Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

In Memoriam eredoctor Leo Vroman

27 februari 2014

Op verzoek van de decaan van de Faculteit der Letteren heeft emeritus hoogleraar J.J.A. Mooij, erepromotor van Leo Vroman in 1989, persoonlijke herinneringen opgehaald.

Op zaterdag 22 februari overleed Leo Vroman in zijn woonplaats Fort Worth in Texas. Hij was 98 jaar oud.

Vroman was een gevierd dichter en een kundig bioloog, wiens naam voortleeft in het zogeheten ‘Vroman-effect’, een verschijnsel dat bij bloedstolling optreedt. Zijn poëzie is echter een en al bewegelijkheid, vloeibaar in diverse opzichten, speels en verrassend, bij tijden zelfs wat surrealistisch en lang niet altijd liefelijk. Zijn eerste gedichten publiceerde hij in de jaren dertig van de vorige eeuw, zijn twee laatste bundels verschenen in 2011 (Daar) en 2013 (Die vleugels). Hij schreef ook proza en was een begenadigd tekenaar, van wiens tekeningen in 2010 een tentoonstelling werd gemaakt, die door Robbert Dijkgraaf werd geopend. Hij werd vele malen onderscheiden. Zo ontving hij de zilveren Akademiepenning van de KNAW, en precies 50 jaar geleden, in 1964, de P.C. Hooftprijs voor zijn poëzie.

En precies vijfentwintig jaar geleden ontving hij een eredoctoraat van onze universiteit op voorstel van de Faculteit der Letteren, in hoofdzaak voor zijn poëzie, maar ook omdat hij op voorbeeldige wijze kunst en wetenschap met elkaar combineerde. Dat was dus bij het 375-jarig bestaan, het vorige grote lustrum, toen in totaal zeven personen een eredoctoraat ontvingen, onder wie behalve Vroman de Russische kernfysicus Andrej Sacharov, die een eredoctoraat in de rechten kreeg vanwege zijn hardnekkige strijd voor de mensenrechten in de Sovjet-Unie. Leo Vroman vond het een bijzondere ervaring hem te ontmoeten. Hij heeft ook verder van de dagen die hij samen met zijn vrouw Tineke in Groningen doorbracht genoten, en anderzijds was het ook voor degenen die hem toen hebben leren kennen een plezier om hem mee te maken. Aan hem was de taak om namens de eredoctores een dankwoord uit te spreken en hij deed dat met verve. Hij sprak van tevoren met alle betrokkenen zodat hij een tekst kon maken waarin ieders werk kort werd gememoreerd. “All of us, I think”, zo concludeerde hij, “are most concerned with one disease that distorts the human mind, and that is hatred.” Tot de koningin, die de zitting in de Martinikerk bijwoonde, richtte hij zich met de aanhef “Your Majesty, dear Beatrix”. Deze toespraak maakte veel indruk.

In de jaren daarna hebben mijn vrouw en ik contact met het echtpaar Vroman gehouden. Eenmaal, in 1994, hebben wij hen in Amerika bezocht. Vroman was joods en in de meidagen van 1940 was hij nog juist op tijd naar Engeland ontkomen vanwaar hij naar Nederlands-Indië was gegaan. Ondanks gevangenschap en dwangarbeid, de laatste jaren in Japan, overleefde hij de oorlog, maar hij keerde nooit naar Nederland terug om zich hier te vestigen. “Liever heimwee dan Holland” was een befaamde uitdrukking van hem. Hij ging naar New York, waar hij een functie kreeg als bioloog voor bloedonderzoek op een medisch laboratorium; daar kon hij nog na zijn pensionering dankzij een onderzoekbeurs een tijdlang doorwerken, wat hij geweldig vond. Wij werden hartelijk door hen beiden in hun huis in Brooklyn, dichtbij de zee gelegen, ontvangen. Vroman was toen al volop voor de computer gewonnen en in die tijd was hij gefascineerd door fractalen, waarvan hij ons het een en ander vertoonde.

Sindsdien hielden wij schriftelijk contact, uiteraard vooral per email, niet intensief, maar dat lag niet aan hem, want hij antwoordde altijd onmiddellijk. Een dierbare herinnering koesteren wij aan zijn reactie op het overlijden van onze oudste dochter. Hij deed, met de aantekening dat dit voor haar nagedachtenis was, een ruimhartige gift aan een doel dat haar ter harte ging.

De dood hield hem al geruime tijd bezig. Hij had er vrede mee en speculeerde in zijn gedichten nu en dan over wat er nadien met ‘hem’ zou gebeuren. In elk geval leeft hij voort in de weemoed en bewondering waarmee veel Nederlandse poëzieliefhebbers hem zullen gedenken. Het is vreemd, ondanks die afwezigheid van meer dan zeventig jaar is hij in hogere zin nooit uit Nederland weggeweest. Hij bleef aanwezig. Uniek en onnavolgbaar, en tegelijk aansprekend en ontroerend. In zijn werk liet hij een bijzonder monument achter, een monument dat niets monumentaals heeft, maar niettemin de vergankelijkheid trotseert.

Vroman
Laatst gewijzigd:10 juli 2014 14:54

Meer nieuws