Publication

Social phobia and personality disorders: Comorbidity and treatment issues

van Velzen, C. J. M. 2002 [S.l.]: s.n.. 171 p.

Research output: ThesisThesis fully internal (DIV)

Copy link to clipboard

Documents

  • c6.pdf

    Final publisher's version, 1 MB, PDF-document

  • c2.pdf

    Final publisher's version, 264 KB, PDF-document

  • c4.pdf

    Final publisher's version, 225 KB, PDF-document

  • c9.pdf

    Final publisher's version, 205 KB, PDF-document

  • samenvat.pdf

    Final publisher's version, 144 KB, PDF-document

  • thesis.pdf

    Final publisher's version, 3 MB, PDF-document

  • c7.pdf

    Final publisher's version, 190 KB, PDF-document

  • c1.pdf

    Final publisher's version, 305 KB, PDF-document

  • c8.pdf

    Final publisher's version, 222 KB, PDF-document

  • referenc.pdf

    Final publisher's version, 226 KB, PDF-document

  • c5.pdf

    Final publisher's version, 954 KB, PDF-document

  • c3.pdf

    Final publisher's version, 198 KB, PDF-document

  • titlecon.pdf

    Final publisher's version, 194 KB, PDF-document

  • C.J.M. van Velzen
Dit proefschrift bevat twee literatuuroverzichten en zes empirische onderzoeken naar de comorbiditeit van sociale fobie en persoonlijkheidsstoornissen. De nadruk ligt hierbij op diagnostiek en behandeling. Het onderzoek begon in 1990 met het uitgangspunt dat exposure in vivo een effectieve behandelingsstrategie is voor mensen met een sociale fobie. Echter, gematigd enthousiasme bleek op zijn plaats vanwege de grote verschillen in effectiviteit tussen de onderzoeken en de, veelal aanzienlijke, percentages mensen die voortijdig met de behandeling stopten. Voor deze twee bevindingen werden verschillende verklaringen gepostuleerd: de heterogeniteit van de diagnose sociale fobie (sociale fobie is onder te verdelen in een drietal subtypes), de comorbiditeit met andere as I stoornissen (angst- en depressieve stoornissen) en de comorbiditeit met persoonlijkheidsstoornissen. Wat betreft het laatste punt, de comorbiditeit met persoonlijkheidsstoornissen, valt vooral de relatie tussen de sociale fobie en de vermijdende persoonlijkheidsstoornis op. Beide stoornissen kennen grote overeenkomsten tussen de criteria die de stoornissen definieren (DSM-III-R): het belangrijkste kenmerk betreft de angst om negatief beoordeeld te worden, met als gevolg vaak vermijding van situaties waarin deze beoordeling gevreesd wordt. Met name het beeld van één van de subtypes, de gegeneraliseerde sociale fobie, heeft grote overeenkomsten met de vermijdende persoonlijkheidsstoornis wat betreft cognities, gedrag, emoties en gevolgen van de stoornis. In de verschillende hoofdstukken keert regelmatig het punt van de validiteit van persoonlijkheidsstoornissen terug. We gingen in ons onderzoek uit van de definitie volgens de DSM-III-R waarbij een categoriale indeling van persoonlijkheidsstoornissen werd gebruikt. Dit houdt in dat de stoornis, afhankelijk van het aantal criteria waaraan voldaan wordt, aanwezig of afwezig is. Over deze visie wordt veel gediscussieerd, en in recent onderzoek worden steeds meer dimensionale persoonlijkheidstrekken naast de persoonlijkheidsstoornissen meegenomen.
Original languageEnglish
QualificationDoctor of Philosophy
Awarding Institution
Supervisors/Advisors
  • Luteijn, F., Supervisor, External person
Award date12-Sep-2002
Place of Publication[S.l.]
Publisher
Print ISBNs90-901-5987-8
StatePublished - 2002

View graph of relations

Download statistics

No data available

ID: 1446128