Skip to ContentSkip to Navigation
Over onsNieuws en agendaNieuwsberichten

Mr.dr. Nico Kwakman: ‘Aandacht voor slachtoffer in strafzaken wordt te groot’

20 februari 2013

De rol van het slachtoffer in strafzaken dreigt zo groot te worden dat de essentie van het strafrecht erdoor wordt aangetast. Want een strafproces is een zaak tussen overheid en verdachte en dat moet zo blijven. Dat stelt universitair docent strafprocesrecht Nico Kwakman van de Rijksuniversiteit Groningen. Vooral wanneer slachtoffers tijdens de zitting ook een zegje mogen doen over de strafmaat, wordt er wat hem betreft een grens overschreden. ‘Het is goed dat de zorg voor slachtoffers van delicten als een publieke verantwoordelijkheid wordt beschouwd, maar zij kunnen alleen een rol vervullen in het strafproces als daarmee de functies en de uitgangspunten van het strafprocesrecht geen geweld wordt aangedaan.’

Nico Kwakman
Nico Kwakman

In 2005 werd het spreekrecht voor slachtoffers en nabestaanden van misdrijven ingevoerd. Zij mogen sindsdien tijdens de rechtszitting vertellen welke gevolgen zij hebben ondervonden van het misdrijf. Kwakman: ‘Dat voorzag in een behoefte, al was het maar de opluchting om het verhaal eens te doen. Maar de druk van de publieke opinie, die meer solidariteit eist met het slachtoffer, leidt ertoe dat de politiek de rol van slachtoffers in het strafprocesrecht steeds verder wil uitbreiden.’

Spreekrecht oprekken

Zo is sinds september ook spreekrecht gegund aan bijvoorbeeld ouders van jonge kinderen. Dat is nu wettelijk geregeld. Een aantal leden van de Tweede Kamer wil daarnaast het spreekrecht ook inhoudelijk oprekken, zegt Kwakman. ‘Minister Opstelten en staatssecretaris Teeven van Justitie vinden zelfs dat het slachtoffer centraal moet staan in het strafproces. Alsof de verdachte nu wel lang genoeg de hoofdrol heeft gespeeld. Maar dat gaat er aan voorbij dat het in het strafproces primair gaat om een ‘rechtsstrijd’ tussen het Openbaar Ministerie en de verdachte, en niet om een rechtsstrijd tussen slachtoffer en verdachte. Dat beschermt de verdachte namelijk tegen bijvoorbeeld mateloosheid en eigenrichting.’

Verontrustende tendens

Het kabinet heeft aangekondigd dat de rol van het slachtoffer in strafzaken moet worden uitgebreid en onderzoekt nu hoe en waar dat kan. Kwakman: ‘Zo wordt onderzocht of een strafproces in tweeën moet worden gesplitst, waarbij de rechter eerst een uitspraak doet over de schuld van de verdachte waarna vervolgens de straf aan de orde komt, met daarin nadrukkelijk een rol voor de slachtoffers.’

‘Zo’n grotere rol kan daarnaast bijvoorbeeld gestalte krijgen in een veel uitvoeriger statement, waarbij slachtoffers ook hun oordeel geven over de gang van zaken in het strafproces, of de straf die de verdachte verdient. Dat is een verontrustende tendens, want als de geest eenmaal uit de fles is, krijg je hem er niet meer in. We lopen het risico dat de fundamenten van het strafproces onderuit worden gehaald.’

Grens

Volgens Kwakman moet goed worden gekeken naar de bevoegdheden die het slachtoffer wel en niet mag krijgen in het strafproces. ‘Het spreekrecht kan nog wat worden uitgebreid, maar de grens ligt wat mij betreft bij uitlatingen over de strafmaat. Dat gaat mij echt te ver. Het wekt de indruk dat de rechter daar iets mee kan, terwijl dat niet zo is. Daarnaast ben ik ook tegen het recht van het slachtoffer en nabestaanden om een strafzaak in gang te kunnen zetten. In België bestaat die mogelijkheid wel, overigens zonder dat het slachtoffer zich inhoudelijk mag bemoeien met de strafrechtelijke procesgang. In Nederland kan het slachtoffer een artikel 12-procedure starten. Daarmee kan hij indirect invloed uitoefenen op de vervolgingsbeslissing. Voor het overige moet de beslissing om te vervolgen wat mij betreft aan professionals worden overgelaten.’

Waarborgen

Kwakman vreest dat de opvatting waarbij het slachtoffer centraal moet staan in het proces een onomkeerbare ontwikkeling in gang zet, waarbij de waarborgen jegens verdachten op de achtergrond raken. ‘Een strafproces is ervoor bedoeld om op de meest gewetensvolle manier een verdachte te berechten. Om mateloosheid in te dammen, wraakgevoelens te kanaliseren. Ik juich meer rechten voor het slachtoffer alleen maar toe, maar niet ten koste van de waarborgen voor de verdachte.’

Curriculum vitae

Nico Kwakman (1950) is universitair docent straf(proces)recht bij de Faculteit Rechtsgeleerdheid. Hij promoveerde in 2003 op een proefschrift over schadecompensatie in het strafprocesrecht. Kwakman verricht onderzoek naar onder meer jeugdstraf(proces)recht, de deskundige in het strafproces, schadecompensatie in het strafproces, terrorisme, de verhouding bestuursrecht-strafrecht en de verhouding tussen wetenschap en recht. Ook is hij coördinator van de minor Misdaad en Straf aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Laatst gewijzigd:15 september 2017 15:10
printOok beschikbaar in het: English

Meer nieuws