Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Dr. Jana Knot-Dickscheit: ‘Geplande transitie jeugdzorg leidde al tot veel positieve ontwikkelingen’

21 februari 2014

De geplande transitie van de jeugdzorg is onderwerp van tal van discussies, meningen en verwijten over en weer. De inhoudelijke discussie verdwijnt daarmee ten onrechte naar de achtergrond, stelt dr. Jana Knot-Dickscheit, onderzoeker en docent van de afdeling Orthopedagogiek bij de Rijksuniversiteit Groningen. ‘De Jeugd-ggz is al ver op weg in het vinden van constructieve oplossingen.’

Jana Knot-Dickscheit
Jana Knot-Dickscheit

De transitie van de jeugdzorg betekent dat de zorg straks onder de verantwoordelijkheid van de gemeenten valt. Het recht op zorg verandert in ‘een plicht tot zorg’ door de gemeenten. In de nieuwe wetgeving zal de nadruk veel meer komen te liggen op preventie en op lichte vormen van hulp, om daarmee zo veel mogelijk te voorkomen dat kinderen en gezinnen zo diep in de problemen raken dat zij specialistische hulp nodig hebben.

Uitdaging

Een ander sleutelbegrip is ‘samenwerking’. Er wordt aangedrongen op samenwerking tussen verschillende instellingen, met als doel direct de juiste hulp te kunnen bieden. Daarnaast heeft de overheid de intentie 450 miljoen te besparen op de zorg voor jeugd. Omdat nog erg onzeker is hoe gemeenten de hulp straks inrichten en inkopen, of dat straks allemaal wel zal werken en welke concrete uitwerkingen de wetswijzingen zullen hebben, is er enige onrust ontstaan binnen de hulpverlening, maar ook bij ouders. De cruciale vraag is: hoe kunnen wij zorg aan jeugd efficiënter uitvoeren - dus tegen lagere kosten - mét behoud van kwaliteit? Dat is een uitdaging voor zorgaanbieders en gemeenten.

Gezamenlijke zorg

In de afgelopen decennia is veel vooruitgang geboekt in hulp aan kinderen en ouders. Er werken in de jeugdzorg en de (jeugd)ggz onder meer goed opgeleide en bedreven pedagogen, orthopedagogen, psychologen en psychiaters. Het bieden van zorg wordt steeds meer als een gezamenlijk besluitvormingsproces gezien, waarbij de meningen, voorkeuren en ervaringen van kinderen en ouders een belangrijke rol spelen, evenals de expertise van hulpverleners en de wetenschappelijk onderbouwde kennis over ‘wat werkt het beste voor wie’.

Positieve ontwikkelingen

De transitieperikelen hebben gelukkig niet alleen geleid tot petities en verzet, als uiting van deels terechte grote bezorgdheid. Er is namelijk ook veel positieve inzet vanuit de jeugd-ggz: er worden veel minder kinderen in klinieken opgenomen, behandelingen zijn verbeterd, instellingen werken beter samen, bijvoorbeeld met Centra voor Jeugd en Gezin en scholen. Ik zie mooie innovatieprojecten om samenwerking tussen hulpverleners te bevorderen. In samenspraak met zorgverzekeraars vindt behandeling nu plaats op basis van een inschatting van de zorgzwaarte en niet op basis van ‘labelen’ (d.w.z. een psychiatrische diagnose geven om in aanmerking te komen voor verzekerde zorg). Er zijn fraaie voorbeelden van samenwerking met universiteiten, waarbij onderzoek naar de effectiviteit van hulpverlening plaatsvindt.

Behoud van kwaliteit essentieel

Behoud van kwaliteit van de zorg is de inzet van de gemeenten. Maar hoe onderscheid je kwaliteitsaanbieders van ‘beunhazen’? Hoe onderscheid je ‘nieuw en anders’ van ‘gedegen doorontwikkelend’? Het toepassen van en deskundig controleren op kwaliteitsstandaarden is essentieel. Worden behandeluitkomsten gemeten en gemonitord, worden behandelingen gegeven op basis van wetenschappelijke inzichten, zijn cliënten tevreden met de geboden zorg, zijn hulpverleners voldoende opgeleid en kunnen zij werken onder omstandigheden die hen (bij)scholing, supervisie en intervisie garandeert? Het is de taak van zorgaanbieders zich te verbinden aan deze kwaliteitsstandaarden. Binnen de (jeugd-)ggz is men daarmee al ver op weg.

Jana Knot-Dickscheit is onderzoeker en docent aan de afdeling Orthopedagogiek van de Rijksuniversiteit Groningen, en gedeeltelijk gedetacheerd bij GGz-instelling Molendrift als onderzoeker en cognitief gedragstherapeut.

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:10
printView this page in: English

Meer nieuws