waarbij men uiteindelijk terechtgekomen is bij vragen over de aard van onze hersenen (neurologie) en bij de genetica en de ontwikkelingsbiologie (bijvoorbeeld bij de bestudering van de kindertaal). Maar ook aan studenten die graag kennismaken met verschillen en overeenkomsten tussen allerlei talen (zoals het Baskisch, het Japans of het Engels) heeft Taalwetenschap veel te bieden. TaalstoornissenDaarnaast zijn er allerlei nuttige toepassingen. In Groningen ligt daarbij het accent op het bestuderen van taalstoornissen: Hoe zit het met de taal van kinderen met gehoorafwijkingen of met het syndroom van Down? Wat is het effect van hersenbeschadigingen op de taal (afasie)? Sinds kort is er in Groningen ook veel aandacht voor leesstoornissen (dyslexie). Een theoretisch en toegepast componentDe studie bestaat dus uit een theoretische component en een toegepaste component. Binnen de theoretische richting kan men zich specialiseren in fonologie (klankleer), syntaxis (zinsleer), semantiek (betekenisleer) en taalverwerving (van kinderen) en experimentele taalkunde. Binnen de afstudeerrichting neurolinguïstiek kan men zich specialiseren in taal-ontwikkelingsstoornissen, afasie en dyslexie.
|
Associative links:
|
|||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||
Current section:
Algemene taalwetenschap |
||||||||||||||||||||||