Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsWerken bij de RUGDaarom werk je bij de RUGTestimonialsJong talent vertelt

Han Thomas Adriaenssen: filosoof

'Het leukste aan college geven vind ik het zo duidelijk mogelijk maken van pittige materie.'

Op een donkere herfstochtend ontmoeten we filosoof Han Thomas Adriaenssen. Het oude en sfeervolle gebouw van de Faculteit Wijsbegeerte ademt een sfeer uit waarin je elk moment een groep zeventiende-eeuwse filosofen verwacht tegen te komen.

Han Thomas Adriaenssen
Han Thomas Adriaenssen

Middeleeuwse filosofie

Voor Adriaenssen was het al vroeg duidelijk dat filosofie zijn vakgebied zou worden. Op zijn middelbare school werd filosofie als vak gegeven en dat beviel hem uitstekend. Zijn interesse in de filosofie van de middeleeuwen en de Gouden Eeuw groeide geleidelijk. ‘Als student assisteerde ik bij een college over de middeleeuwen. Daar begon het interessant te worden.’ Toen hij daarna een vak volgde over Thomas van Aquino groeide die interesse. En de Gouden Eeuw? ‘Die heb ik altijd al boeiend gevonden. Die zeventiende-eeuwse filosofie heeft gewoon alles: ethiek, wetenschapsfilosofie, metafysica. Je hoeft je niet te specialiseren want alles is er.’

Worstelen met oude teksten

Na de studie lokte de wetenschap. ‘Dat wilde ik altijd al. Ik houd van dat geworstel met oude filosofische teksten. Dat je weet dat sommige teksten gewoon niet waar zijn en probeert de fout te ontdekken. De middeleeuwers kampten met dezelfde vraagstukken als wij. Ze stelden hele concrete vragen. Maar wij hebben veel meer middelen en informatie tot onze beschikking. Zij hadden alleen hun verstand en toch probeerden ze met hun beperkte middelen oplossingen te bedenken.’ Dat Adriaenssen zijn liefde voor de filosofie goed kan overbrengen, blijkt uit het feit dat hij drie keer Docent van het Jaar is geworden bij de Faculteit Wijsbegeerte. Zijn studenten omschrijven hem als een erg gepassioneerde docent die veel voor zijn studenten over heeft. Het leukste aan college geven vindt Adriaenssen het 'zo duidelijk mogelijk maken van pittige materie.'

Favoriete filosofen

Over de vraag wie zijn favoriete filosoof is, hoeft Adriaenssen niet lang na te denken. ‘Voor de middeleeuwen is dat Peter Olivi. Hij is een boeiende figuur omdat hij zo koppig is. Eigenlijk gedroeg hij zich als een olifant in een porseleinkast, maar wel met goede argumenten. Als zijn tijdgenoten fouten maakten in hun redeneringen, kon hij heel goed de vinger op de zere plek leggen.' En wat betreft moderne filosofen? 'In het algemeen heb ik een zwak voor filosofen die problemen zien maar dan doorschieten in hun oplossingen daarvoor. Dat zie je bijvoorbeeld bij de Fransman Nicolas Malebranche, uit de zeventiende eeuw. Zijn oplossingen zijn behoorlijk extreem. En verder heb ik mijn favoriete teksten die me altijd weer doen denken: ja, hierom is dit zo'n leuk vak. Dat heb ik bijvoorbeeld bij Van Ockam, een hele slimme man.’

Gouden Eeuw

Onlangs sleepte Adriaenssen een Veni-onderzoekssubsidie in de wacht. De komende drie jaar gaat hij die gebruiken om een boek te schrijven over de Aristotelische filosofie. 'De Gouden Eeuw heeft heel veel successen gekend. Er gebeurde in die tijd van alles in de wetenschap. Nieuwe filosofen zetten zich af tegen het middeleeuwse wereldbeeld en wilden met een schone lei beginnen. Maar er waren ook mensen die juist wilden vasthouden aan het Aristotelisme, de traditionele filosofie. En deze conservatieven waren niet dom: ze hadden correspondenties met de vernieuwers en schoven hen allerlei uitdagende vraagstukken toe, ze stelden hen op de proef. Wat ik nu wil onderzoeken, is of en hoe de uitdagingen die de conservatieve aristotelici formuleerden, van invloed zijn geweest op de nieuwe filosofen. Wat voor gevolgen heeft dit gehad?’

Scepticisme

De werkdagen van Adriaenssen zien er niet vaak hetzelfde uit. ‘Het hangt er ook heel erg van af of ik in een onderwijsperiode zit. Soms ben ik periodes vooral aan het lezen, dan ben ik weer dagen aan het schrijven. Maar wat ik bijna elke dag wel doe, is het lezen van een oude tekst, uit de middeleeuwen of de Gouden Eeuw.’ Wat hem nu vooral bezig houdt, is het afronden van een boek over het scepticisme, een richting binnen de filosofie die gebaseerd is op het koesteren van twijfel ten opzichte van overgeleverde waarden. De zeventiende-eeuwse filosoof Descartes legde de basis voor het scepticisme. ‘Mijn claim is dat het scepticisme niet per se een zeventiende-eeuws thema is. Het lijkt wel modern te zijn, maar ik betoog dat veel van de argumenten van Descartes al vindbaar zijn in de dertiende en de veertiende eeuw.’

Goed kunnen argumenteren

Ook vwo-scholieren krijgen de komende drie jaar te maken met het scepticisme omdat dat het eindexamenthema zal zijn voor filosofie. Adriaenssen levert een bijdrage aan het docentenhandboek daarvoor. Ook zelf geeft hij af en toe les aan scholieren. Hij doet dat met veel plezier. ‘Het vak filosofie leert scholieren al in een vroeg stadium om goed te redeneren en te argumenteren. Dat we als filosofen ook op deze manier kunnen bijdragen aan de maatschappij, is natuurlijk heel mooi.’
Laatst gewijzigd:15 december 2015 16:21
printOok beschikbaar in het: English