Skip to ContentSkip to Navigation
OnderwijsVoor oudersStudiekeuze

Keuzeproces

Fasen in het keuzeproces


Elke aankomende student gaat bij het kiezen van een studie door een aantal fasen, die we hier beschrijven (gebaseerd op het werk van van Otto Taborsky). In werkelijkheid zijn deze fasen vaak niet zo duidelijk te onderscheiden en duren ze ook niet allemaal even lang. Maar ze kunnen een goed hulpmiddel zijn in het proces van studiekeuze.

Keuzegids
1. Bezinning en het besef te moeten kiezen

Pas als je je werkelijk realiseert dat je moet kiezen, kun je je er ook werkelijk voor inzetten. Dit besef vraagt om actie. Als je er nog niet werkelijk van doordrongen bent dat je moet kiezen, kun je een beslissing eindeloos voor je uit schuiven of zelfs de vraag ontlopen. Gevoelens van twijfel zijn niet prettig, maar stel je er voor open, dan kan er een positieve spanning ontstaan en ben je in staat om jouw studiekeuze probleem op te lossen.


2. Acceptatie van de keuze onzekerheid
Een bijverschijnsel van het moeten kiezen, is een gevoel van onzekerheid. Accepteer dat er de komende tijd een knagend gevoel van onzekerheid kan zijn. Alleen als je dit toelaat kun je open om je heen kijken en de mogelijkheden exploreren. Het is een valkuil om snel een beslissing te willen nemen om van dat onaangename gevoel af te zijn.

Keuzeproces

3. Vrijuit onderzoeken (exploreren)  

Vanuit verschillende gezichtspunten ga je alternatieven onderzoeken. Kijk vanuit je wensen en ideeën. Brainstorm vrijblijvend en verbind nog geen consequenties aan mogelijke keuzes. Bedenkingen en voor- onderstellingen hoeven je niet belem- meren om informatie in te winnen! Ga praten met allerlei mensen voor meer informatie.  

4. Vergelijken

Vergelijk de verschillende alternatieven met elkaar. Het helpt wanneer je voor jou belangrijke criteria kunt benoemen. Vaak gaat dat automatisch doordat je je sterk verbonden voelt met een alternatief of een keuze. Een gesprek met anderen die jou goed kennen, kan in deze fase zeer nuttig zijn. Zij kunnen wellicht benoemen wat jij onbewust onderbelicht of zelfs niet ziet. Dit kan je keuzeproces versnellen.

Keuzeproces
5. Beslissen

De overgang van “niet weten wat je wilt” naar “weten wat je wilt” is vaak moeilijk aan te wijzen. Vaak valt de beslissing onbewust: vaak weet je niet waarom je iets beslist of waarop jouw beslissing is gebaseerd. Heb je dat wel onderzocht, dan geeft dat je energie om echt te gaan voor de gekozen richting. Je komt nu met overtuiging naar buiten, je gaat er meer over praten en daardoor ga je steeds meer achter je keuze staan.

6. Uitvoeren
Heb je uiteindelijk een beslissing genomen, dan leidt dat meestal tot energie: je krijgt er zin in. Obstakels die de realisatie in de weg kunnen staan, worden opgeruimd. Deze laatste fase van de uitvoering kenmerkt zich door een grote daadkracht.
Laatst gewijzigd:25 juli 2017 15:18