Skip to ContentSkip to Navigation
OnderzoekSustainable Society - linking SSH research to societyColumns 2017

Democratie als geestesgesteldheid

Jacques Wallage
Jacques Wallage

Het went nooit. Een president van de Verenigde Staten permanent op campagne tegen de beste kranten en Tv-zenders, die de wereld kent. ‘Fake News’, ‘losers’, ‘onbetrouwbare mensen’, lezen zijn 44 miljoen volgers op twitter steeds opnieuw. Schelden doet geen pijn riepen we vroeger. Maar dit doet wel zeer. Want het ondermijnt de rol en de betekenis van een vrije pers in een democratie. “Journalisten zijn onze beste vrienden, kranten onze grootste vijanden”, zei John Kennedy ooit. Tegenspraak is wezenlijk in een democratie. Het gaat niet alleen om parlementair toezicht, controle. Niet alleen om een meerderheid achter wetten en voorstellen. Het gaat ook om de botsing van visies, om publiekelijk te tonen wat politieke bestuurders aan het zicht willen onttrekken.

Democratie krijgt zijn formele vertaling in vertegenwoordiging. Door verkiezingen, door een keuze uit verschillende toekomstperspectieven. Maar democratie is en behoort veel meer te zijn dat de verkiezing van een volksvertegenwoordiging. Of een president. Het zou ook een ‘state of mind’ moeten zijn. En die, meer culturele dimensie, komt zwaar onder druk te staan als de onafhankelijke pers als de bron van het kwaad wordt afgeschilderd.

Niemand hoort mij zeggen dat journalisten geen fouten maken. Een kleine halve eeuw politiek bestuurlijke ervaring maakt dat ik de irritatie over veel journalistieke praktijken zeker herken. Halve citaten, wel hoor geen wederhoor, herhalen van onjuistheden ooit door anderen opgeschreven, gekleurde berichtgeving, nieuws maken in plaats van nieuws brengen, het bestaat allemaal. En het zelfreinigend vermogen van veel media is beperkt. Ik schreef ooit:’Je kunt makkelijker met een lid van het koninklijk huis over de tekortkomingen van de monarchie spreken dan met journalisten over de beperkingen van de media’. Ik neem er geen woord van terug. Maar wie, zoals Trump, systematisch over ‘The Failing@nytimes’ spreekt is bewust bezig de kredietwaardigheid van een belangrijk medium te beschadigen. Het is inmiddels een vast onderdeel van zijn communicatiestrategie: wie het waagt fundamentele kritiek te uiten wordt bij het oud vuil gezet. Het is deze tactiek van de verbale verschroeide aarde, die knaagt aan de wortels van de democratie.

Het raakt de essentie van waar het, naast de gekozen vertegenwoordiging, de uiteindelijke macht van het volk, in een democratische samenleving om gaat. Van mening kunnen verschillen, argumenten wisselen, de ander proberen te overtuigen. Het staat of valt met zorgvuldigheid. Je bestrijdt niet de ander, maar diens opvattingen. En – ook dat is democratie – je houdt naar stijl en inhoud rekening met het feit dat de ander ook gelijk kan hebben. Dat hij je kan overtuigen, ook al gebeurt dat bij grote verschillen van opvatting meestal niet. De ‘all-out war’ tegen andere opvattingen, tegen de andere kijk op de werkelijkheid, tast vroeger of later de basis van een democratische cultuur aan. Daarom zijn die ongeclausuleerde aanvallen op ‘de media’ zo gevaarlijk. Ze maken een bron van pluriformiteit, van verschil van inzicht, van debat, verdacht. Wie het alleenrecht op de feiten meent te hebben gaat die naar zijn hand zetten. Die stopt met inhoudelijk argumenteren.

Nu is er gelukkig ook goed nieuws. De verdacht gemaakte nieuwsbronnen, de New York Times, The Guardian, ze groeien als kool. CNN is felbegeerde handelswaar geworden. De waardering voor Trump komt niet verder dan de harde kern van zijn aanhang. Wat we meemaken is een cultuurstrijd, die alles en iedereen voor een keuze plaatst. Ik heb mijn eerste donatie aan The Guardian al overgemaakt.

Jacques Wallage

Jacques Wallage is gasthoogleraar "Transities in het Openbaar Bestuur" aan de Faculteit Gedrags- en Maatschappij Wetenschappen, Rijksuniversiteit Groningen

Laatst gewijzigd:11 december 2017 11:46